Personen | Personen nieuwe site | Google | Route | Contact Login 
Opleidingsonderdelen 2011-2012  
    
Inleiding tot de Franstalige letterkunden
Studiegidsnr:1022FLWTLF
Vakgebied:Letterkunde
Semester:1e semester
Contacturen:30
Studiepunten:4
Studiebelasting:112
Contractrestrictie(s):Niet te volgen onder examencontracten
Instructietaal:Frans
Examen:1e semester
Lesgever(s)Kathleen Gyssels

 

Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof


1. Aanvangscompetenties

Bij aanvang van dit opleidingsonderdeel dient de student over de volgende competenties te beschikken:
Specifieke aanvangscompetenties voor dit opleidingonderdeel:

Deze cursus gaat uit van de veronderstelling dat de studenten een analyse kunnen maken van literaire teksten, en die bovendien ook kunnen mondeling en schriftelijk uiteen te zetten. De studenten zijn vertrouwd zijn met de narratologie als hoeksteen voor het onderzoeken en bespreken van een literair tekstfragment of groter geheel (novelle, roman, oeuvre). De tekst zal ook onderscheiden worden door bepaalde genre-concepten, stijlfiguren, en dergelijke meer. Terwijl een algemene bagage van de Franse literatuurgeschiedenis wordt aangenomen, zal hier op de literaire productie van Franstalige auteurs buiten Frankrijk, met een bijzondere klemtoon op de Caribische archipel, worden ingegaan.




2. Eindcompetenties

De student moet na afloop van deze cursus weten waar het Frans gebruikt wordt en in welke functies van het maatschappelijk gebeuren (diplomatieke taal, voertaal, officiële taal, administratieve taal, enz).  De student(e) zal tevens oog hebben voor de ideologische en socio-culturele verhouding van de betrokken regio tot de "Francophonie".

Tevens worden redenen aangegeven waarom landen tot de Francophonie willen behoren of lid willen blijven en waarom auteurs zich al dan niet francofiel gedragen. Kritisch leren denken over het gebruik van een taal in een bepaalde maatschappij en /of situatie wordt als één van de eindtermen beschouwd.

 




3. Inhoud

In de cursus inleiding tot de "Francophonies" wordt beoogd de landen waar het Frans wordt gebruikt te situeren.  Telkenmale wordt nader ingegaan op de historische context en de functie(s) van het Frans, teneinde de verschillende "francofonieën" te kunnen beschrijven. in deze cursus wordt de klemtoon gelegd op postkoloniale literatuur.  Er wordt ingegaan op de ontstaansgeschiedenis van de term (O. Reclus) en op de evolutie van het concept "Francophonie" (Bourguiba, Senghor). In een eerste hoofdstuk wordt de evolutie van het koloniale naar het postkoloniale tijdperk geschetst: van "l'Empire français colonial" in de late helft van de 19 de eeuw tot de eerste onafhankelijkheidsbewegingen in Afrika en de Caribische archipel. De studenten verkrijgen op deze manier inzicht op de expansiepolitiek van Frankrijk die vooral economische en politieke doelwitten had, terrwijl de "indigènes" onder het mom van civilisering en acculturatie zich mochten gelukkig prijzen deel te nemen aan de "civilisation française".  

Duidelijk wordt hoe "la Francophonie" onder vuur komt te liggen in ficties van auteurs uit bijvoorbeeld Afrika, Vietnam, Nieuw Caledonië, Acadië en de Antillen.  De term "Francophonie" veronderstelt dat haar leden het Frans prijzen en de daaraan verbonden "civilisation française" hoog in het vaandel dragen. Naar analogie met de "Commonwealth" eisen Franstalige auteurs meer en meer het verdwijnen van een label dat als discriminerend wordt ervaren. In deze rondreis doorheen het ex-Franse imperium wordt duidelijk dat de deelgebieden een ongelijk statuut hebben.  De Franse Antillen bekleden op literair vlak een bevoorrechte positie, terwijl bijvoorbeeld Madagascar maar weinig voorstelt. 

De cursus koppelt systematisch een algemene inleiding op een bepaalde regio aan een gedetailleerde analyse van een tekstfragment. Deze overkoepelende aanpak zorgt er voor dat de studenten kennis maken met tekst en contekst. Zo komen gelijkenissen en verschillen tussen deelgebieden van de francofone literatuur te voorschijn. Verschillende genres (kortverhaal, poëzie, roman, toneel, ...) komen aan bod, alsook aspecten m.b.t. de relatie tot de ex-kolonisator, de "bilangue", de "créolisation de la langue française", enz.




4. Werkvormen
Contactmomenten:
  • Seminaries

  • Eigen werk:
  • Opdrachten:Individueel
  • Casussen: In groep
  • Scriptie: Individueel



  • 5. Evaluatievormen

    Permanente evaluatie:
  • Oefeningen
  • Opdrachten

  • Schriftelijk werkstuk:
  • met mondelinge toelichting


  • 6. Studiemateriaal

    6.1 Noodzakelijk studiemateriaal

    Syllabus wordt voorzien

    Bronverwijzing artikels en secundaire bibliografie op Internet



    6.2 Facultatief studiemateriaal

    Het volgende studiemateriaal kan vrijblijvend bestudeerd worden.
    Naast de syllabus ("Tour d'horizon et état des lieux"), wordt een specifieke titel geraadpleegd of aangekocht om zijn "paper" voor te bereiden, individueel of in groep. Idealiter schaffen de studenten het desbetreffende boek (roman, theaterstuk, poëziebundel) zelf aan in functie van het onderwerp van hun paper.


    7. Contactgegevens en begeleiding

    (+)laatste aanpassing: 17/08/2011 14:39 kathleen.gyssels