> Cemis
Onderzoeksrapporten

De onderzoeksrapporten van CeMIS en haar medewerkers zijn gratis downloadbaar van deze website.

  • Descheemaeker Liesbeth, Heyse Petra, Wets Johan, Clycq Noel & Timmerman Christiane. - Partnerkeuze en huwelijkssluiting van allochtone mannen. Een kwantitatieve en kwalitatieve analyse van het partnerkeuzeprojoect en het huwelijk van Marokkaanse, Turkse en sikhmannen, 2009. - 177 p.

    Het rapport kunt u downloaden in het Nederlands [pdf] en in het Frans [pdf].
  • Mahieu Rilke, Timmerman Chris, Vanheule Dirk. - De genderdimensie in het Belgische en Europese asiel- en migratiebeleid. – Brussel: Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen, 2010. - 151 p. - D/2010/10.043/20 - [pdf]

  • Mahieu Rilke, Timmerman Chris, Vanheule Dirk. - La dimension de genre dans la politique belge et européenne d’asile et de migration. – Bruxelles : Institut pour l’égalité des femmes et des hommes, 2010. - 156 p.  - D/2010/10.043/19 - [pdf]
  • “Welke recht op onderwijs voor kinderen in precair verblijf? Een analyse van de situatie van kinderen zonder wettig verblijfsstatuut of met een precair verblijfsstatuut in het lager onderwijs in België.” (UCARE, Undocumented children and the right to education)

    Het Nederlandstalige rapport kan u hier gratis downloaden in PDF. De Franstalige versie vindt u hier terug. De bijlagen vindt u hier (NL) en hier (FR). De samenvatting van het rapport hier (NL) en hier (FR).

  • Medisch en verpleegkundig personeel met buitenlands diploma en/of herkomst in België: een kwantitatieve en kwalitatieve verkenning

    Het rapport kan u hier gratis downloaden in PDF.


  • De structuur en werking van allochtone vrouwenverenigingen
    CeMIS en het Steunpunt Gelijkekansenbeleid voerden in opdracht van minister voor gelijke kansen Van Brempt een onderzoek naar de structuur en werking van allochtone vrouwenverenigingen in Vlaanderen. Meer concreet werd middels een kwalitatief onderzoek achterhaald hoe lokale Marokkaanse, Turkse en Russischtalige sociaal-culturele (vrouwen)verenigingen en vrouwenwerkingen binnen moskeeën de bestaande beleidsstructuren en voorzieningen ervaren. Gezien de grote impact van de lokale context, werd het veldwerk in Antwerpen, Genk en Gent uitgevoerd.

    Het rapport kan u hier gratis downloaden in PDF.


  • EVC/EVK-praktijken, diplomagelijkwaardigheid & diplomaverwerving voor (vrouwelijke) nieuwe migranten: een accent op élk talent!?
    De erkenning van niet-formeel en informeel leren begint in Vlaanderen stilaan de kinderschoenen te ontgroeien. Het gestructureerd denken over levenslang leren en over elders en eerder verworven competenties of de erkenning van verworven competenties in het algemeen vangt grosso modo rond het jaar 2000 aan. Na een verkennende fase waarbij de aandacht in de eerste plaats ging naar een algemene beschrijving over de voor- en nadelen van de erkenning van verworven compe­tenties volgde een fase van beleidsintenties en actieplannen. In de daaropvolgende fase met pilootprojecten en initiatieven in verschillende beleidsdomeinen zitten we nu in een fase waarbij de resultaten van al deze initiatieven vorm krijgen.

    De centrale onderzoeksvraag betreft het organisatorisch aspect van het EVC/EVK- gebeuren op de arbeidsmarkt en het hoger onderwijs: welke rol spelen de betrok­ken instanties; welke knelpunten worden er geformuleerd en welke ‘(good) practi­ces’ zijn er (eventueel in het buitenland)? De transversale onderzoeksvraag met betrekking tot het genderaspect kan opgedeeld worden naar een aantal deelvragen: welke specifieke problemen zijn er voor vrouwelijke nieuwkomers (bv. in de toe­gang tot het hoger onderwijs); welke aanzetten zijn er te vinden in het ontwikke­len van cultuur‑ en genderneutrale (opleidings‑ of beroeps)standaarden? Het onderzoek is grotendeels een ‘desk-research’ van bestaande literatuur en een ana­lyse van bestaande kwalitatieve en kwantitatieve databanken in combinatie met gesprekken met sleutelfiguren binnen de diverse domeinen.

    Het rapport kan u hier gratis downloaden in PDF.

  • Onderzoek naar de evaluatie van het Vlaamse inburgeringsbeleid
    Vlaanderen ontvangt jaarlijks meer dan 20.000 nieuwkomers. Immigratie maar vooral de integratie van nieuwkomers, kwam de voorbije jaren dan ook hoog op de Vlaamse politieke agenda te staan. De Vlaamse overheid wil via het inburgeringsdecreet aan nieuwkomers de eerste periode van hun verblijf een aangepast onthaal aanbieden. Het inburgeringstraject dat aan nieuwkomers aangeboden wordt, bestaat uit een vormingsprogramma met drie componenten: maatschappelijke oriëntatie, loopbaanoriëntatie en Nederlandse taallessen, ondersteund door trajectbegeleiding (primair traject). Dit primair traject wordt afgesloten bij de overdracht van de nieuwkomer naar een reguliere voorziening voor een vervolgtraject (secundair traject).

Aan de onderzoeksploegen werd de opdracht gegeven om na te gaan in welke mate het inburgeringsprogramma de vooropgestelde doelstellingen bereikt. Deze vraag wordt vanuit twee invalshoeken beantwoord: het institutionele perspectief en het gebruikersperspectief.

Dit onderzoek resulteerde in drie deelrapporten in PDF.
In een eerste deelrapport ‘Wat is inburgering in Vlaanderen’ (Wets, 2007) wordt het concept ‘inburgering’ verder uitgewerkt.
Het tweede deelrapport 'Diversiteit in integratie. Een evaluatie van de vormgeving, efficiëntie en effectiviteit van het Vlaamse inburgeringsbeleid' heeft betrekking op de institutionele evaluatie. In dit deelrapport wordt het inburgeringsbeleid in Vlaanderen geschetst en geëvalueerd.
Het derde deelrapport ‘Hoe wordt het inburgeringsbeleid geapprecieerd? Evaluatie vanuit het perspectief van de nieuwkomers’ (Geets, Van den Eede, Wets, Lamberts & Timmerman, 2007) omvat de evaluatie van het inburgeringsbeleid vanuit de gebruikers zelf.
Het syntheserapport brengt de bevindingen uit de verschillende deelrapporten samen en formuleert globale conclusies en aanbevelingen.


  • Liefde kent geen grenzen: Een Kwantitatieve en Kwalitatieve Analyse van huwelijksmigratie vanuit Marokko, Turkije, Oost Europa en Zuid Oost Azië
    Huwelijksmigratie is een begrip dat vele ladingen dekt. We zien recentelijk een aantal migratiestromen uit andere regio's opduiken, zoals Zuidoost Azië en Oost-Europa. Dat men een partner in het buitenland zoekt, is een normale evolutie in een steeds meer globaliserende wereld. Dat er zich in de marge fenomenen als schijnhuwelijken of gedwongen huwelijken voordoen, staat buiten kijf. Deze fenomenen zijn echter niet tekenend voor het geheel van huwelijksmigratie.

    De onderzoeksploegen werden geconfronteerd met de vragen in welke mate de bovenvernoemde groepen van elkaar verschillen? Is het mogelijk aparte profielschetsen voor deze groepen uit te tekenen? Op deze vragen werd een antwoord gezocht aan de hand van een gemengde onderzoeksmethodologie. Zowel kwantitatieve data als kwalitatieve diepte-interviews met respondenten uit de verschillende doelgroepen zelf, werden in ogenschouw genomen. De studie schetst een evenwichtig en genuanceerd beeld van huwelijksmigratie, waarbij de klemtoon vooral ligt op migratie in het kader van een huwelijk vanuit Oost-Europa en Zuidoost Azië.

    Het onderzoeksteam bestond uit medewerkers van het Centrum voor Migratie en Interculturele Studies (Universiteit Antwerpen), de Onderzoeksgroep Armoede Sociale Uitsluiting en de Stad (Universiteit Antwerpen) en het Hoger Instituut voor de Arbeid (K.U. Leuven). Het onderzoek werd uitgevoerd in opdracht van het Centrum voor gelijkheid van kansen en racismebestrijding en gefinancierd door de POD Wetenschapsbeleid.

    Het rapport kan u hier gratis downloaden in PDF.

 
Inhoudsverantwoordelijke(n) : dirk.vanheule ina.lodewyckx joris.wauters noel.clycq