Start | Personen | Google | Route | Contact | AfdrukkenLogin 
Opleidingsonderdelen  
    

Inleiding tot de sociale geografie (vindt enkel plaats indien min. 10 studenten inschrijven)
 
Academiejaar:2008-2009
Code opleidingsonderdeel:FLWG101200
Semester:2e semester
Studiepunten:3
Uren Studietijd:84
Uren theorie:30,00
Uren praktijk:
Uren andere:
Deeltijds programma:1/2
Titularis(sen)Ann Verhetsel
Taal waarin de cursus wordt gedoceerd:Nederlands
Info semesterexamen:examen in het 2de semester
Info contractrestrictie:



1. Aanvangscompetenties (begintermen)
*Algemene competenties
Eindtermen derde graad ASO/TSO vak aardrijkskunde

*Volgtijdelijkheid





2. Eindcompetenties (eindtermen)
- de studenten hebben inzicht in het object en de methode van de sociale geografie en haar relatie met de geschiedenis
- de studenten kunnen cartografische bronnen kritisch evalueren
- de studenten hebben inzicht in de voornaamste themata van de stadsgeografie
- de studenten hebben inzicht in de voornaamste themata van de landelijke nederzettingsgeografie
- de studenten kunnen de relatie leggen tussen de sociale geografie en de ruimtelijke planning, stedenbouw en landschaps- en monumentenzorg
- de studenten kunnen eenvoudige casestudies analyseren en interpreteren met behulp van de concepten en theorieën uit de cursus


3. Inhoud
Na een inleiding over het object en de methode van het vakgebied wordt aandacht besteed aan historisch geografische bronnen. Dit gebeurt aan de hand van een schets van de ontwikkeling van het Westers wereldbeeld en een introductie tot de middenschalige cartografische bronnen in Vlaanderen tussen 1770 en nu.
Vervolgens wordt het begrippenkader en enkele klassieke theorieën uit de sociale geografie aangebracht via de studie van topics uit de stadsgeografie : site en situatie, stedelijke ontwikkelingsfasen en stadsgewest, hiërarchie van het Belgische stedennet, interne differentiatie van de Belgische steden.
In het laatste deel wordt ingegaan op de kenmerken van het landelijk nederzettingspatroon : de landelijke bewoning (dorpsvormen - verspreidingspatroon - grondplan woningen) en de percelering (perceelsvorm - lokale wegen - grachten en levende afsluitingen).
Tot slot wordt de bruikbaarheid van dit begrippenkader naar het beleid geschetst : in de ruimtelijke planning, in de stadsvernieuwing, in de monumentenzorg en plattelandsontwikkeling.
Waar mogelijk worden de begrippen en theorieën kort geïllustreerd in historische context.


4. Werkvormen
Contactmomenten:
  • Hoorcolleges

  • Eigen werk:
  • Casussen: Individueel



  • 5. Evaluatievormen
    Examen:
  • Mondeling met schriftelijke voorbereiding
  • Gesloten boek
  • Open vragen



  • 6. Noodzakelijk studiemateriaal

    Cursustekst :
    VERHETSEL A. (2004), Inleiding tot de Sociale Geografie, Antwerpen, Universitas.
    Kaarten en figuren in kleur op Blackboard.
    Video's getoond tijdens de cursus.
    1 Ferrariskaart (1770) en bijhorende topografische kaart (2004)
    Brochure : Visie en Praktijk - de krachtlijnen van de ruimtelijke ordening in Vlaanderen (bestellen via www.ruimtelijkeordening.be)
    Brochure : Beschermde landschappen in Vlaanderen (bestellen via www.landschap.vlaanderen.be)


    7. Facultatief studiemateriaal
    Marc Antrop Philippe De MaeyerChristian VandermottenMarc Beyaert (2006), België in kaart, De evolutie van het landschap in drie eeuwen cartografie, Uitgeverij Lannoo.


    8. Studiebegeleiding



    laatste aanpassing: laatste aanpassing: 13/01/2009 15:41 hanna.goossens 



     
    Inhoudsverantwoordelijke(n) : Contacteer de faculteit van de opleiding