Bronnen en beginselen van het recht
|
|
|
| Academiejaar: | 2010-2011 | | Code opleidingsonderdeel: | 1BREC-26 | | Semester: | 1e semester | | Studiepunten: | 7 | | Uren Studietijd: | 196 | | Uren theorie: | 52,00 | | Uren praktijk: | 8,00 | | Uren andere: | | | Deeltijds programma: | | | Titularis(sen) | Jan Velaers
| | Taal waarin de cursus wordt gedoceerd: | Nederlands | | Info semesterexamen: | examen in het 1ste semester | | Info contractrestrictie: | |
1. Aanvangscompetenties (begintermen) *Algemene competenties - Eindtermen middelbaar onderwijs
*Volgtijdelijkheid Niet gedefinieerd
2. Eindcompetenties (eindtermen) De student heeft inzicht in het wezen van het recht en in de verhouding van het recht tot de moraal. Hij heeft een gedegen kennis over de bronnen van het objectief recht (wetgeving, rechtspraak, rechtsleer, gewoonte, algemene rechtsbeginselen, billijkheid), zowel op nationaal als op internationaal en Europees vlak. Hij is in staat het recht te evalueren in het licht van de beginselen van behoorlijke regelgeving en van behoorlijke rechtsbedeling. Hij vat de samenhang tussen de verschillende bronnen van het recht en weet ook op welke wijze conflicten ertussen worden beslecht. Hij beschikt over gedegen kennis over de basiselementen van het subjectief recht (het rechtssubject, de soorten subjectieve rechten, het ontstaan, de uitoefening en het tenietgaan ervan). Hij heeft een gedegen kennis over de essentiële elementen van de specifieke bronnen en beginselen eigen aan de diverse domeinen van recht. (rechtstakken) Hij hanteert een accuraat juridisch taalgebruik. De student is in staat de basisteksten in het wetboek te vinden.
3. Inhoud Deze cursus beoogt een inzicht te geven in het rechtssysteem. Het recht wordt geacht gericht te zijn op het tot stand brengen van een 'rechtszekere' en 'rechtvaardige' ordening van het samenleven van mensen, door het opleggen van regels, het toepassen en handhaven ervan.
Na een algemene inleiding over het wezen van het recht, bevat de cursus drie delen: -In een eerste deel worden de verschillende bronnen van het objectief recht - wetgeving, rechtspraak, rechtsleer, gewoonte, billijkheid en algemene rechtsbeginselen - onderzocht. -In het tweede deel wordt het subjectief recht ontleed (rechtssubject, rechtsobject, soorten subjectieve rechten, ontstaan uitoefening en tenietgaan) -Tenslotte worden de basisbeginselen en specifieke bronnen van de verschillende rechtstakken besproken.
De student wordt vertrouwd gemaakt met de bouwstenen van het rechtssysteem en maakt aldus ook kennis met de basisbegrippen van de juridische taal.
4. Werkvormen Contactmomenten: Hoorcolleges
5. Evaluatievormen Examen: Schriftelijk met mondelinge toelichtingGesloten boekOpen vragen
6. Noodzakelijk studiemateriaal - Een studentencodex naar keuze, maar niet-geannoteerd. - J. Velaers, Bronnen en Beginselen van het Recht, Universitas-cursusdienst (2008)
7. Facultatief studiemateriaal In het cursusmateriaal staan aanbevelingen voor verdere lectuur.
8. Studiebegeleiding
Volgende studiebegeleiding wordt aangeboden:
- mondelinge studiebegeleiding voor en na de colleges en op afspraak bij de docent en de assistenten S. Mercelis en A. Mortelmans -drie collectieve repitities
Proefexamens: In de loop van de maand december worden proefexamens georganiseerd. De studenten zijn niet verplicht hieraan deel te nemen. Het is een aanbod waarop ze vrijwillig kunnen ingaan.
Er wordt geen studiebegeleiding per e-mail aangeboden.
laatste aanpassing: laatste aanpassing: 30/09/2010 10:22 ilke.franquet
|
|
|