| | Management en innovatie |
| | Code | Titel | Instructietaal | Semester | Contacturen | Studiepunten | Lesgever(s) | | 5001GENVEV | Inleiding op management en innovatie in de gezondheidszorg | Nederlands | 1e semester
| 27 | 5 | Van Bogaert,Peter
| | 5002GENVEV | De ondernemer in de gezondheidszorg | Nederlands | 1e semester
| 23 | 5 | Van Bogaert,Peter
| | 5003GENVEV | Beleidsontwikkelingen in de gezondheidszorg in nationaal en internationaal perspectief | Nederlands | 2e semester
| 22 | 5 | Van Bogaert,Peter
| | Fundamentele klinische vorming |
| | Code | Titel | Instructietaal | Semester | Contacturen | Studiepunten | Lesgever(s) | | 5007GENVEV | Verpleegkundige modellen en theorievorming, klinische aspecten van een zorgprogramma | Nederlands | 1e semester
| 25 | 5 | Van Rompaey,Bart
| | 5008GENVEV | Homeostase en chronische zorg | Nederlands | 1e semester
| 24 | 5 | Couttenye,Marie
| | 5009GENVEV | Bloedsomloop en acute zorg | Nederlands | 2e semester
| 22 | 5 | Vrints,Christiaan
| | 5010GENVEV | Zenuwstelsel, gedrag en ouderenzorg | Nederlands | 2e semester
| 21 | 5 | Engelborghs,Sebastiaan
| | Academische vorming |
| | Code | Titel | Instructietaal | Semester | Contacturen | Studiepunten | Lesgever(s) | | 5011GENVEV | Implementatie van duurzame veranderingen | Nederlands | 1e en 2e semester
| 14 | 5 | Van Rompaey,Bart
| | Wetenschappelijk onderzoek |
| | Code | Titel | Instructietaal | Semester | Contacturen | Studiepunten | Lesgever(s) | | 5004GENVEV | Epidemiologisch onderzoek en statistiek: dataverzameling, dataordening en rapporteren van data | Nederlands | 1e semester
| 61 | 10 | Elseviers,Monique
| | 5005GENVEV | Inleiding onderzoek en statistiek: databewerking | Nederlands | 2e semester
| 42 | 7 | Elseviers,Monique
| | 5006GENVEV | Inleiding onderzoek en statistiek: ontwerp van onderzoeksdesign | Nederlands | 2e semester
| 20 | 3 | Elseviers,Monique
| | |
Management en innovatie
|
Inleiding op management en innovatie in de gezondheidszorg
|
|
|
|
| | Studiegidsnr: | 5001GENVEV | | Vakgebied: | Verpleeg- en vroedkunde | | Semester: | 1e semester
| | Contacturen: | 27 | | Studiepunten: | 5 | | Studiebelasting: | 140 | | Contractrestrictie(s): | Faculteit beslist op basis van het studentdossier
| | Instructietaal: | Nederlands
| | Examen: | 1e semester
| | Lesgever(s) | Peter Van Bogaert Olaf Timmermans
|
Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof 1. Aanvangscompetenties
Bij aanvang van dit opleidingsonderdeel dient de student over de volgende competenties te beschikken: Actieve beheersing van :Passieve beheersing van :- Een algemene kennis van het gebruik van een PC en het internet
Specifieke aanvangscompetenties voor dit opleidingonderdeel: Student beschikt over de competenties van de Bachelor in Nursing of de Bachelor in Midwifery
2. Eindcompetenties
De doelstelling van het leerdomein management en innovatie is het verkrijgen van kennis en vaardigheden over management en innovatie. Dit is gekoppeld aan twee competenties:
· beheersen van algemene managementtaken in de gezondheidszorg; · grondige kennis van en inzicht in de nationale en internationale gezondheidszorg.
3. Inhoud
In deze cursus is er een mix van hoor-/werkcolleges en projectonderwijs. Door de inhoud van colleges in het projectonderwijs wordt in deze cursu aan de volgende deeltaken gewerkt: - Construeren, aansturen, uitvoeren en evalueren van projecten - Leiding geven aan een organisatorische eenheid - Aanbod van zorgvoorzieningen hanteren bij het ontwikkelen en aansturen van zorgprocessen - Opereren als een ondernemer binnen budgettaire en commerciële kaders - De geldende wet- en regelgeving toepassen in de beroepsuitoefening
4. Werkvormen Contactmomenten: HoorcollegesWerkcollegesVaardigheidstrainingen Eigen werk: Opdrachten:In groepCasussen: In groep Projectwerk:In groep
5. Evaluatievormen
Schriftelijk werkstuk: met mondelinge toelichting
6. Studiemateriaal
6.1 Noodzakelijk studiemateriaal
In de module wordt voor bepaalde onderwerpen verplichte literatuur voorgeschreven. Bij het maken van de opdrachten echter wordt van de studenten verwacht dat zij zelfstandig keuzes kunnen maken uit verschillende nationale en internationale bronnen zoals vaktijdschriften en internet. Voor deze module is Literatuur samengesteld met relevante artikelen over projectmatig werken, management en innovatie. Deze literatuur kunt u vinden op Blackboard onder lesmateriaal van deze module. Het lesmateriaal is op datum geordend.
Verplichte literatuur: - Leerdomeinboek Inleiding Management en Innovatie
- Schermerhorn,John, R. , Management, Academic service, Schoonhoven, 2002 ISBN 978-90-395-2552-4
- Robbins, S.P., Coulter, M., Management in sociaal agogische beroepen, Pearson, 2007 ISBN 978-90-430-1273-7
- Op Blackboard wordt per onderwijsactiviteit literatuur in de vorm van digitale artikelen beschikbaar gesteld
6.2 Facultatief studiemateriaal
Het volgende studiemateriaal kan vrijblijvend bestudeerd worden.
Suggesties voor literatuur: - Schermerhorn Jr.,John, R. , James G. Hunt en Richard N. Osborn, Gedrag in organisaties, Academic service, Schoonhoven, 2002 7e druk. - Wijnen, G., Projectmatig werken, Het Spectrum.17e druk. - Quinn, R. Handboek managementvaardigheden, , Academic Service Schoonhoven, 1997. - Prein, H., Trainingsboek conflicthantering en mediation¿ Houten/Diegem, 2002, 4e druk..
7. Contactgegevens en begeleiding
peter.vanbogaert@ua.ac.be
olaf.timmermans@ua.ac.be
(+)laatste aanpassing: 16/08/2011 14:36 david.kums
|
|
|
|
|
De ondernemer in de gezondheidszorg
|
|
|
|
| | Studiegidsnr: | 5002GENVEV | | Vakgebied: | Verpleeg- en vroedkunde | | Semester: | 1e semester
| | Inschrijvingsvereisten: | De student dient dit opleidingsonderdeel samen op te nemen met SMI1
| | Contacturen: | 23 | | Studiepunten: | 5 | | Studiebelasting: | 140 | | Contractrestrictie(s): | Faculteit beslist op basis van het studentdossier
| | Instructietaal: | Nederlands
| | Examen: | 1e semester
| | Lesgever(s) | Peter Van Bogaert Olaf Timmermans
|
Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof 1. Aanvangscompetenties
Bij aanvang van dit opleidingsonderdeel dient de student over de volgende competenties te beschikken: Actieve beheersing van :Passieve beheersing van :- Een algemene kennis van het gebruik van een PC en het internet
Specifieke aanvangscompetenties voor dit opleidingonderdeel: De student beschikt over de competenties van de Bachelor of Nursing of van de Bachelor in Midwifery
2. Eindcompetenties
De doelstelling van het leerdomein management en innovatie is het verkrijgen van kennis en vaardigheden over management en innovatie. Dit is gekoppeld aan twee competenties:
· beheersen van algemene managementtaken in de gezondheidszorg; · grondige kennis van en inzicht in de nationale en internationale gezondheidszorg.
3. Inhoud
In deze cursus is er een mix van hoor-/werkcolleges en projectonderwijs. Door de inhoud van colleges in het projectonderwijs wordt in deze cursus aan de volgende deeltaken gewerkt: - Aanbod van zorgvoorzieningen hanteren bij het ontwikkelen en aansturen van zorgprocessen - Opereren als een ondernemer binnen budgettaire en commerciële kaders - De geldende wet- en regelgeving toepassen in de beroepsuitoefening
4. Werkvormen Contactmomenten: HoorcollegesVaardigheidstrainingen Eigen werk: Opdrachten:IndividueelOpdrachten:In groepCasussen: In groep Projectwerk:In groep
5. Evaluatievormen
Schriftelijk werkstuk: met mondelinge toelichting
6. Studiemateriaal
6.1 Noodzakelijk studiemateriaal
In de module wordt voor bepaalde onderwerpen verplichte literatuur voorgeschreven. Bij het maken van de opdrachten echter wordt van de studenten verwacht dat zij zelfstandig keuzes kunnen maken uit verschillende nationale en internationale bronnen zoals vaktijdschriften en internet. Voor deze module is Literatuur samengesteld met relevante artikelen over projectmatig werken, management en innovatie. Deze literatuur kunt u vinden op Blackboard onder lesmateriaal van deze module. Het lesmateriaal is op datum geordend.
Verplichte literatuur: - Leerdomeinboek
- Schermerhorn,John, R. , Management, Academic service, Schoonhoven, 2002 ISBN 978-90-395-2552-4 - Robbins, S.P., Coulter, M., Management in sociaal agogische beroepen, Pearson, 2007 ISBN 978-90-430-1273-7 - Op Blackboard wordt per onderwijsactiviteit literatuur in de vorm van digitale artikelen beschikbaar gesteld
6.2 Facultatief studiemateriaal
Het volgende studiemateriaal kan vrijblijvend bestudeerd worden.
Suggesties voor literatuur: - Schermerhorn Jr.,John, R. , James G. Hunt en Richard N. Osborn, Gedrag in organisaties, Academic service, Schoonhoven, 2002 7e druk. - Wijnen, G., Projectmatig werken, Het Spectrum.17e druk. - Quinn, R. Handboek managementvaardigheden, , Academic Service Schoonhoven, 1997. - Prein, H., Trainingsboek conflicthantering en mediation¿ Houten/Diegem, 2002, 4e druk..
7. Contactgegevens en begeleiding
peter.vanbogaert@ua.ac.be
olaf.timmermans@ua.ac.be
(+)laatste aanpassing: 16/08/2011 14:37 david.kums
|
|
|
|
|
Beleidsontwikkelingen in de gezondheidszorg in nationaal en internationaal perspectief
|
|
|
|
| | Studiegidsnr: | 5003GENVEV | | Vakgebied: | Verpleeg- en vroedkunde | | Semester: | 2e semester
| | Inschrijvingsvereisten: | De student dient dit opleidingsonderdeel samen op te nemen met SMI1 en SMI2
| | Contacturen: | 22 | | Studiepunten: | 5 | | Studiebelasting: | 140 | | Contractrestrictie(s): | Faculteit beslist op basis van het studentdossier
| | Instructietaal: | Nederlands
| | Examen: | 2e semester
| | Lesgever(s) | Peter Van Bogaert Olaf Timmermans
|
Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof 1. Aanvangscompetenties
Bij aanvang van dit opleidingsonderdeel dient de student over de volgende competenties te beschikken: Actieve beheersing van :Passieve beheersing van :- Een algemene kennis van het gebruik van een PC en het internet
Specifieke aanvangscompetenties voor dit opleidingonderdeel: De Student beschikt over de competenties van de Bachelor of Nursing of van de Bachelor in Midwifery
2. Eindcompetenties
De doelstelling van het leerdomein management en innovatie is het verkrijgen van kennis en vaardigheden over management en innovatie. Dit is gekoppeld aan twee competenties:
· Beheersen van algemene managementtaken in de gezondheidszorg · Grondige kennis van en inzicht in de nationale en internationale gezondheidszorg
3. Inhoud
In deze cursus is er een mix van hoor-/werkcolleges en projectonderwijs. Door de inhoud van colleges in het projectonderwijs wordt in deze cursu aan de volgende deeltaken gewerkt:
- Participeren in beleidsontwikkeling en ¿ uitvoering. - Leiding geven aan een organisatorische eenheid. - De actuele beroepsuitoefening plaatsen in een nationaal en Europees perspectief - Beoordelen van nationale en internationale beleidsvoornemens op hun consequenties voor de dagelijkse praktijkvoering
4. Werkvormen Contactmomenten: HoorcollegesVaardigheidstrainingen Eigen werk: Opdrachten:IndividueelOpdrachten:In groepCasussen: In groep Projectwerk:In groep
5. Evaluatievormen
Schriftelijk werkstuk: met mondelinge toelichting
6. Studiemateriaal
6.1 Noodzakelijk studiemateriaal
In de module wordt voor bepaalde onderwerpen verplichte literatuur voorgeschreven. Bij het maken van de opdrachten echter wordt van de studenten verwacht dat zij zelfstandig keuzes kunnen maken uit verschillende nationale en internationale bronnen zoals vaktijdschriften en internet. Voor deze module is Literatuur samengesteld met relevante artikelen over projectmatig werken, management en innovatie. Deze literatuur kunt u vinden op Blackboard onder lesmateriaal van deze module. Het lesmateriaal is op datum geordend.
Verplichte literatuur: - Leerdomeinboek Inleiding Management en Innovatie - Schermerhorn,John, R. , Management, Academic service, Schoonhoven, 2002 ISBN 978-90-395-2552-4 - Robbins, S.P., Coulter, M., Management in sociaal agogische beroepen, Pearson, 2007 ISBN 978-90-430-1273-7 - Op Blackboard wordt per onderwijsactiviteit literatuur in de vorm van digitale artikelen beschikbaar gesteld
6.2 Facultatief studiemateriaal
Het volgende studiemateriaal kan vrijblijvend bestudeerd worden.
Suggesties voor literatuur: - Schermerhorn Jr.,John, R. , James G. Hunt en Richard N. Osborn, Gedrag in organisaties, Academic service, Schoonhoven, 2002 7e druk. - Wijnen, G., Projectmatig werken, Het Spectrum.17e druk. - Quinn, R. Handboek managementvaardigheden, , Academic Service Schoonhoven, 1997. - Prein, H., Trainingsboek conflicthantering en mediation¿ Houten/Diegem, 2002, 4e druk..
7. Contactgegevens en begeleiding
peter.vanbogaert@ua.ac.be
olaf.timmermans@ua.ac.be
(+)laatste aanpassing: 16/08/2011 14:38 david.kums
|
|
|
|
Fundamentele klinische vorming
|
Verpleegkundige modellen en theorievorming, klinische aspecten van een zorgprogramma
|
|
|
|
| | Studiegidsnr: | 5007GENVEV | | Vakgebied: | Verpleeg- en vroedkunde | | Semester: | 1e semester
| | Contacturen: | 25 | | Studiepunten: | 5 | | Studiebelasting: | 140 | | Contractrestrictie(s): | Faculteit beslist op basis van het studentdossier
| | Instructietaal: | Nederlands
| | Examen: | 2e semester
| | Lesgever(s) | Bart Van Rompaey Bart Geurden
|
Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof 1. Aanvangscompetenties
Bij aanvang van dit opleidingsonderdeel dient de student over de volgende competenties te beschikken: Specifieke aanvangscompetenties voor dit opleidingonderdeel: Student beschikt over de competenties van een Bachelor in Verpleegkunde.
2. Eindcompetenties
-
Over verpleegkundige vraagstukken, in een algemeen begrippenkader en bij voorkeur met verpleegkundig relevante begrippen, kunnen redeneren
-
Meer abstract en consistent kunnen redeneren over verpleegkundige vraagstukken in de klinische praktijk
-
Meer abstract en meer consistent kunnen redeneren over het verpleegkundig wetenschappelijk onderzoek
-
De kwaliteit van beslissingen over de optimale verpleegkundige zorg begrijpen, verbeteren en bestendigen
-
Het wetenschappelijk onderzoek over de optimale verpleegkundige zorg begrijpen, verbeteren en bestendigen.
3. Inhoud
In SFKV1 worden verschillende aspecten van conceptualiseren en redeneren, begrippenkaders en theorieën bestudeerd. Volgende onderwerpen worden als hoorcollege gedoceerd:
- Verpleegkunde en vroedkunde als wetenschappelijke praktijkdiscipline
- Nationale en internationale tendensen in het verpleegkundig professionaliseringsproces
- Organisatie van de gezondheidszorg in België
- Zorgprogramma’s en klinische paden
- Ethisch handelen en beroepscode
- Filosofie van evidence-based nursing
- Best practice en onderzoek in gezondheidszorg
- Integratie van evidence in de klinische praktijk
- Referentiekaders voor verpleegkundige theorievorming
- Verpleegkundige theorieën
- Verpleegkundige modellen
- Het verpleegproces
- Accentverschuiving van "proces" naar "outcome"
- Ongelijkheden in 'resultaat': 1ste en 2de - lijnsgezondheidszorg
- Ongelijkheden in GVO: vroedkunde
4. Werkvormen Contactmomenten: HoorcollegesWerkcollegesVaardigheidstrainingen Eigen werk: Oefeningen Begeleide zelfstudie (eventueel met responsiecolleges) Projectwerk:Individueel Projectwerk:In groep
5. Evaluatievormen
Examen: Schriftelijk zonder mondelinge toelichtingGesloten boekMeerkeuzevragen Schriftelijk werkstuk: zonder mondelinge toelichting
6. Studiemateriaal
6.1 Noodzakelijk studiemateriaal
De powerpointpresentaties van de hoorcolleges zullen beschikbaar zijn via Blackboard. Bij de aanvang van de les worden hand-outs voorzien.
6.2 Facultatief studiemateriaal
Het volgende studiemateriaal kan vrijblijvend bestudeerd worden. Offringa, M., Assendelft, W., Scholten, R. Inleiding in evidence-based medicine Bohn Stafleu Van Loghum, 2003, ISBN 90 313 4006 5 Smith, P., James, T.,Lorentzon, M.,Pope, R. Shaping the facts: Evidence-based Nursing and Health Care.Churchill Livingstone, 2004, ISBN 0443 064377 In elke module FKV wordt voor bepaalde onderwerpen mogelijke literatuur voorgeschreven.
7. Contactgegevens en begeleiding
Bart Van Rompaey
bart.vanrompaey@ua.ac.be
campus Drie Eiken Universiteitsplein 1, B-2610 Antwerpen R3.30
Bart Geurden bart.geurden@ua.ac.be
campus Drie Eiken Universiteitsplein 1, B-2610 Antwerpen R3.32
Bart Geurden is bereikbaar op dinsdag en donderdag (03-820.29.26) of 0486-67.80.97
(+)laatste aanpassing: 16/08/2011 14:38 david.kums
|
|
|
|
|
Homeostase en chronische zorg
|
|
|
|
| | Studiegidsnr: | 5008GENVEV | | Vakgebied: | Verpleeg- en vroedkunde | | Semester: | 1e semester
| | Contacturen: | 24 | | Studiepunten: | 5 | | Studiebelasting: | 140 | | Contractrestrictie(s): | Faculteit beslist op basis van het studentdossier
| | Instructietaal: | Nederlands
| | Examen: | 1e semester
| | Lesgever(s) | Marie Couttenye
|
Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof 1. Aanvangscompetenties
Bij aanvang van dit opleidingsonderdeel dient de student over de volgende competenties te beschikken: Actieve beheersing van :Passieve beheersing van :- Een algemene kennis van het gebruik van een PC en het internet
Specifieke aanvangscompetenties voor dit opleidingonderdeel: Student beschikt over de competenties van een Bachelor in Verpleegkunde.
2. Eindcompetenties
De student leert kennis van en inzicht in fundamentele fysiopathologische processen te verwerven, noodzakelijk voor het verlenen van 'evidence based' verpleeg- en vroedkundige zorg.
De student kan klinische en wetenschappelijke kennis van fundamentele fysiopathologische processen integreren met het oog op het zelfstandig toepassen, ontwikkelen en coördineren van verpleeg- en vroedkundige zorgprocessen.
De student kan deze kennis ook toepassen om directe patiëntenzorg te sturen en te coordineren in een multidisciplinaire context met het oog op het verhogen van de kwaliteit van de zorg.
De student oefent in het communiceren van de verworven kennis en inzicht aan zijn peers .
3. Inhoud
In SFKV2 worden verschillende aspecten van de homeostase van het menselijk lichaam bestudeerd. Daarnaast wordt ook ingegaan op de impact van een falende homeostatisch mechanisme op de patiënt en de daardoor veroorzaakte nood - vaak multidisciplinair - aan zorg. In dit deel van de klinische leerlijn wordt gefocused op chronische ziekte toestanden en hun nood aan zorg.
Volgende onderwerpen komen aan bod:
1. Water- en natriumhuishouding: regelingsmechanismen en pathologische toestanden 2. Zuur-base- en kaliumhuishouding: regelingsmechanismen en pathologische toestanden 3. Lever: fysiologische functies, fysiopathologisch mechanismen en ziekte toestanden 4. Voeding: algemene principes, diagnostiek van onder/overvoeding, beginselen van dieetleer 5. Diabetes: fysiopathologie, diagnostiek, behandeling van de twee types diabetes 6. Chronische nierinsufficiëntie: functionele anatomie van de nier, fysiopathologische processen en hun gevolgen voor de patiënt 7. Chronisch ziekzijn: psychosociale aspecten 8. Dialyse: beschrijving van de verschillende technieken, hun (contra-)indicaties, voor- en nadelen, organisatorische aspecten 9. Infecties: basisbegrippen, geillustreerd o.a.aan de hand van MRSA problematiek 10. Immuniteit: niertransplantatie als voorbeeld om begrippen van allo-immuniteit, gebruik van immunosuppressiva aan te brengen 11. Basisbegrippen van farmacologie: om tot een rationeel gebruik/verdeling van medicaties te komen 12. Verpleegkundige diagnoses toegepast op patienten met chronische nierinsufficientie.
Naast de hoorcolleges worden in een aantal vaardigheden lessen een aantal van deze topics verder uitgewerkt aan de hand van cases, oefeningen, interactieve lessen met referentie-verpleegkundigen, bestuderen literatuuretc.
Tenslotte krijgen de studenten ook (in groepen) de opdracht om gedurende het ganse academiejaar te werken aan een zorgproject dat aansluit bij één van de thema's uit "Fundamanteel Klinische Vorming 2, 3 of 4".
4. Werkvormen Contactmomenten: HoorcollegesOefeningensessiesWerkcollegesVaardigheidstrainingen Eigen werk: Opdrachten:IndividueelOpdrachten:In groepCasussen: In groep Begeleide zelfstudie (eventueel met responsiecolleges) Projectwerk:In groep
5. Evaluatievormen
Examen: Schriftelijk zonder mondelinge toelichtingGesloten boekMeerkeuzevragen
6. Studiemateriaal
6.1 Noodzakelijk studiemateriaal
De powerpointpresentaties van de hoorcolleges zullen beschikbaar zijn via Blackboard. Bij de aanvang van de les worden hand-outs voorzien.Ook opdrachten voor werkcolleges worden via Blackboard aangeboden.
6.2 Facultatief studiemateriaal
Het volgende studiemateriaal kan vrijblijvend bestudeerd worden. In elke module van de klinische lijn wordt voor bepaalde onderwerpen mogelijke literatuur voorgeschreven. Bij het maken van de opdrachten echter wordt van de studenten verwacht dat zij zelfstandig keuzes kunnen maken uit verschillende nationale en internationale bronnen zoals vaktijdschriften en internet. Vooral literatuur aangaande 'evidence based practice' en multiprofessionele samenwerking dienen aan bod te komen.
Als algemene naslagwerken worden "Harrison's: Principles of Internal Medicine" en "Human Physiology - An Integrated Approach (editor DU Silverthorn)" aangeraden.
7. Contactgegevens en begeleiding
marie.couttenye@ua.ac.be
(+)laatste aanpassing: 12/04/2012 11:39 marie.couttenye
|
|
|
|
|
Bloedsomloop en acute zorg
|
|
|
|
| | Studiegidsnr: | 5009GENVEV | | Vakgebied: | Verpleeg- en vroedkunde | | Semester: | 2e semester
| | Contacturen: | 22 | | Studiepunten: | 5 | | Studiebelasting: | 140 | | Contractrestrictie(s): | Faculteit beslist op basis van het studentdossier
| | Instructietaal: | Nederlands
| | Examen: | 2e semester
| | Lesgever(s) | Christiaan Vrints Koen De Meester
|
Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof 1. Aanvangscompetenties
Bij aanvang van dit opleidingsonderdeel dient de student over de volgende competenties te beschikken: Specifieke aanvangscompetenties voor dit opleidingonderdeel: - student beschikt over de competenties van een Bachelor in Verpleeg- of Vroedkunde
- om de lessen vlot te kunnen volgen zijn opfrissen van de kennis van de cardiovasculair anatomie en basisinzichten in electrocardiografie wenselijk
2. Eindcompetenties
- grondige kennis van fysiopathologische processen van belang voor een adequate verpleeg- en vroedkundige verzorging
- inzicht in:
* de methodologie die gevolgd wordt om fysiopathologische processen in de cardiologie te ontrafelen
* het belang van (historische) epidemiologische data
* de problematiek van de implementatie van richtlijnen in de dagelijkse praktijk
* de multifactoriële origine van hart- en vaatziekten
* de relevantie van de multidisciplinaire aanpak van hart- en vaataandoeningen
* de economische impact van hart- en vaataandoeningen
3. Inhoud
1. Atherosclerose/coronair ischemisch hartlijden (CIHL)
Naast een korte epidemiologische uiteenzetting die illustreert hoe CIHL de laatste decades de voornaamste doodsoorzaak in de Westerse wereld geworden is, wordt uitgebreid ingegaan op de risicofactoren voor atherosclerose en CIHL. Hierdoor wordt duidelijk dat zowel primaire als secundaire preventie een multidisciplinaire aanpak behoeven. De klassieke klinische manifestaties van CIHL, zijnde angor pectoris en het acuut coronair syndroom, worden uitgebreid toegelicht. Hierbij gaat ook aandacht naar medicamenteuze therapie, interventies en aanpak van complicaties.
2. Chronisch hartfalen (CHF)
CHF is een aandoening die een belangrijk impact heeft op de Westerse gezondheidszorg, zowel op gezondheidseconomisch vlak als voor de individuele patiënt. Patiënten met CHF hebben een slechte levenskwaliteit, worden vaak gehospitaliseerd en hebben een slechte prognose. Patiënten met CHF zullen in de toekomst meer en meer opgenomen worden in zogenaamde "disease management programmes"; vandaar dat de aandoening zich goed leent om in een opleiding Master in de Verpleeg- en Vroedkunde toegelicht te worden. De behandeling bestaat niet alleen uit medicamenteuze therapie; dankzij educatie en verpleegkundige begeleiding kan de patiënt zelf een actieve rol spelen (flexibiliteit in therapie, symptoomherkenning, zelfzorg enz.).
De rol van doorgedreven technologische interventies in de behandeling van hartfalen (interne defibrillator, biventriculaire pacing, kunsthart, transplantatie) zal worden toegelicht.
In een gastcollege zal de economische impact van hart- en vaatdoeningen en meer bepaald van CHF voorgesteld worden
3. Ritmestoornissen
Plotse dood is een belangrijke vorm van overlijden. De oorzaken van deze ingrijpende gebeurtenis zijn zeer divers en een hele scala van onderliggende aandoeningen kan hiervoor verantwoordelijk zijn. Zowel fysiopathologische inzichten (substraat-vulnerabiliteit-trigger) als maatregelen die in deze levensbedreigende situatie dienen getroffen, worden besproken. Ruime aandacht gaat naar de electrische behandeling van ventrikel fibrillatie en de impact die AED's (automatische externe defibrillator) hebben (en zouden kunnen hebben).
4. Casuistiek
Naast theoretische uiteenzettingen wordt ruimschoots ingegaan op de daadwerkelijke implementering van deze kennis en worden op een interactieve manier patiënten uit de dagdagelijkse praktijk voorgesteld. Hieruit moet ondermeer blijken hoe de navolging van richtlijnen gemodifeerd kan worden in functie van de beschikbaarheid van middelen, personeel, specifieke omstandigheden.
5. Rol van de verpleegkundige
De mogelijke rol van de advanced nurse practioner en onderzoeker in de cardiologie wordt onder meer geïllustreerd aan de hand van de volgende uiteenzettigen:
- hartfalen verpleegkundige
- CPU (chest pain unit) verpleegkundige
- verpleegkundig specialist congenitale cardiologie
4. Werkvormen Contactmomenten: HoorcollegesOefeningensessies Eigen werk: Opdrachten:In groepCasussen: In groep
5. Evaluatievormen
Examen: Schriftelijk zonder mondelinge toelichtingGesloten boekMeerkeuzevragen
6. Studiemateriaal
6.1 Noodzakelijk studiemateriaal
- powerpoint presentaties van de lessen zullen ter beschikking gesteld worden op blackboard en bovendien voor iedere les als handouts uitgedeeld worden
6.2 Facultatief studiemateriaal
Het volgende studiemateriaal kan vrijblijvend bestudeerd worden. - in de lessen zal literatuur (meestal onder de vorm van review artikels in belangrijke peer reviewed tijdschriften) aangehaald worden en zullen referenties ter beschikking gesteld worden
- Harrison's Principles of Internal Medicine* en Braunwald's Heart Disease** zijn de belangrijkste naslagwerken die in de bibliotheek geneeskunde kunnen geraadpleegd worden
* Harrison's Principles of Internal Medicine (16th Edition). ISBN: 0071391401DOI: 10.1036/0071391401 ** Braunwald's Heart Disease (7th edition). ISBN 1416000151
7. Contactgegevens en begeleiding
http://www.ua.ac.be/main.aspx?c=christiaan.vrints
(+)laatste aanpassing: 16/08/2011 14:32 david.kums
|
|
|
|
|
Zenuwstelsel, gedrag en ouderenzorg
|
|
|
|
| | Studiegidsnr: | 5010GENVEV | | Vakgebied: | Verpleeg- en vroedkunde | | Semester: | 2e semester
| | Contacturen: | 21 | | Studiepunten: | 5 | | Studiebelasting: | 140 | | Contractrestrictie(s): | Faculteit beslist op basis van het studentdossier
| | Instructietaal: | Nederlands
| | Examen: | 2e semester
| | Lesgever(s) | Sebastiaan Engelborghs Ann De Mey
|
Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof 1. Aanvangscompetenties
Bij aanvang van dit opleidingsonderdeel dient de student over de volgende competenties te beschikken: Specifieke aanvangscompetenties voor dit opleidingonderdeel:
Student beschikt over de competenties van een Bachelor in Verpleeg- en Vroedkunde
Opfrissen van kennis van neuro-anatomie is wenselijk
2. Eindcompetenties
Grondige kennis van fysiopathologische processen van belang voor een adequate verpleegkundige en vroedkundige zorgverlening
Kennis van en beheersen van relevante zorgprocessen in de verpleegkunde en de vroedkunde en deze plaatsen in het huidige kader van verpleegkundige en vroedkundige theorievorming.
Kennis in inzicht in functionele neuro-anatomie, pathofysiologie van diverse neurologische aandoeningen.
Inzicht in de ontwikkeling en implementatie van evidence-based care.
3. Inhoud
I. Gedragsneurologie
Dit gedeelte van de hoorcolleges toont hoe onze inzichten in de werking van de hersenen continu verandert door klinisch en fundamenteel wetenschappelijk onderzoek en illustreert eveneens de noodzaak ervan. Op basis van recente onderzoeksgegevens wordt getracht een overzicht te geven van de functie (met nadruk op gedragsbeïnvloeding) van enkele hersenstructuren. Steeds wordt de link naar de pathologie gelegd en worden gedragsneurologische aspecten geïllustreerd met casuïstiek.
II. Pathofysiologie van neurologische aandoeningen Wetenschappelijk onderzoek vergroot het inzicht in de pathofysiologie van hersenaandoeningen. Dit leidt tot nieuwe en accuratere diagnostische instrumenten en op termijn ook tot nieuwe en betere behandelingsmogelijkheden. Klinisch-wetenschappelijk onderzoek en klinische studies slaan de brug tussen wetenschap en evidence-based care. In dit gedeelte van de cursus worden enkele neurologische aandoeningen met een verschillende etiopathogenese belicht. III. De geriatrische patiënt Evidence-based care in een gekantelde (ziekenhuis)organisatie impliceert onder meer dat alle zorgverstrekkers (verpleegkundige: evidence-based nursing, arts: evidence-based medicine, …) samenwerken om de belangen van de patiënt te behartigen. In dit onderdeel wordt ingegaan op de specifieke kenmerken van de geriatrische patiënt, wordt geïllustreerd wat de rol van de verpleegkundige kan zijn in een multiprofessioneel gerontologisch team dat instaat voor evidence-based care en worden de gezondheidszorgvoorzieningen voor ouderen bestudeerd. IV. Behandeling: evidence-based care Hoe verzorgen we of hoe behandelen we hersenaandoeningen? Heeft passieve mobilisatie van een hemipleeg lidmaat bij een CVA-patiënt zin? In evidence-based care laten we ons leiden door de resultaten van degelijk klinisch-wetenschappelijk onderzoek. V. Workshop Voorstelling van lopend verpleegkundig gerontologisch en neurologisch onderzoek. Voorstelling door studenten van neurologische casuïstiek uit de eigen werksituatie – paneldiscussie.
4. Werkvormen Contactmomenten: HoorcollegesOefeningensessies Eigen werk: Opdrachten:IndividueelOpdrachten:In groepCasussen: IndividueelCasussen: In groep Portfolio Projectwerk:In groep
5. Evaluatievormen
Examen: Schriftelijk zonder mondelinge toelichtingGesloten boekMeerkeuzevragen
6. Studiemateriaal
6.1 Noodzakelijk studiemateriaal
De powerpointpresentaties van de hoorcolleges zullen beschikbaar zijn via Blackboard. Bij de aanvang van de colleges worden hand-outs voorzien.
6.2 Facultatief studiemateriaal
Het volgende studiemateriaal kan vrijblijvend bestudeerd worden.
In elke module FKV wordt voor bepaalde onderwerpen mogelijke literatuur voorgeschreven. Bij het maken van de opdrachten echter wordt van de studenten verwacht dat zij zelfstandig keuzes kunnen maken uit verschillende nationale en internationale bronnen zoals vaktijdschriften en Internet. Vooral literatuur aangaande evidence based practice en multiprofessionele samenwerking dienen aan bod te komen.
Aanbevolen naslagwerk: Harrison's Principles of Internal Medicine (16th Edition), ISBN: 0071391401DOI: 10.1036/0071391401
Aanbevolen naslagwerken die als bijkomende achtergrondinformatie gebruikt kunnen worden voor SFKV4:
Neurologie (Hijdra, Koudstaal, Roos). Maarssen: Elsevier/Bunge. ISBN 90 6348 2701. Beschikbaar in Bibliotheek CDE (T) (GEN 616.8 G HIJD 99). Basisboek klinische neurologie.
Sesam Atlas van de Anatomie - Deel 3 Zenuwstelsel en Zintuigen (W. Kahle). Baarn: Bosch & Keuning. ISBN 90 414 0230 8. Geschikt voor het opfrissen en verduidelijken van de neuro-anatomie van het centrale zenuwstelsel (bevat duidelijke figuren).
7. Contactgegevens en begeleiding
E-mail: Sebastiaan.Engelborghs@ua.ac.be
(+)laatste aanpassing: 02/07/2009 17:20 sebastiaan.engelborghs
|
|
|
|
Academische vorming
|
Implementatie van duurzame veranderingen
|
|
|
|
| | Studiegidsnr: | 5011GENVEV | | Vakgebied: | Verpleeg- en vroedkunde | | Semester: | 1e en 2e semester
| | Contacturen: | 14 | | Studiepunten: | 5 | | Studiebelasting: | 140 | | Contractrestrictie(s): | Faculteit beslist op basis van het studentdossier
| | Instructietaal: | Nederlands
| | Examen: | 2e semester
| | Lesgever(s) | Bart Van Rompaey Olaf Timmermans
|
Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof 1. Aanvangscompetenties
Bij aanvang van dit opleidingsonderdeel dient de student over de volgende competenties te beschikken:
- Competenties die corresponderen met de eindtermen van het secundair onderwijs
Actieve beheersing van :Passieve beheersing van :- Een algemene kennis van het gebruik van een PC en het internet
Specifieke aanvangscompetenties voor dit opleidingonderdeel: Student beschikt over de competenties van de Bachelor of Nursing of van de Bacelor in Midwifery
2. Eindcompetenties
de te bereiken competentie is: Wetenschappelijk, innovatief en creatief functioneren in de multiprofessionele, complexe en onzekere context van de verpleegkundige en vroedkundige zorgverlening
Academische vorming is het leren hanteren van academische vaardigheden (zoals argumenteren, zelfstandig problemen oplossen, schrijf-, spreek- en onderzoeksvaardigheden, argumenteren), het leren zelfstandig en creatief complexe problemen oplossen, kritisch reflecteren op en verandering door kunnen voeren. Deze vaardigheden zijn nodig voor het vormgeven van de competentie.
3. Inhoud
In deze cursus wordt gewerkt aan de volgende deeltaken die uit de compentie voortkomen: Implementeren van nieuwe ontwikkelingen Traditie overstijgende (niet-evidente) benaderingen ontwikkelen en toepassen voor praktijkgerelateerde situaties De inhoud van de cursus is als volgt:
1) Voor het ontwikkelen van het eigen leerproces; - POP en PAP bespreking aan het einde van het 1e en 2e semester | | - Leren Academisch schrijven (linguapolissessie ism met Centrum WEST) | 2) Innovatiekunde, met hierin de onderwerpen: - Kenmerken van innovatiesAcademisch schrijven | - Ontstaan, verpreiding en adoptie van innovaties | | - Implementatie van innovaties | | | | | | | | |
4. Werkvormen Contactmomenten: HoorcollegesOefeningensessiesVaardigheidstrainingen Eigen werk: Opdrachten:Individueel
5. Evaluatievormen
Examen: Schriftelijk zonder mondelinge toelichting Permanente evaluatie: CasussenMedewerking tijdens de contactmomenten Schriftelijk werkstuk: zonder mondelinge toelichting
6. Studiemateriaal
6.1 Noodzakelijk studiemateriaal
In de module wordt geen verplichte literatuur voorgeschreven. Bij het maken van de opdrachten echter wordt van de studenten verwacht dat zij zelfstandig keuzes kunnen maken uit verschillende nationale en internationale bronnen zoals vaktijdschriften en internet. Voor deze module is een reader samengesteld met relevante artikelen over het portfolio, reflectie en veranderkunde. Deze reader wordt per semester aangevuld en is per lesonderdeel beschikbaar op blackboard
6.2 Facultatief studiemateriaal
Het volgende studiemateriaal kan vrijblijvend bestudeerd worden. Linge van, R., Innovaties in de gezondheidszorg: theorie, praktijk en onderzoek, Elsevier/ De Tijdstroom, Maarssen, 2edruk, 2006.
7. Contactgegevens en begeleiding
Bart Van Rompaey
bart.vanrompaey@ua.ac.be
Olaf Timmermans olaf.timmermans@ua.ac.be
campus Drie Eiken Universiteitsplein 1, B-2610 Antwerpen R3.30
(+)laatste aanpassing: 16/08/2011 14:41 david.kums
|
|
|
|
Wetenschappelijk onderzoek
|
Epidemiologisch onderzoek en statistiek: dataverzameling, dataordening en rapporteren van data
|
|
|
|
| | Studiegidsnr: | 5004GENVEV | | Vakgebied: | Verpleeg- en vroedkunde | | Semester: | 1e semester
| | Contacturen: | 61 | | Studiepunten: | 10 | | Studiebelasting: | 280 | | Contractrestrictie(s): | Faculteit beslist op basis van het studentdossier
| | Instructietaal: | Nederlands
| | Examen: | 1e semester
| | Lesgever(s) | Monique Elseviers Bart Van Rompaey
|
Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof 1. Aanvangscompetenties
Bij aanvang van dit opleidingsonderdeel dient de student over de volgende competenties te beschikken: Specifieke aanvangscompetenties voor dit opleidingonderdeel:
De student dient geslaagd te zijn als bachelor in de verpleegkunde of bachelor in de vroedkunde of gelijkgesteld.
Andere kandidaat studenten dienen een aan vraag in te dienen bij de bevoegde onderwijscommissie.
Basis computervaardigheden: - gebruik van Microsoft Word, Excell - vlot gebruik van e-mail met versturen van bijlage - vlot gebruik van internet - kennis Engels (lezen en begrijpen) De beginsituatie van de studenten is uitzonderlijk: grote veldkennis en praktijkervaring en schoolse kennis. De meeste studenten zullen weinig tot geen specifieke vooropleiding hebben gekregen over wetenschappelijk onderzoek en statistiek. Ze zullen tijdens hun ASO of TSO opleiding weinig wiskundige richtingen hebben gevolgd.
Wetenschappelijk Onderzoek zal beschouwd worden als de moeilijkste leerlijn die het verst verwijderd is van wat deze mensen als praktijkervaring zelf inbrengen, met uitzondering waarschijnlijk van enkelen die specifiek in research projecten hebben gewerkt.
Wetenschappelijk Onderzoek mag geen leerdomein zijn dat bekwame mensen vroegtijdig doet afhaken. Daarom lijkt het belangrijk om de opleiding zeer zorgvuldig op te bouwen. Eerst doen we de belangstelling en motivatie groeien door te vertrekken van eenvoudige opdrachten met algemeen logische of ervaringsgerichte oplossingen
2. Eindcompetenties
De master als onderzoeker dient algemene wetenschappelijke competenties te beheersen. Dit dient de student aan te tonen in het masterjaar door het maken van een masterproef. De verworven kennis, vaardigheden en attitudes uit het schakeljaar leveren de basis om een onderzoeksdesign hiervoor te ontwikkelen. Dit design vormt de evaluatie van het vierde kwartaal en de afronding van het schakeljaar.
De kandidaat master dient hiervoor volgende competenties te beheersen:
· Kunnen toepassen van algemene onderzoeksmethoden en technieken. · Beheersen van statistische en informatica-instrumenten voor verwerven en verwerken van gegevens in de gezondheidszorg. · Kunnen raadplegen en interpreteren van wetenschappelijke literatuur over de gezondheidszorg en erover kunnen rapporteren. · In staat zijn tot het opzetten en uitvoeren van kleinschalig, toegepast wetenschappelijk onderzoek in de verpleegkundige en vroedkundige zorgverlening. De deeltaken die in nagestreefd worden zijn:
· Verzamelen van data ten behoeve van het beantwoorden van een onderzoeksvraag · Raadplegen van relevante wetenschappelijke informatie voor het oplossen van problemen in een multiprofessionele context (beroepsgerichte oriëntatie) · Kritisch beoordelen van relevante wetenschappelijke informatie
De student beheerst statistische en informatica-instrumenten voor het verwerven en verwerken van gegevens in de gezondheidszorg. Hiervoor kan wetenschappelijke literatuur over de gezondheidszorg geraadpleegd worden en de student is in staat erover te rapporteren. De student kan verzamelde gegevens integreren in een beschrijvend rapport. (examenopdracht)
3. Inhoud
|
Introductie wetenschappelijk onderzoek / - literatuur
|
|
Blackboard en ICT
|
|
Gebruik van de bibliotheek
|
|
Opzoeken van literatuur: vaardigheden
|
|
Onderzoeksmethoden
|
|
Van vraagstelling tot dataverzameling
|
|
Opstellen onderzoeksprotocol en ontwerpen vragenlijst leeronderzoek
|
|
Excell als werkinstrument
|
|
Data en databanken
|
|
Inleiding tot SPSS
|
|
Continue variabelen
|
|
Continue variabelen: vaardigheden / RIDIT
|
|
Discontinue variabelen
|
|
Verschil tussen gemiddelden en percentages: significantie en P-waarde
|
|
Grafische voorstelling onderzoeksgegevens: wetenschappelijke rapportering
|
|
Peer review leeronderzoek
|
4. Werkvormen Contactmomenten: HoorcollegesOefeningensessiesVaardigheidstrainingen Eigen werk: OefeningenOpdrachten:IndividueelOpdrachten:In groepScriptie: Individueel Projectwerk:Individueel
5. Evaluatievormen
Schriftelijk werkstuk: zonder mondelinge toelichting
6. Studiemateriaal
6.1 Noodzakelijk studiemateriaal
Eelko Huizingh, Inleiding SPSS 14.0 voor Windows en Data Entry, Academic Service, Sdu uitgevers Den Haag, 2006 (opgelet meest recentste versie wordt nagegaan
Howitt Dennis, Cramer Duncan, Statistiek in de sociale wetenschappen, Pearson Education Benelux, Amsterdam 2007 ISBN 978-90-430-1281-2
cd-rom SPSS 16.0
cd-rom reference manager
(alles te verkrijgen via de cursusdienst UA)
6.2 Facultatief studiemateriaal
Het volgende studiemateriaal kan vrijblijvend bestudeerd worden.
David Moore, George McCabe Statistiek in de praktijk, 5e herziene druk, Academic Service, Sdu uitgevers Den Haag, 2006
7. Contactgegevens en begeleiding
Monique Elseviers
monique.elseviers@ua.ac.be
campus Drie Eiken Universiteitsplein 1, B-2610 Antwerpen R3.29
Bart Van Rompaey
bart.vanrompaey@ua.ac.be
campus Drie Eiken Universiteitsplein 1, B-2610 Antwerpen R3.30
(+)laatste aanpassing: 16/08/2011 14:42 david.kums
|
|
|
|
|
Inleiding onderzoek en statistiek: databewerking
|
|
|
|
| | Studiegidsnr: | 5005GENVEV | | Vakgebied: | Verpleeg- en vroedkunde | | Semester: | 2e semester
| | Inschrijvingsvereisten: | De student dient SWO1 op te nemen in het programma samen met SWO2
| | Contacturen: | 42 | | Studiepunten: | 7 | | Studiebelasting: | 196 | | Contractrestrictie(s): | Faculteit beslist op basis van het studentdossier
| | Instructietaal: | Nederlands
| | Examen: | 2e semester
| | Lesgever(s) | Monique Elseviers Etienne Vermeire Bart Van Rompaey
|
Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof 1. Aanvangscompetenties
Bij aanvang van dit opleidingsonderdeel dient de student over de volgende competenties te beschikken: Actieve beheersing van :De student dient geslaagd te zijn als bachelor in de verpleegkunde of bachelor in de vroedkunde of gelijkgesteld.
- kennis Engels (lezen en begrijpen) De beginsituatie van de studenten is uitzonderlijk: grote veldkennis en praktijkervaring en schoolse kennis. De meeste studenten zullen weinig tot geen specifieke vooropleiding hebben gekregen over wetenschappelijk onderzoek en statistiek. Ze zullen tijdens hun ASO of TSO opleiding weinig wiskundige richtingen hebben gevolgd. Passieve beheersing van :- Een algemene kennis van het gebruik van een PC en het internet
Notie hebben van de basisbegrippen van: Basis computervaardigheden: - gebruik van Microsoft Word, Excell - vlot gebruik van e-mail met versturen van bijlage - vlot gebruik van internet
Specifieke aanvangscompetenties voor dit opleidingonderdeel:
Wetenschappelijk Onderzoek zal beschouwd worden als de moeilijkste leerlijn die het verst verwijderd is van wat deze mensen als praktijkervaring zelf inbrengen, met uitzondering waarschijnlijk van enkelen die specifiek in research projecten hebben gewerkt.
Wetenschappelijk Onderzoek mag geen leerdomein zijn dat bekwame mensen vroegtijdig doet afhaken. Daarom lijkt het belangrijk om de opleiding zeer zorgvuldig op te bouwen. Eerst doen we de belangstelling en motivatie groeien door te vertrekken van eenvoudige opdrachten met algemeen logische of ervaringsgerichte oplossingen
2. Eindcompetenties
De master als onderzoeker dient algemene wetenschappelijke competenties te beheersen. Dit dient de student aan te tonen in het masterjaar door het maken van een masterproef. De verworven kennis, vaardigheden en attitudes uit het schakeljaar leveren de basis om een onderzoeksdesign hiervoor te ontwikkelen. Dit design vormt de evaluatie van het vierde kwartaal en de afronding van het schakeljaar.
De kandidaat master dient hiervoor volgende competenties te beheersen:
· Kunnen toepassen van algemene onderzoeksmethoden en technieken. · Beheersen van statistische en informatica-instrumenten voor verwerven en verwerken van gegevens in de gezondheidszorg. · Kunnen raadplegen en interpreteren van wetenschappelijke literatuur over de gezondheidszorg en erover kunnen rapporteren.
Leerdoelen kwantitative onderzoeksmethoden:
De student gebruikt statistische informatica instrumenten om aangeboden en verzamelde gegevens te verwerken en interpreteren. De verschillende analysetechnieken kunnen toegepast worden op en vanuit aangeboden literatuur. De student is in staat om via integratie van de aangeboden leerstof statistische methoden te gebruiken, te herkennen en te waarderen in literatuur. (examenopdracht)
Leerdoelen kwalitatieve onderzoeksmethoden:
Leerdoel 1: De student kan een kwalitatieve onderzoeksvraag formuleren vertrekkend van een onderzoeksthema. Leerdoel 2: De student kan het gedoceerde stappenplan om kwalitatief onderzoek uit te voeren, benoemen en kan de verschillen en overeenkomsten aangeven. Leerdoel 3: De student kan de verschillende vormen van kwalitatieve analyse benoemen en uitleggen. Leerdoel 4: De student kan de kwaliteit van een wetenschappelijk artikel beoordelen.
3. Inhoud
|
Kwantitatieve onderzoeksmethoden
Regressieanalyse en correlaties
|
| Risicoberekeningen en multivariantie-analyse |
| Survival analyse |
| Niet parametrische statistiek |
| De basis van evidience based werken: peer review, meta analyses, guidelines |
Inleiding kwalitatief onderzoek
Kwaltitatieve onderzoeksmethoden In dit opleidingsonderdeel wordt uitgelegd en geoefend hoe vertrekkende vanuit een onderzoeksthema een wetenschappelijk onderzoek met kwalitatieve onderzoeksmethoden wordt uitgewerkt. Er wordt gestart met het leren opstellen van een kwalitatieve onderzoeksvraag waarbij wordt gebruik gemaakt van een uitgebreid stappenplan. |
4. Werkvormen Contactmomenten: HoorcollegesOefeningensessiesVaardigheidstrainingen Eigen werk: OefeningenOpdrachten:IndividueelOpdrachten:In groep
5. Evaluatievormen
Examen: Mondeling met schriftelijke voorbereidingOpen boek
6. Studiemateriaal
6.1 Noodzakelijk studiemateriaal
Eelko Huizingh, Inleiding SPSS 14.0 voor Windows en Data Entry, Academic Service, Sdu uitgevers Den Haag, 2006 (opgelet meest recentste versie wordt nagegaan Howitt Dennis, Cramer Duncan, Statistiek in de sociale wetenschappen, Pearson Education Benelux, Amsterdam 2007 ISBN 978-90-430-1281-2 cd-rom SPSS 16.0 cd-rom reference manager
Cursusboeken: Kwalitatief onderzoek: een verkenning (delen I, II en III) (alles te verkrijgen via de cursusdienst UA)
6.2 Facultatief studiemateriaal
Het volgende studiemateriaal kan vrijblijvend bestudeerd worden. David Moore, George McCabe Statistiek in de praktijk, 5e herziene druk, Academic Service, Sdu uitgevers Den Haag, 2006
Mortelmans D. Handboek kwalitatieve onderzoeksmethoden. Leuven, Acco 2007
Lucassen PLBJ, olde Hartmann TC (red). Kwalitatief onderzoek. Praktische methoden voor de medische praktijk. Bohn Stafleu van Loghum, Houten 2007
7. Contactgegevens en begeleiding
Monique Elseviers monique.elseviers@ua.ac.be
Bart Van Rompaey bart.vanrompaey@ua.ac.be
Etienne Vermeire etienne.vermeire@ua.ac.be
(+)laatste aanpassing: 16/08/2011 14:43 david.kums
|
|
|
|
|
Inleiding onderzoek en statistiek: ontwerp van onderzoeksdesign
|
|
|
|
| | Studiegidsnr: | 5006GENVEV | | Vakgebied: | Verpleeg- en vroedkunde | | Semester: | 2e semester
| | Inschrijvingsvereisten: | De student dient SWO1 en SWO2 op te nemen vooraleer SWO3 opgenomen kan worden
| | Contacturen: | 20 | | Studiepunten: | 3 | | Studiebelasting: | 84 | | Contractrestrictie(s): | Faculteit beslist op basis van het studentdossier
| | Instructietaal: | Nederlands
| | Examen: | 2e semester
| | Lesgever(s) | Monique Elseviers Bart Van Rompaey
|
Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof 1. Aanvangscompetenties
Bij aanvang van dit opleidingsonderdeel dient de student over de volgende competenties te beschikken: Specifieke aanvangscompetenties voor dit opleidingonderdeel:
De student dient geslaagd te zijn als bachelor in de verpleegkunde of bachelor in de vroedkunde of gelijkgesteld.
Andere kandidaat studenten dienen een aan vraag in te dienen bij de bevoegde onderwijscommissie.
Basis computervaardigheden: - gebruik van Microsoft Word, Excell - vlot gebruik van e-mail met versturen van bijlage - vlot gebruik van internet - kennis Engels (lezen en begrijpen) De beginsituatie van de studenten is uitzonderlijk: grote veldkennis en praktijkervaring en schoolse kennis. De meeste studenten zullen weinig tot geen specifieke vooropleiding hebben gekregen over wetenschappelijk onderzoek en statistiek. Ze zullen tijdens hun ASO of TSO opleiding weinig wiskundige richtingen hebben gevolgd.
Wetenschappelijk Onderzoek zal beschouwd worden als de moeilijkste leerlijn die het verst verwijderd is van wat deze mensen als praktijkervaring zelf inbrengen, met uitzondering waarschijnlijk van enkelen die specifiek in research projecten hebben gewerkt.
Wetenschappelijk Onderzoek mag geen leerdomein zijn dat bekwame mensen vroegtijdig doet afhaken. Daarom lijkt het belangrijk om de opleiding zeer zorgvuldig op te bouwen. Eerst doen we de belangstelling en motivatie groeien door te vertrekken van eenvoudige opdrachten met algemeen logische of ervaringsgerichte oplossingen
2. Eindcompetenties
De master als onderzoeker dient algemene wetenschappelijke competenties te beheersen. Dit dient de student aan te tonen in het masterjaar door het maken van een masterproef. De verworven kennis, vaardigheden en attitudes uit het schakeljaar leveren de basis om een onderzoeksdesign hiervoor te ontwikkelen. Dit design vormt de evaluatie van het vierde kwartaal en de afronding van het schakeljaar.
De kandidaat master dient hiervoor volgende competenties te beheersen:
· Kunnen toepassen van algemene onderzoeksmethoden en technieken. · Beheersen van statistische en informatica-instrumenten voor verwerven en verwerken van gegevens in de gezondheidszorg. · Kunnen raadplegen en interpreteren van wetenschappelijke literatuur over de gezondheidszorg en erover kunnen rapporteren
Aan de hand van een aangeboden of zelf ontwikkelde onderzoeksvraag integreert de student de vaardigheden uit SWO 1 en SWO 2 om literatuur te verkennen en een onderzoeksprotocol uit te werken. (examenopdracht) De student is tevens in staat het voorgestelde onderzoek aanschouwelijk voor te stellen.
3. Inhoud
|
Literatuurstudie en zoekacties
|
|
Werken met ppt
|
|
Uitwerken protocol
|
|
Peer review onderzoeksprotocollen
|
4. Werkvormen Contactmomenten: HoorcollegesOefeningensessiesVaardigheidstrainingen Eigen werk: OefeningenOpdrachten:IndividueelOpdrachten:In groep
5. Evaluatievormen
Schriftelijk werkstuk: zonder mondelinge toelichting
6. Studiemateriaal
6.1 Noodzakelijk studiemateriaal
Eelko Huizingh, Inleiding SPSS 14.0 voor Windows en Data Entry, Academic Service, Sdu uitgevers Den Haag, 2006 (opgelet meest recentste versie wordt nagegaan
Howitt Dennis, Cramer Duncan, Statistiek in de sociale wetenschappen, Pearson Education Benelux, Amsterdam 2007 ISBN 978-90-430-1281-2
cd-rom SPSS 16.0
cd-rom reference manager
(alles te verkrijgen via de cursusdienst UA)
6.2 Facultatief studiemateriaal
Het volgende studiemateriaal kan vrijblijvend bestudeerd worden.
David Moore, George McCabe Statistiek in de praktijk, 5e herziene druk, Academic Service, Sdu uitgevers Den Haag, 2006
7. Contactgegevens en begeleiding
Monique Elseviers
monique.elseviers@ua.ac.be
campus Drie Eiken Universiteitsplein 1, B-2610 Antwerpen R3.29
Bart Van Rompaey
bart.vanrompaey@ua.ac.be
campus Drie Eiken Universiteitsplein 1, B-2610 Antwerpen R3.30
(+)laatste aanpassing: 16/08/2011 14:43 david.kums
|
|
|
|
|