Personen | Personen nieuwe site | Google | Route | Contact Login 
Opleidingsonderdelen 2009-2010  
    
Te behalen diploma
Om het diploma van master in de biochemie en de biotechnologie te behalen moet de student
  • ingeschreven zijn voor deze opleiding onder een diplomacontract of examencontract met het oog op het behalen van een diploma
  • alle examens hebben afgelegd die horen bij zijn/haar opleidingsprogramma
  • zich voor dat opleidingsprogramma geregistreerd hebben bij de examencommissie
  • tenminste 120 studiepunten hebben verworven. 
De opleiding heeft een studieomvang 120 studiepunten.
Per academiejaar worden in een modeltraject tussen 54 en 66 studiepunten opgenomen.
Toelatingsvoorwaarden
Rechtstreeks: academische bachelor in de biochemie en de biotechnologie
 
Mits voorbereidingsprogramma: academische bachelor in de biomedische wetenschappen, de biologie en de bio-ingenieurswetenschappen
Doelstellingen - eindtermen
  1. De master in de biochemie en de biotechnologie moet een voldoende brede kennis hebben van en inzicht in de verschillende biochemische/biotechnologische subdisciplines om zich verder te kunnen specialiseren in onderzoek, de industrie, bij de overheid of in het hoger onderwijs. 
  2. De master in de biochemie en de biotechnologie moet een complex biochemisch/biotechnologisch probleem kritisch kunnen omschrijven, analyseren, beoordelen en oplossen. De master moet tevens via zelfreflectie adequate oplossingen ontwikkelen, en moet in staat zijn om een oordeel te vormen in een onzekere context en nieuwe hypothesen te formuleren voor verder onderzoek. 
  3. De master in de biochemie en de biotechnologie ontwikkelt een attitude om de wetenschappelijke evolutie in het vakgebied biochemie continu te volgen en dusdanig zijn professioneel niveau op peil te houden. Bovendien heeft de master het vermogen tot originaliteit en creativiteit met het oog op het continu uitbreiden van kennis en inzicht in het vakgebied en zodoende daaraan een orginele bijdrage te leveren. 
  4. De master in de biochemie en de biotechnologie beschikt over de vaardigheid om op een efficiënte manier informatie te verwerven, te verwerken en te verstrekken. De master is bovendien in staat de beweging van de theorievorming te kunnen volgen en interpreteren. 
  5. De master in de biochemie en de biotechnologie heeft de competenties voor het zelfstandig verrichten van wetenschappelijk onderzoek op het niveau van een beginnende onderzoeker. Alternatief heeft de master de algemene en specfieke beroepsgerichte competenties voor het zelfstandig aanwenden van wetenschappelijke kennis op het niveau van een beginnende beroepsbeoefenaar. 
  6. De master in de biochemie en de biotechnologie is in staat projectmatig en planmatig te werken. 
  7. De master in de biochemie en de biotechnologie is in staat in teamverband te werken en dit in een multidisciplinaire context. 
  8. De master in de biochemie en de biotechnologie beschikt over grondige experimenteervaardigheden. 
  9. De master in de biochemie en de biotechnologie heeft een grondig inzicht in onderzoeksmethoden en strategieën, en kan deze toepassen evenals nieuwe ontwikkelen. 
  10. De master in de biochemie en de biotechnologie heeft een grondige kennis van en ervaring in het gebruik van informaticatechnieken, bio-statistiek en bio-informatica. 
  11. De master in de biochemie en de biotechnologie is in staat om vlot te communiceren en informatie over te dragen in het Nederlands en het Engels en dit voor vakgenoten en leken. Deze kennis heeft de master bij voorkeur deels verworven door studieverblijven in het buitenland of door aanvullend taalonderwijs. 
  12. De master in de biochemie en de biotechnologie is zich bewust van de maatschappelijke en ethische implicaties van wetenschappelijk onderzoek. 
  13. De master in de biochemie en de biotechnologie heeft de nodige voorkennis om een doctoraatsonderzoek aan te vatten of uit te stromen naar de arbeidsmarkt.

Toegang tot verdere studies
Een masterdiploma geeft toegang tot master-na-masteropleidingen, afhankelijk van de specifieke toelatingsvoorwaarden voor een bepaalde master-na-masteropleiding.
Eindexamen
Het eindtotaal van een student is een gewogen gemiddelde van de examenresultaten die de student behaalde op alle opleidingsonderdelen van zijn/haar opleidingsprogramma. 

Voor het berekenen van het eindtotaal worden de studiepunten van de corresponderende opleidingsonderdelen gebruikt als gewichten van de examenresultaten.
 
Het eindtotaal wordt uitgedrukt in gehele punten op 100.

Een student die een eindtotaal van minder dan 50 op 100 heeft behaald, kan nooit geslaagd worden verklaard.

Een student is geslaagd voor het geheel van zijn/haar opleiding als hij/zij voor alle opleidingsonderdelen van zijn/haar opleidingsprogramma een creditbewijs heeft behaald.
 
De examencommissie kan een student die niet voor alle opleidingsonderdelen een creditbewijs heeft behaald geslaagd verklaren op grond van het feit dat ze gemotiveerd van oordeel is dat de doelstellingen van de opleiding globaal verwezenlijkt zijn.

Voor meer informatie zie het Onderwijs- en Examenreglement.