Personen | Personen nieuwe site | Google | Route | Contact Login 
Opleidingsonderdelen 2010-2011  
    

Nederlandse taalkunde 2: interdisciplinaire benaderingen
 
Academiejaar:2010-2011
Code opleidingsonderdeel:FLWTLN0220
Semester:2e semester
Studiepunten:4
Uren Studietijd:112
Uren theorie:30,00
Uren praktijk:
Uren andere:
Deeltijds programma:1/2
Titularis(sen)Pol Cuvelier
Dominiek Sandra
Reinhild Vandekerckhove
Taal waarin de cursus wordt gedoceerd:Nederlands
Info semesterexamen:examen in het 2de semester
Info contractrestrictie:



1. Aanvangscompetenties (begintermen)
*Algemene competenties
Kennis van basisnoties uit fonetiek, fonologie, morfologie en syntaxis (inleiding Algemene taalwetenschap) en van de basisbegrippen van de Nederlandse grammatica.

*Volgtijdelijkheid
Niet gedefinieerd




2. Eindcompetenties (eindtermen)
Bedoeling is dat de studenten een algemeen referentiekader verwerven om pragma-, socio- en psycholinguïstische studies van taal te kaderen. Afhankelijk van hun keuze voor het sociolinguïstisch of psycholinguïstisch gedeelte moeten zij in staat zijn om ofwel taalvariatie in het Nederlandse taalgebied genuanceerd te analyseren ofwel een psycholinguïstische vraagstelling theoretisch te kaderen en te koppelen aan resultaten uit taalexperimenten.


3. Inhoud

In een aantal inleidende colleges wordt een overzicht gegeven van (a) de variatie die zich in het Nederlandse taalgebied voordoet (geografisch, interactioneel, sociaal) en (b) de thema's in de studie van menselijke taalverwerking. Daarna volgen de studenten ofwel het aanbod over pragmalinguïstische, sociolinguïstische of psycholinguïstische benaderingen van taal.  In de pragmalinguïstische module worden de deelnemers in contact gebracht met een aantal types onderzoek naar variatie in het functioneren van taal in (Nederlandse) interactie: etnografisch variatie, discourse, beleefdheid (politeness), codewisselingen en codekeuzes. Ze worden vertrouwd gemaakt met methodes om zelf empirisch onderzoek te verrichten op deze domeinen.  In de sociolinguïstische module staan taalvariatie  en taalverandering centraal. Aan de hand van casussen uit het Nederlandse taalgebied worden de studenten vertrouwd gemaakt met de notie 'linguïstische variabele', met de sociale determinanten van taalvariatie en met methodologische aspecten van het sociolinguïstische onderzoek (corpussamenstelling, dataverwerking). Bijzondere aandacht gaat naar de evolutie van het informele Nederlands in Vlaanderen.  Het studieobject voor de case study is de realisatie van een aantal linguïstische variabelen in de chattaal van Vlaamse jongeren. In de psycholinguïstische module staan de cognitieve processen centraal die het mogelijk maken dat de meeste mensen probleemloos kunnen spreken, verstaan, lezen en schrijven. Naast de aandacht voor deze processen van taalproductie en comprehensie, in gesproken en geschreven taal, wordt ook ingegaan op deficitaire aspecten van taalverwerking (bv. dyslexie). Daarbij gaat de aandacht tevens uit naar aspecten van de experimentele methodologie. De case study betreft een onderzoeksprobleem dat belangstelling geniet in het onderzoek naar het lees- of schrijfproces.




4. Werkvormen
Contactmomenten:
  • Hoorcolleges
  • Seminaries



  • 5. Evaluatievormen
    Examen:
  • Schriftelijk zonder mondelinge toelichting

  • Presentatie


    6. Noodzakelijk studiemateriaal

    Voor elke module wordt het studiemateriaal ter beschikking gesteld.

     




    7. Facultatief studiemateriaal

    Voor de pragmalinguïstische module: HOUTKOOP, H. & T. KOOLE. 2000. Taal in actie. Hoe mensen communiceren met taal. Bussum: Coutinho




    8. Studiebegeleiding

    In de seminaries wordt intensieve begeleiding geboden bij het opzetten van de case study en het (leren) rapporteren daarover.




    laatste aanpassing: laatste aanpassing: 31/08/2009 14:37 pol.cuvelier