| Academiejaar: | 2008-2009 |
| Code opleidingsonderdeel: | SLO307 |
| Semester: | 2e semester |
| Studiepunten: | 3 |
| Uren Studietijd: | 84 |
| Uren theorie: | 18,00 |
| Uren praktijk: | |
| Uren andere: | 21,00 |
| Deeltijds programma: | |
| Titularis(sen) | Jozef Colpaert Frederik Cornillie
|
| Taal waarin de cursus wordt gedoceerd: | Nederlands |
| Info semesterexamen: | examen in het 2de semester |
| Info contractrestrictie: | |
1. Aanvangscompetenties (begintermen)
*Algemene competenties
Er wordt geen brede voorkennis vereist op technologisch vlak: studenten hoeven niet te kunnen programmeren, maar zouden vertrouwd moeten zijn met het werken met een tekstverwerker, Blackboard, e-mail en het Internet. Studenten die wel ervaring hebben met auteurssystemen en/of programmeertalen, kunnen opdrachten kiezen waar deze ervaring aan bod kan komen.
*Volgtijdelijkheid
2. Eindcompetenties (eindtermen)
Deze cursus beoogt het kunnen:
-
analyseren van leersituaties;
-
ontwerpen van leeromgevingen;
-
specifiëren van de benodigde leermiddelen en technologieën op basis van leerpsychologische criteria;
-
evalueren van bestaande systemen op bruikbaarheid en didactisch rendement.
3. Inhoud
In een eerste deel wordt een conceptueel en methodologisch referentiekader aangereikt voor het ontwerpen van multimediale leeromgevingen voor een bepaalde leersituatie. Daarna komen een aantal capita selecta aan bod zoals onderwijstechnologische benaderingen, systemen en toepassingen, datastructurering, educational engineering en functionaliteiten.
In de les wordt veel tijd uitgetrokken voor het voorstellen, bespreken en evalueren van groepsopdrachten (het bespreken van een topic uit de literatuur zoals Cognitieve Multimedia Theorie, Informatietheorie en Constructivistische benaderingen) en individuele opdrachten (het toevoegen van items aan het kenniscorpus of het ontwerpen van een multimediale leeromgeving voor een leersituatie naar keuze). De opdrachten worden uitgevoerd op wiki, portfolio of in het kenniscorpus.
De evaluatie wordt gelijkmatig gespreid over aanwezigheid en participatie, peer-evaluatie bij de groepsopdracht, co-evaluatie bij de individuele opdracht en examen.
4. Werkvormen
Contactmomenten: HoorcollegesWerkcolleges
Eigen werk: OefeningenOpdrachten:In groep
Projectwerk:In groep
5. Evaluatievormen
Examen: Schriftelijk met mondelinge toelichting
Permanente evaluatie: Opdrachten
Schriftelijk werkstuk: met mondelinge toelichting
6. Noodzakelijk studiemateriaal
7. Facultatief studiemateriaal
Jan Elen. 2000. Technologie voor en van het onderwijs. Een inleiding in onderwijstechnologische realisaties. ACCO. 168 p.
Ivan D’Haese & Martin Valcke (red.). 2005. Digitaal Leren. ICT-Toepassingen in het hoger onderwijs. Lannoo Campus. 293 p.
8. Studiebegeleiding