Universiteit van Antwerpen
19/05/2013 - 10:59
(c)
http://www.ua.ac.be/main.aspx?c=.OOD2011&n=94305
Te behalen diploma
Om het diploma van master of Arts in de theater- en filmwetenschap te behalen moet de student
  • ingeschreven zijn voor deze opleiding onder een diplomacontract of examencontract met het oog op het behalen van een diploma
  • alle examens hebben afgelegd die horen bij zijn/haar opleidingsprogramma
  • zich voor dat opleidingsprogramma geregistreerd hebben bij de examencommissie
  • tenminste 60 studiepunten hebben verworven. 
De opleiding heeft een studieomvang 60 studiepunten.
Per academiejaar worden in een modeltraject tussen 54 en 66 studiepunten opgenomen.
Toelatingsvoorwaarden

Rechtstreeks: academische bachelor in de taal- en letterkunde: taal + TFL
 
Mits voorbereidingsprogramma: academische bachelor in de taal- en letterkunde: 2 talen en andere academische bachelors.

Mits schakelprogramma: professionele bachelor in de dans, de audiovisuele technieken en de journalistiek; andere professionele bachelors na toelating.


Doelstellingen - eindtermen

Masters in de Theater- en Filmwetenschap:

1.      zijn in staat om zelfstandig vakwetenschappelijke literatuur te verzamelen en te selecteren, en ook om in functie van onderzoek gegevens te verzamelen, te selecteren en te verwerken (primaire literatuur, films, registraties, documenten, corpora, enquêtes);

2.      zijn in staat theaterteksten, theateropvoeringen en films te situeren in hun context (historisch, ideologisch, stilistisch), het type tekst of document te herkennen en daarmee rekening te houden bij de interpretatie;

3.      zijn vertrouwd met de gangbare en actuele methodologische invalshoeken binnen hun onderzoeksdomein;

4.      zijn vertrouwd met de literatuur en de publicatiegewoontes van hun vakgebied (tijdschriften, websites en andere digitale media);

5.      zijn vertrouwd met de belangrijkste theorieën en kernbegrippen binnen de theater- en filmwetenschap, zowel actuele als minder actuele;

6.      zijn vertrouwd met de belangrijkste primaire literatuur binnen de theater- en filmwetenschap (theaterteksten en opvoeringen, films);

7.      zijn vertrouwd met de belangrijkste actuele probleemstellingen binnen het gebied van de theater- en filmwetenschap;

8.      kunnen het eigen vakgebied situeren t.o.v. andere wetenschapsdomeinen en kunnen omgaan met de interactie tussen de verschillende wetenschapsdomeinen;

9.      hebben inzicht in de complexiteit en diversiteit op het gebied van de theater- en de filmwetenschap en hebben het vermogen om deze kennis bij de beoordeling van eigen en ander onderzoek toe te passen;

10.  zijn in staat de kennis van theater- en filmwetenschap te integreren;

11.  kunnen zowel mondeling als schriftelijk rapporteren, met inbegrip van elektronische rapportage;

12.  kunnen deelnemen aan discussies met vakgenoten;

13.  kunnen een wetenschappelijke probleemstelling zo scherp en zo precies mogelijk formuleren als uitgangspunt van het eigen onderzoek;

14.  hebben een behoorlijk analytisch-interpretatief vermogen ontwikkeld;

15.  hebben een kritische ingesteldheid ten aanzien van het wetenschappelijke gehalte en de maatschappelijke relevantie van het eigen onderzoek;

16.  zijn in staat nieuwe ontwikkelingen binnen hun onderzoeksdomein en de relevante wetenschappelijke en culturele context actief maar kritisch op te volgen;

17.  beschikken over een kritische oriëntatie in de brede culturele, politieke en maatschappelijke context.


Toegang tot verdere studies
Een masterdiploma geeft toegang tot master-na-masteropleidingen, afhankelijk van de specifieke toelatingsvoorwaarden voor een bepaalde master-na-masteropleiding.
Eindexamen
Het eindtotaal van een student is een gewogen gemiddelde van de examenresultaten die de student behaalde op alle opleidingsonderdelen van zijn/haar opleidingsprogramma. 

Voor het berekenen van het eindtotaal worden de studiepunten van de corresponderende opleidingsonderdelen gebruikt als gewichten van de examenresultaten.
 
Het eindtotaal wordt uitgedrukt in gehele punten op 100.

Een student die een eindtotaal van minder dan 50 op 100 heeft behaald, kan nooit geslaagd worden verklaard.

Een student is geslaagd voor het geheel van zijn/haar opleiding als hij/zij voor alle opleidingsonderdelen van zijn/haar opleidingsprogramma een creditbewijs heeft behaald.

Voor meer informatie zie het Onderwijs- en Examenreglement.
ECTS-coördinator

Prof. dr. P. Dendale, patrick.dendale@ua.ac.be

Ms. L. Van Wallendael, linda.vanwallendael@ua.ac.be (admin)


 
Inhoudsverantwoordelijke(n) : Facultaire administratie