Start | Personen | Google | Route | Contact | AfdrukkenLogin 
Opleidingsonderdelen 2007-2008  
    

Geschiedenis van de nieuwe tijd (tweejaarlijks, even jaren)
 
Academiejaar:2007-2008
Code opleidingsonderdeel:FLWG002840
Semester:2e semester
Studiepunten:6
Uren Studietijd:168
Uren theorie:45,00
Uren praktijk:
Uren andere:
Deeltijds programma:1/2
Titularis(sen)Bruno Blondé
Taal waarin de cursus wordt gedoceerd:Nederlands
Info semesterexamen:semesterexamen in juni
Info contractrestrictie:



1. Aanvangscompetenties (begintermen)
*Algemene competenties
De studenten dienen voor dit vak de eindtermen geschiedenis bereikt te hebben van het secundair onderwijs.



*Volgtijdelijkheid





2. Eindcompetenties (eindtermen)
De student beschikt
- over een basiskennis van en inzicht(en) in de geschiedenis van de nieuwe tijd met een sterke klemtoon op de Europese geschiedenis;

De student kan
- zich op basis van de informatie, verzameld uit een veelheid aan bronnen zich een coherent beeld vormen van de status quaestionis van bepaalde problemen en debatten met betrekking tot de geschiedenis van de nieuwe tijd
- een aantal theorieën uit de gedrags- en menswetenschappen toepassen op de geschiedenis van de nieuwe tijd
- problemen met betrekking tot de geschiedenis van de nieuwe tijd analyseren en synthetiseren
- de complexe vakliteratuur met betrekking tot de geschiedenis van de nieuwe tijd in de belangrijkste Europese talen (Frans, Duits, Engels) volgen

De student heeft
- een door deze cursus gestimuleerde wetenschappelijke nieuwsgierigheid en kennishonger naar de geschiedenis van de nieuwe tijd;
- een door deze cursus verder ontwikkelde kritische houding en attitude ten aanzien van bronnen, overgeleverde kennis, opinies, methodes, theorieën en concepten;
- een alertheid voor de ontwikkelingen binnen het vakgebied van de geschiedenis van de nieuwe tijd;
- een grote, algemene interesse voor de actuele samenleving en de historische wortels van haar problemen in de meest brede betekenis van het begrip;
- de attitude om deel te nemen aan het wetenschappelijke debat rond de geschiedenis van de nieuwe tijd;
- de attitude om het bredere maatschappelijke debat, met de kennis en vaardigheden, te verrijken en herijken vanuit een historische invalshoek, de geschiedenis van de nieuwe tijd in het bijzonder;




3. Inhoud

Cursus

In deze cursus behandelen we enkele sleutelthema's uit de geschiedenis van de Europese samenleving in de nieuwe tijd. De wording van nationale staten en de hervorming van religie, van mens- en wereldbeeld onder invloed van ontdekkingen, reformatie en wetenschappelijke ontwikkelingen kunnen beschouwd worden als hefbomen van het moderniseringsproces van de Europese samenleving. Anderzijds relativeren thema's zoals de collocaties, de groeiende criminalisering van maatschappelijk ongewenst gedrag en de heksenvervolgingen het vooruitgangsoptimisme dat impliciet in het moderniseringsparadigma ingebakken zit. De colleges zijn thematisch opgevat.

Lectuurcolleges

Maarten Van Dijck

 

Bij de cursus geschiedenis van de nieuwe tijd hoort een reader met verschillende teksten die door de studenten moeten worden verwerkt. Centraal staat het thema ‘interculturele uitwisseling’. De globalisering van de wereld is immers één van de meest fundamentele processen van de nieuwe tijd. Voor de eerste keer in de wereldgeschiedenis ontstonden er intensieve en blijvende contacten tussen de oostelijke en de westelijke hemisfeer.

 

Elke twee weken wordt van de studenten verwacht dat ze minstens één tekst lezen. De inhoud van de teksten behoort niet tot de stof voor het mondelinge examen, maar elke week moeten de studenten een kort essay van twee bladzijden over de gelezen tekst schrijven. Daarbij is het niet de bedoeling een gewone samenvatting van de inhoud te maken, maar kritische beschouwingen te maken, aanvullingen te geven en vergelijkingen te trekken met andere teksten, hoorcolleges of andere vakken. Het is de bedoeling dat de studenten op deze manier aantonen dat ze de teksten niet alleen hebben gelezen, maar dat ze ook de inhoud begrijpen en kunnen plaatsen binnen hun globale kennis. De essays moeten op twee momenten gegroepeerd worden ingeleverd.

 

De lessen ‘Geschiedenis van de nieuwe tijd’ beginnen de week van 11 t.e.m. 15 februari, maar de bespreking van de teksten start pas de week van 18 t.e.m. 22 februari 2007. De essays over de eerste drie teksten moeten worden ingeleverd vóór woensdag 26 maart 2008. De bespreking van de resterende vier teksten moeten ten laatste op vrijdag 16 mei 2008 via Blackboard worden ingeleverd. De computer zal er per student twee teksten uitpikken die door de docent worden gequoteerd voor het examen. Volgende onderwerpen komen in de reader aan bod:

  • Periodisering van de geschiedenis (20 februari 2008): Traditioneel laat men de geschiedenis van de nieuwe tijd starten met een aantal belangrijke transformaties in de Europese geschiedenis zoals de ontdekking van de boekdrukkunst, de verspreiding van de reformatie of de opkomst van de Renaissance, maar het is nog maar de vraag of dergelijke periodisering ook standhoudt vanuit een wereldhistorische visie.
    Lectuur: K.N. Chaudhuri, Asia before Europe: economy and civilisation of the Indian Ocean from the Rise of Islam to 1750, Cambridge, 1990, hoofdstuk ‘The structure of time and history’, p. 92-111.
  • Economische transformaties (5 maart 2008): de globalisering van de wereld wordt vandaag vaak vooral in economische termen worden beschreven. Volgens een aantal auteurs lagen de wortels van onze hedendaagse globale economie in de nieuwe tijd. Lange tijd namen auteurs aan dat in deze periode ook de grondslag werd gelegd voor het succes van de Europese economie, maar recent onderzoek (Pommeranz, Bozhong Li) zet dergelijke eurocentrische visie op de helling.
    Lectuur: Kenneth Pomeranz, The great divergence: China, Europe, and the making of the modern world economy, Princeton, 2000, p. 31-68.
  • Ecologische uitwisselingen (19 maart 2008): biologische veranderingsprocessen werden lange tijd genegeerd door historici, nochtans hebben dergelijke transformaties een diepgaande invloed uitgeoefend op de geschiedenis. De wereldwijde uitwisseling van gewassen, dieren én ziektekiemen mag misschien wel de belangrijkste gebeurtenis van de nieuwe tijd worden genoemd.
    Lectuur: Alfred W. Crosby, The Columbian Exchange: biological and cultural consequences of 1492, Westport, 2003, ‘The contrasts’, p. 3-34.
  • Culturele vernieuwing (9 april 2008): De ontdekking van de wereld tijdens de nieuwe tijd zette een proces van culturele verandering in gang. Europa maakte kennis met een heleboel nieuwe volkeren, hun gedragingen en hun gewoonten. Europa exporteerde zijn cultuur naar de nieuwe werelden, maar werd ook zelf beïnvloed door al deze nieuwe ervaringen.
    Lectuur: Macy Norton, ‘Tasting empire: Chocolate and the European internalization of Mesoamerican Aesthetics’, in: The American Historical Review, 111, 2006, p. 660-691 ; Erik Ringmar, ‘Audience for a girafe: European expansionism and the quest for the exotic’, in: Journal of World History, 17, 2006, p. 375-397.
  • Een nieuwe wereldvisie (23 april 2008): De ontdekking van nieuwe continenten zette het bestaande wereldbeeld op zijn kop. Plots was de wereld veel groter dan lang werd gedacht. Bovendien bleek die wereld ook meer divers te zijn dan aanvankelijk werd aangenomen. Al deze berichten en ervaringen met vreemde culturen zorgde ervoor dat het wereldbeeld grondig door elkaar werd geschut. Sommige auteurs zien hier het ontstaan van onze huidige ‘global community’.
    Lectuur: Serge Gruzinski, ‘Les mondes mêlés de la Monarchie Catholique et autres connected histories’, in : Annales HSC, 2001, p.85-117.
  • Één God voor de hele wereld? ( 7 mei 2008): de missionering van de nieuwe wereld heeft een blijvende invloed op de religieuze geschiedenis gehad. Het christendom ontwikkelde zich van een continentale tot een wereldwijde religie. Noord- en Zuid-Amerika dragen vandaag nog steeds de sporen van de missioneringsbewegingen van de nieuwe tijd. In Azië verliep dit proces echter minder vlot.
    Lectuur: Ronnie Po-Chia Hsia, The world of Catholic Renewal, 1540-1770, Cambridge, 2005, hoofdstuk ‘The Catholic missions in Asia’, p. 178-193.



4. Werkvormen
Contactmomenten:
  • Hoorcolleges
  • Werkcolleges

  • Eigen werk:
  • Opdrachten:Individueel



  • 5. Evaluatievormen
    Examen:
  • Schriftelijk zonder mondelinge toelichting
  • Gesloten boek
  • Open vragen

  • Permanente evaluatie:
  • Opdrachten



  • 6. Noodzakelijk studiemateriaal

    Vanaf het academisch jaar 2007-2008 wordt deze cursus gedoceerd aan de hand van het handboek van MERRY E.WIESNER-HANKS, Early Modern Europe, 1450-1789, Cambridge University Press, 2006 dat door de boekhandel "De Groene Waterman" met een studentenkorting ter beschikking zal worden gesteld. 

    Voor de lectuurcolleges werd een reader samensgesteld die door Universitas ter beschikking wordt gesteld.

     




    7. Facultatief studiemateriaal





    8. Studiebegeleiding



    laatste aanpassing: laatste aanpassing: 08/12/2007 11:20 bruno.blonde 



     
    Inhoudsverantwoordelijke(n) : Contacteer de faculteit van de opleiding