Chemie/Biochemie, experimentele vaardigheden inclusief veiligheid in het lab
|
|
|
| Academiejaar: | 2007-2008 | | Code opleidingsonderdeel: | 1BBIC-061 | | Semester: | 1e en 2e semester | | Studiepunten: | 6 | | Uren Studietijd: | 168 | | Uren theorie: | | | Uren praktijk: | 120,00 | | Uren andere: | | | Deeltijds programma: | 2 | | Titularis(sen) | Filip Lemiere Xaveer Van Ostade
| | Taal waarin de cursus wordt gedoceerd: | Nederlands | | Info semesterexamen: | | | Info contractrestrictie: | geen inschrijving onder examencontract |
1. Aanvangscompetenties (begintermen) *Algemene competenties - De noodzakelijk theoretische kennis wordt behandeld in de opleidingsonderdelen 'Beginselen van de Chemie I & II' en 'Organische Chemie'. - Wetenschappelijke nieuwsgierigheid en opmerkzaamheid wordt verondersteld - individuele voorbereiding voor elk afzonderlijk practicum
*Volgtijdelijkheid
2. Eindcompetenties (eindtermen) Kennis - de student kent het materiaal waarmee hij in het laboratorium werkt
Vaardigheden - de student beheerst de basistechnieken die gebruikt worden in een (bio)chemisch laboratorium - de student kan de risico's/veiligheid van een experiment inschatten en weet welke middelen te gebruiken en hoe te handelen om zichzelf, zijn omgeving en het milieu te beschermen. - de student kan een experiment voorbereiden op basis van een beschrijving van het experiment - de student kan een experiment uitvoeren op basis van een beschrijving van het experiment - de student kan een schriftelijk rapport maken van zijn handelingen en waarnemingen - de student kan op een efficiënte wijze mondeling informatie uitwisselen over zijn handelingen en de chemische aspecten die daaraan verbonden zijn. - de student kan een verband leggen tussen zijn experimentele waarnemingen en de theoretische kennis die hij daarover heeft.
Attitudes - de student heeft de gewoonte om veiligheid en milieu in rekening te brengen bij het uitvoeren van een experiment
3. Inhoud Het leren leven en werken op een wetenschappelijke en verantwoorde manier in een chemisch laboratorium is de hoofddoelstelling van het opleidingsonderdeel 'Experimentele vaardigheden'. Daartoe dienen vooreerst de nodige technieken aangeleerd te worden. Daarnaast zijn de wetenschappelijke instelling van de student en zijn labo-gewoonten belangrijke aspecten. Deze zijn van belang o.a. om de band te kunnen leggen met de theoretische inzichten verworven in andere opleidingsonderdelen en tijdens de inleidingslessen en om de student actief bewust te maken van de noodzakelijke veiligheids- en milieu aspecten van zijn experimenten. Deze verschillende facetten komen aan bod in de verschillende experimenten die uitgevoerd worden. In dit eerste experimentele opleidingsonderdeel wordt geen onderscheid gemaakt tussen 'anorganische', 'organische' of 'biochemische' experimenten. Uiteraard wordt waar mogelijk wel verbanden gelegd met de verdere (bio)chemie opleiding.
Komen o.a. aan bod:
Basis technieken: filtreren, (micro)pipetteren, titreren, destillatie, sublimatie, extractie, vormen van neerslagen, maken van oplossingen/verdunningen; Veiligheid en milieu: zuurkast, (geconcentreerde) zuren en basen, veiligheidsuitrusting van het laboratorium; Algemene chemische begrippen: Molecuulmassa, getal van Avogadro, stochiometrie, reactiekinetiek; Verwerken van resultaten, schriftelijk en mondeling rapporteren, materiaalkennis;
4. Werkvormen Contactmomenten: Vaardigheidstrainingen Eigen werk: Opdrachten:IndividueelOpdrachten:In groep
5. Evaluatievormen Examen: Schriftelijk zonder mondelinge toelichting Permanente evaluatie: Opdrachten
6. Noodzakelijk studiemateriaal Labojas Veiligheidsbril Laboschrift Practicumnota's Experimentele Vaardigheden Module 1 + Module 2, UA
7. Facultatief studiemateriaal
8. Studiebegeleiding
laatste aanpassing: laatste aanpassing: 22/02/2007 12:11 filip.lemiere
|
|
|