Universiteit van Antwerpen
20/06/2013 - 07:52
(c)
http://www.ua.ac.be/main.aspx?c=.OOD2008&n=64294&ct=064294&e=165877&detail=2BDIE-010

Neuroanatomie
 
Academiejaar:2008-2009
Code opleidingsonderdeel:2BDIE-010
Semester:2e semester
Studiepunten:3
Uren Studietijd:84
Uren theorie:20,00
Uren praktijk:15,00
Uren andere:
Deeltijds programma:2
Titularis(sen)André Weyns
Christa Van Ginneken
Taal waarin de cursus wordt gedoceerd:Nederlands
Info semesterexamen:examen in het 2de semester
Info contractrestrictie:geen inschrijving onder examencontract



1. Aanvangscompetenties (begintermen)
*Algemene competenties
Embryologie van de Huisdieren

*Volgtijdelijkheid
Algemene en klinische anatomie van de huisdieren I (1BDIE-062) EN Klinische anatomie van de huisdieren II (2BDIE-061) EN Klinische anatomie van de huisdieren III (2BDIE-071)

de volgtijdelijkheid is ook inorde indien 08/20 of 09/20 werd behaald EN indien geslaagd voor het practicum


2. Eindcompetenties (eindtermen)
Het hoofdobjectief van deze cursus is en blijft de student een goed inzicht bij te brengen in de morfologie en de structurele mechanismen van het zenuwstelsel. Dit ter voorbereiding van het begrijpen van hun functionele en klinische betekenis met als "verre" einddoel een accurate neurologische diagnose. Aldus verwerft de student via deze cursus een goede kennis van, inzicht in en kan hij/zij daardoor beschrijven en verklaren
- het ontstaan en de ontwikkeling van het centrale zenuwstelsel
- de onderdelen van het zenuwstelsel en hun relatie tot de precursoren in de neurale buis
- de organisatie van neuronen in het zenuwstelsel
- de belangrijkste anatomische karakteristieken, functie(s), de ligging/verloop van de belangrijkste banen en kernen in de hersenen en van de craniale zenuwen
- de belangrijkste anatomische kenmerken van de hersenen en het ruggenmerg
- de bescherming van hersenen en ruggenmerg
- de betekenis van het ruggenmerg als "geleidingsroute" en reflexcentrum
- de opbouw en klinische betekenis van reflexbogen en reflexen
- de locatie, oorsprong, eindiging en functie van de belangrijkste opklimmende en afdalende spinale en supraspinale systemen
- de dermatoom en zijn klinische betekenis
- de lokalisatie en de korte en lange termijn gevolgen van een ruggenmergletsel
- de anatomische kenmerken en eigenschappen van het autonome zenuwstelsel
- de opbouw en verloop van deze autonome banen die pupilreflexen, hartritme, peristaltiek en vasculaire tonus regelen
- hoe en welke klinische symptomen letsels in het autonome zenuwstelsel veroorzaken
- het anatomische substraat en eigenschappen van de verschillende gevoelsmodaloiteiten en hun receptoren
- de opbouw, ligging en verloop van deze neuroanatomische wegen die de input van deze modaliteiten centraal verwerken
- de waarnemingen resulterend uit de stimulatie van speciale sensorische organen
- het ontstaan, bouw en de neuroanatomische verwerking van de informatie uit speciale receptoren en de daaraan gekoppelde speciale gevoelsmodaliteiten (reuk, gezicht, smaak, gehoor en evenwicht)
- de medische terminologie gekoppeld aan het zenuwstelsel.



3. Inhoud
Rationele prognose en behandeling van een neurologisch probleem is slechts mogelijk op basis van een accurate diagnose. Voor geen enkele andere tak binnen de diergeneeskunde is kennis van de structuur van het anatomische substraat zo essentieel voor het begrijpen van zijn functies en pathologieën als voor de neurologie. Daarom hangt een intelligente diagnose in de neurologie volledig af van een grondige kennis van en inzicht in de morfologie, fysiologie en pathologie van het zenuwstelsel.
De cursus neuronanatomie is in deze optiek opgedeeld worden in 2 grote onderdelen.
Deel I omvat, naast een algemene inleiding, de embryologie van het centrale zenuwstelsel waarin de student stap voor stap wordt geleid naar de complexe bouw van het volwassen brein en ruggenmerg. Hierop volgt een korte, voornamelijk klinisch georiënteerde bespreking van de craniale zenuwen. Dit onderdeel wordt afgerond met essentiële informatie over ontstaan en opbouw van het autonome zenuwstelsel.
In deel II worden enkel deze delen van het centrale zenuwstelsel verder uitgediept die in de dagdagelijkse diergeneeskundige neurologie frequent aan bod komen. Aldus worden bouw, functie(s) en klinische betekenis van het ruggenmerg, het cerebellum en van drie aan de kop gerelateerde speciale zintuigen ( gehoor, evenwicht en gezicht) diepgaander bestudeerd.

Tijdens de praktische oefeningen worden de hersenen van een herkauwer eigenhandig uit de schedelholte gepreleveerd. Vervolgens worden de uitwendige en inwendige macroscopische structuur van het brein geïdentificeed en besproken.
De studenten worden getraind in het zelf opbouwen en visualiseren van de belangrijkste ascenderende en descenderende banen in hersenstam en ruggenmerg. Afsluitend worden ze getraind in de klinische neuroanatomie van het ruggenmerg waarbij, aan de hand van casussen, letsels in de hersenen en op het verloop van het ruggenmerg moeten worden herkend en zo nauwkeurig mogelijk gelokaliseerd.



4. Werkvormen
Contactmomenten:
  • Hoorcolleges
  • Oefeningensessies
  • Practica



  • 5. Evaluatievormen
    Examen:
  • Schriftelijk zonder mondelinge toelichting
  • Open vragen
  • Practicum



  • 6. Noodzakelijk studiemateriaal
    Syllabus Klinische Anatomie van de Huisdieren IV
    Prakticumhandleiding Hersendissectie en hersensneden
    Aangepast dissectiemateriaal.



    7. Facultatief studiemateriaal
    "Veterinary Anatomy of Domestic Animals" (2004) H.E. König en H.G. Liebich ISBN 3-7945-2101-3
    "The Human Central Nervous System" (1988) Nieuwenhuys; Voogd; van Huyzen ISBN 3-540-13441-7
    "Neuroanatomy: Basic and Clinical" (1998) M.J. Fitzgerald ISBN 0-7020-1994-1
    "Neuroscience: Exploring the Brain" (2001) M.F. Bear et al. ISBN 0-7817-3944-6



    8. Studiebegeleiding



    laatste aanpassing: laatste aanpassing: 05/12/2008 08:33 chris.vanginneken 



     
    Inhoudsverantwoordelijke(n) : Contacteer de faculteit van de opleiding