Didactiek uitbreidingsmodule chemie
|
|
|
| Academiejaar: | 2007-2008 | | Code opleidingsonderdeel: | SLO234 | | Semester: | 1e semester | | Studiepunten: | 3 | | Uren Studietijd: | 84 | | Uren theorie: | 18,00 | | Uren praktijk: | | | Uren andere: | 21,00 | | Deeltijds programma: | | | Titularis(sen) | Kristin Vertenten
| | Taal waarin de cursus wordt gedoceerd: | Nederlands | | Info semesterexamen: | verplicht semesterexamen in januari | | Info contractrestrictie: | |
1. Aanvangscompetenties (begintermen) *Algemene competenties
Eindcompetenties van een academische bachelor. Uitstekende domeinspecifieke kennis. Correct taalgebruik, zowel mondeling als schriftelijk. Aangezien de Uitbreidingsmodule Didactiek chemie parallel loopt met de Basismodule Didactiek natuurwetenschappen zullen competenties aangebracht binnen de Basismodule aangewend en uitgebreid worden in de Uitbreidingsmodule.
*Volgtijdelijkheid
2. Eindcompetenties (eindtermen)
Aansluitend bij de basiscompetenties van de leraar secundair onderwijs, zoals uitgeschreven door de Vlaamse Regering: http://www.onderwijs.vlaanderen.be/nieuws/2007p/0420-basiscompetenties.htm Er zal vooral gewerkt worden aan volgende competenties:
- Typefunctie 1 : de leraar als begeleider van leer- en ontwikkelingsprocessen
- De beginsituatie van leerlingen en de leergroep achterhalen
- Doelstellingen kiezen en formuleren
- Leerinhouden en leerervaringen selecteren
- Leerinhouden structureren en vertalen in leeractiviteiten
- Aangepaste werkvormen en groeperingsvormen bepalen
- Individueel en in teamverband leermiddelen kiezen en aanpassen
- Realiseren van een krachtige leeromgeving, met aandacht voor de heterogeniteit binnen de leergroep
- Observatie en evaluatie voorbereiden, individueel en indien nodig in team
- Proces en product evalueren met oog op bijsturing, remediëring en differentiatie
11. Leer- en ontwikkelingsproces adequaat begeleiden in Standaardnederlands, rekening houdend met het taalbeheersingsniveau van de leerlingen 13. Stimuleren van leer- en ontwikkelingsprocessen vanuit een vakoverschrijdende invalshoek- Typefunctie 2 : de leraar als opvoeder
- In overleg een positief leefklimaat creëren voor de leerlingen in klasverband en op school
- Actuele maatschappelijke ontwikkelingen hanteren in een pedagogische context
- Typefunctie 3 : de leraar als inhoudelijk expert
- Domeinspecifieke kennis en vaardigheden beheersen, verbreden en verdiepen
- De verworven domeinspecifieke kennis en vaardigheid aanwenden
- Het eigen vormingsaanbod situeren en integreren in het geheel van het onderwijsaanbod met het oog op begeleiding en oriëntering van de leerlingen
- Typefunctie 4 : de leraar als organisator
- Een gestructureerd werkklimaat bevorderen
- Een soepel en efficiënt les- en dagverloop creëren, passend in een tijdsplanning
- Op correcte wijze administratieve taken uitvoeren
- Een stimulerende en werkbare klasruimte creëren, rekening houdend met de veiligheid van de leerlingen
- Typefunctie 5 : de leraar als innovator - de leraar als onderzoeker
- Vernieuwende elementen aanwenden en aanbrengen
- Kennisnemen van toegankelijke resultaten van onderwijsonderzoek die relevant zijn voor de eigen praktijk
- Het eigen functioneren ter discussie stellen en bijsturen
- Typefunctie 7 : de leraar als lid van een schoolteam
- Binnen het team over een taakverdeling overleggen en de afspraken naleven
- De eigen pedagogische en didactische opdracht en aanpak in team bespreekbaar maken
- In Standaardnederlands adequaat in interactie treden met alle leden van het schoolteam
- Typefunctie 8 : de leraar als partner van externen
- Met behulp van collega's contacten leggen, communiceren en samenwerken met externe instanties die onderwijsbetrokken initiatieven aanbieden
- In Standaardnederlands adequaat in interactie treden met medewerkers van onderwijsbetrokken initiatieven
- Typefunctie 9 : de leraar als lid van de onderwijsgemeenschap
- Deelnemen aan het maatschappelijk debat over onderwijskundige thema's
- Typefunctie 10 : de leraar als cultuurparticipant
- Actuele thema's en ontwikkelingen onderscheiden en kritisch benaderen rond het cultureel-wetenschappelijk domein.
Algemene doelstellingen Kennis De studenten kunnen:
- de plaats van en de visie op het vak chemie in het secundair onderwijs omschrijven;
- weergeven wat beoogd wordt met de vakspecifieke eindtermen en leerplannen chemie
- een geschikte instap voor een les chemie bepalen rekening houdend met de beginsituatie, de leerinhoud en de leerdoelen voor de betrokken les
- toelichten welke vakdidactische werkvormen, concepten en leermiddelen ingezet kunnen worden bij het vormgeven van een krachtige leeromgeving voor chemie
- omschrijven hoe een vaklokaal chemie minimaal dient ingericht te worden
- aangeven wat de rol van taal is bij wetenschappelijke begripsvorming.
Vaardigheden De studenten kunnen:- op een didactisch verantwoorde wijze een les chemie voorbereiden, waarbij aandacht besteed wordt aan het:
- verwerken van inzichten vanuit leertheoretisch oogpunt doorheen de diverse lesfasen,
- inschatten van de beginsituatie,
- uitschrijven van operationele doelstellingen,
- kiezen van leerinhouden;
- aansluiten bij de actualiteit en de leefwereld van de leerlingen;
- uitwerken van een geschikte instap rekening houdend met de beginsituatie, de leerinhoud en de leerdoelen van de betrokken les;
- hanteren van een didactisch verantwoorde opbouw,
- kiezen van geschikte vakdidactische werkvormen, concepten en leermiddelen in functie van de fase in het leerproces,
- uitwerken van de gekozen vakdidactische werkvormen en concepten;
- (eventueel) verantwoord integreren van ICT en nieuwe media;
- kiezen van geschikte evaluatievormen in functie van de vooropgestelde doelstellingen.
- reflecteren over ervaringen die ze opdoen in het kader van vaardigheids- en oefensessies omtrent hun didactisch handelen en dit op basis van de F(ricties),R(eflecteren), E(xpliciteren), D(oen)-spiraal.
Attituden De studenten ontwikkelen beslissingsvermogen (A1(*)), kritische ingesteldheid (A3), leergierigheid (A4), organisatievermogen (A5), zin voor samenwerking (A6), verantwoordelijkheidszin (A7), creatieve gerichtheid (A8) en flexibiliteit (A9). (*): attitudes vanuit de basiscompetenties van de leraar.
3. Inhoud
De basismodule Didactiek Natuurwetenschappen en de uitbreidingsmodule Vakdidactiek Chemie vormen één geheel. Hierbij wordt, vanuit een spiraalvormige ordening van leerinhouden, gewerkt aan de nodige competenties om op een didactisch verantwoorde wijze een les chemie voor te bereiden en te geven. Vandaar dat sommige competenties, alsmede de inhouden die daaraan gekoppeld worden, aan bod komen in beide modules. De uitbreidingsmodule zorgt echter voor de nodige verdieping en verbreding binnen de specifieke vakdidactiek. Leren wordt in beide modules steeds gezien als het actief verwerken van aangeboden informatie tot nieuwe kennis, en dit op basis van voorkennis. De implicaties van deze visie voor het onderwijs van exacte vakken loopt als een rode draad doorheen de diverse onderdelen van cursus.
Volgende topics komen aan bod:
- De plaats van en de visie op het vak chemie binnen het Vlaamse secundair onderwijs
- Bepalen van leerinhouden
- Vakgebonden eindtermen
- Leerplannen chemie
- Schoolboeken chemie
- Kiezen van de juiste instap
- Vakspecifieke didactische werkvormen
- Demonstratielabo’s en leerlingenpractica
- Plaats in het lesgebeuren
- Didactische aanpak
- Concrete experimenten
- Hulpmiddelen voor metingen en het bepalen van meetresultaten
- Experimenten met huis-, tuin- en keukenmateriaal
- Veiligheid en afvalverwijdering
- Groepswerk – projectwerk
- Probleemgestuurd leren in het chemieonderwijs
- Procesgerichte instructie in het chemieonderwijs
- Leren buiten de klas
- Excursie als didactische werkvorm
- Mogelijke excursieplaatsen in België
- Vakdidactische concepten
- Modellen – modelleren
- Analogieën
- Concept maps
- Tegenstrijdige gebeurtenissen
- Cartoons
- Misconcepties
- Voorbeeldoefeningen
- Didactische hulpmiddelen voor het onderwijs chemie
- Bronnen voor het construeren en stofferen van chemielessen
- De organisatie van het vaklokaal
- Leermiddelen
- ICT en nieuwe media
- Werken met applets
- Bruikbare websites
- Transparanten voor het chemieonderwijs
- De rol van taal in de wetenschappelijke begripsvorming
Aangezien het ontwikkelen van vaardigheden als één van de belangrijkste doelstellingen van de module gezien wordt, wordt tijdens de lessen van de studenten een actieve inbreng verwacht: leesopdrachten voor thuis, werken aan opdrachten in kleinere groepen, vaardigheidsoefeningen, oefensessies, deelname aan groepsdiscussies, …. Omdat aanwezigheid tijdens de lessen vereist is, is het niet mogelijk om voor dit onderdeel in te schrijven onder de vorm van een examencontract.
4. Werkvormen Contactmomenten: HoorcollegesWerkcollegesVaardigheidstrainingen Eigen werk: Opdrachten:IndividueelOpdrachten:In groep Portfolio
5. Evaluatievormen Examen: Mondeling zonder schriftelijke voorbereiding Permanente evaluatie: OefeningenOpdrachten Portfolio: met mondelinge toelichting
6. Noodzakelijk studiemateriaal
Syllabus uitgedeeld tijdens de contactmomenten
7. Facultatief studiemateriaal
Een belangrijke bron van aanvullend studiemateriaal wordt ongetwijfeld gevormd door de handboeken chemie voor het secundair onderwijs, en door basiswerken zoals: McMurry, J. & Fay, R. C. (2004). Chemistry. Upper Saddle River, N.J.: Pearson. Zumdahl, S.S. & Zumdahl, S.A. (2000). Chemistry. Boston: Houghton Mifflin.
8. Studiebegeleiding
Tijdens de contactmomenten, en na afspraak ook op andere ogenblikken, is de vakdidacticus steeds beschikbaar voor het beantwoorden van vragen m.b.t. de leerinhoud, de opdrachten en de evaluatie van het opleidingsonderdeel.
laatste aanpassing: laatste aanpassing: 12/12/2007 11:05 annick.debroey
|
|
|