Personen | Personen nieuwe site | Google | Route | Contact Login 
Opleidingsonderdelen 2011-2012  
    
Lexicaal-semantische theorie
Studiegidsnr:2014FLWTAA
Vakgebied:Taalkunde en Taalbeheersing
Semester:1e semester
Contacturen:45
Studiepunten:6
Studiebelasting:168
Contractrestrictie(s):Geen contractrestrictie
Instructietaal:Nederlands
Examen:1e semester
Lesgever(s)Frans Heyvaert
Anna Aalstein
Vivien Waszink

 

Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof


1. Aanvangscompetenties

Bij aanvang van dit opleidingsonderdeel dient de student over de volgende competenties te beschikken:
Specifieke aanvangscompetenties voor dit opleidingonderdeel:
Er wordt voortgebouwd op de verworven kennis inzake zinssemantiek en woordsemantiek uit het bachelorvak “Algemene Taalwetenschap”.


2. Eindcompetenties


De student beheerst de kernbegrippen van de woordsemantiek: betekenis en referentie, polysemie,  paradigmatische semantische relaties, connotatie en denotatie, contextuele invloeden. Hij heeft inzicht in de verschillende theoretische benaderingen van de notie “lexicaal concept” en in de aard en de verschijningsvormen van metonymie en lexicale metaforiek.
Op het praktische vlak is de student in staat om semantische woorddescripties af te leveren.


3. Inhoud

Het centrale thema is de dubbele semantische rol van het woord: de referentiële en de conceptuele. Er wordt een kritisch overzicht geboden van de relevante theorievorming omtrent referentie, concept en de verhouding tussen beide. Daarnaast wordt uitgebreid aandacht besteed aan de semantische polyvalentie van woorden (voornamelijk in verband met lexicale metonymie en metaforiek) en worden ook eerder perifere semantische verschijnselen als connotatie en stijlregisters behandeld. Dit theoretische gedeelte wordt gekoppeld aan praktische toepassingen zoals het zelf formuleren van betekenisdefinities en zelf  maken van conceptuele analyses naar het model van de definities en semagrammen in het Algemeen Nederlands Woordenboek (ANW). Ook gebruikscondities van woorden, de samenhang van polyseme complexen  en de paradigmatische relaties tussen woorden worden aan de lexicografische praktijk getoetst.


4. Werkvormen
Contactmomenten:
  • Hoorcolleges
  • Werkcolleges

  • Eigen werk:
  • Opdrachten:Individueel
  • Opdrachten:In groep



  • 5. Evaluatievormen

    Permanente evaluatie:
  • Oefeningen
  • Opdrachten

  • Schriftelijk werkstuk:
  • met mondelinge toelichting


  • 6. Studiemateriaal

    6.1 Noodzakelijk studiemateriaal

    Wordt ter beschikking gesteld.

    6.2 Facultatief studiemateriaal

    Het volgende studiemateriaal kan vrijblijvend bestudeerd worden.
    In de loop van de colleges zal interessante aanvullende literatuur gesignaleerd en besproken worden.


    7. Contactgegevens en begeleiding

    (+)laatste aanpassing: 24/11/2010 10:09 hanna.goossens