|
|
|
|
|
|
|
|
|
De studeerbaarheid van een opleiding wordt verdeeld in twee
meetbare aspecten: de studieomvang en studietijd. De studieomvang van elke opleiding moet aan formele eisen voldoen die decretaal
zijn vastgelegd: elke bacheloropleiding omvat tenminste 180 studiepunten en elke
master- en master na master-opleiding ten minste 60 studiepunten. Eén studiepunt
komt in Vlaanderen overeen met 25 tot 30 uren studietijd, wat impliceert dat een
student jaarlijks 1500 tot 1800 uren zou moeten investeren in zijn studie. Deze
totale reële tijd dat een student aan zijn opleidingsprogramma besteedt, wordt studietijd genoemd en omvat tijd
besteed aan hoorcolleges, practica, verhandelingen, zelfstudie, studeren voor
en afleggen van examens, enz.
Omdat de wettelijke opgelegde studietijd 1500 tot 1800
studieuren moet bedragen, is het meten van studietijd en studiebelasting een
aspect van onderwijskwaliteit. Er lopen momenteel aan de Universiteit Antwerpen
verschillende projecten om de studietijd nauwkeurig te bepalen.
meer
|
|
|
|
|
|
|
|