Personen | Personen nieuwe site | Google | Route | Contact Login 
Opleidingsonderdelen 2012-2013  
    
Didactiek natuurwetenschappen basis
Studiegidsnr:6232OIWNAT
Vakgebied:Opl.- & onderwijswetenschappen
Semester:1e semester
Contacturen:18
Studiepunten:3
Studiebelasting:84
Contractrestrictie(s):Niet te volgen onder examencontracten
Instructietaal:Nederlands
Examen:1e semester
Lesgever(s)Annie Pinxten

 

Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof


1. Aanvangscompetenties

Bij aanvang van dit opleidingsonderdeel dient de student over de volgende competenties te beschikken:

  • Competenties die corresponderen met de eindtermen van het secundair onderwijs

Actieve beheersing van :
  • Nederlands
  • Een algemene kennis van het gebruik van een PC en het internet
Specifieke aanvangscompetenties voor dit opleidingonderdeel:

Eindcompetenties van academische bacheloropleiding

Uitstekende domeinspecifieke kennis

Correct taalgebruik, zowel mondeling als schriftelijk





2. Eindcompetenties

Aansluitend bij de basiscompetenties van de leraar secundair onderwijs, zoals uitgeschreven door de Vlaamse Regering:
http://www.onderwijs.vlaanderen.be/nieuws/2007p/0420-basiscompetenties.htm
Er zal vooral gewerkt worden aan volgende competenties:
  • Typefunctie 1 : de leraar als begeleider van leer- en ontwikkelingsprocessen
    1. De beginsituatie van de leerlingen en de leergroep achterhalen
    2. Doelstellingen kiezen en formuleren
    3. Leerinhouden en leerervaringen selecteren
    4. Leerinhouden structureren en vertalen in leeractiviteiten
    5. Aangepaste werkvormen en groeperingsvormen bepalen
    6. Individueel en in teamverband leermiddelen kiezen en aanpassen
    7. Realiseren van een krachtige leeromgeving, met aandacht voor de heterogeniteit binnen de leergroep
    8. Observatie en evaluatie voorbereiden, individueel en indien nodig in team
    9. Proces en product evalueren met het oog op bijsturing, remediëring en differentiatie
    1. Leer- en ontwikkelingsproces adequaat begeleiden in Standaardnederlands, rekening houdend met het taalbeheersingsniveau van de leerlingen
    1. Leer- en ontwikkelingsprocessen opzetten vanuit een vakoverschrijdende invalshoek

    • Typefunctie 3 : de leraar als inhoudelijk expert

      1. Domeinspecifieke kennis en vaardigheden beheersen, verbreden en verdiepen
      2. Verworven domeinspecifieke kennis en vaardigheden aanwenden
      3. Het eigen vormingsaanbod situeren en integreren in het geheel van het onderwijsaanbod met het oog op begeleiding en oriëntering van de leerlingen
    • Typefunctie 4 : de leraar als organisator
      1. Een gestructureerd werkklimaat bevorderen
      2. Een soepel en efficiënt les- en dagverloop creëren, passend in een tijdsplanning
      3. Op correcte wijze administratieve taken uitvoeren
    • Typefunctie 5 : de leraar als innovator - de leraar als onderzoeker
      1. Vernieuwende elementen aanwenden een aanbrengen
      2. Kennisnemen van toegankelijke resultaten van onderwijsonderzoek die relevant zijn voor de eigen praktijk
      3. Het eigen functioneren ter discussie stellen en bijsturen
    • Typefunctie 7 : de leraar als lid van een schoolteam

           2.   Binnen het team over een taakverdeling overleggen en de afspraken naleven
           3.  De eigen pedagogische en didactische opdracht en aanpak in team bespreekbaar maken
           5.  In Standaardnederlands adequaat in interactie treden met alle leden van het schoolteam
      • Typefunctie 9 : de leraar als lid van de onderwijsgemeenschap

                     1.   Deelnemen aan het maatschappelijk debat over onderwijskundige thema's
      Algemene doelstellingen
      Kennis
      De studenten kunnen:
        • hedendaagse inzichten en concepten van wetenschapsdidactiek omschrijven;
        • het model van didactische analyse dat start bij de doelstellingen en eindigt bij de evaluatie weergeven
        • het vak (natuur)wetenschappen situeren in het secundair onderwijs;
        • omschrijven wat beoogd wordt met de gemeenschappelijke eindtermen natuurwetenschappen en met de vakoverschrijdende eindtermen;
        • toelichten welke didactische werkvormen en leermiddelen ingezet kunnen worden bij het vormgeven van een krachtige leeromgeving.




      Vaardigheden

      De studenten kunnen:
          • op een didactisch verantwoorde wijze een theorieles (natuur)wetenschappen voorbereiden, waarbij aandacht besteed wordt aan het:
          • verwerken van inzichten vanuit leertheoretisch oogpunt doorheen de diverse lesfasen,
          • inschatten van de beginsituatie,
          • uitschrijven van operationele doelstellingen,
          • kiezen van leerinhouden;
          • aansluiten bij de leefwereld van de leerlingen;
          • hanteren van een didactisch verantwoorde opbouw,
          • kiezen van geschikte didactische werkvormen en leermiddelen in functie van de fase in het leerproces,
          • uitwerken van de gekozen didactische werkvormen;
          • (eventueel) verantwoord integreren van ICT;
          • kiezen van geschikte evaluatievormen in functie van de vooropgestelde doelstellingen.
          • een schoolboek beoordelen;
          • (nieuwe) media gepast hanteren.
          • reflecteren over ervaringen die ze opdoen in het kader van vaardigheidsessies omtrent hun didactisch handelen en dit op basis van de F(ricties),R(eflecteren), E(xpliciteren), D(oen)-spiraal.

      Attituden

      De studenten ontwikkelen beslissingsvermogen (A1(*)), kritische ingesteldheid (A3), leergierigheid (A4), organisatievermogen (A5), zin voor samenwerking (A6), verantwoordelijkheidszin (A7), creatieve gerichtheid (A8) en flexibiliteit (A9).

      (*): attitudes vanuit de basiscompetenties van de leraar.




      3. Inhoud

      De Didactiek Natuurwetenschappen basis tezamen met de Didactiek Biologie, Chemie of Fysica vormt één geheel. Hierbij wordt, vanuit een spiraalvormige ordening van leerinhouden, gewerkt aan de nodige competenties om op een didactisch verantwoorde wijze een les wetenschappen voor te bereiden en te geven. Vandaar dat sommige competenties, alsmede de inhouden die daaraan gekoppeld worden, aan bod komen in beide modules. De basismodule behandelt die inhouden die gemeenschappelijk zijn voor de drie natuurwetenschappen Biologie, Chemie en Fysica. De uitbreidingsmodules zorgen echter voor de nodige verdieping en verbreding binnen een specifieke vakdidactiek. Leren wordt in beide modules steeds gezien als het actief verwerken van aangeboden informatie tot nieuwe kennis, en dit op basis van voorkennis. De implicaties van deze visie voor het onderwijs van exacte vakken loopt als een rode draad doorheen de diverse onderdelen van cursus.

      Volgende topics komen aan bod:
      1. Het leren van wetenschappen: resultaten en inzichten van onderwijsonderzoek m.b.t. het leren van en de instructie in wetenschappen
      2. Visie op het onderwijs (natuur)wetenschappen in Vlaanderen
      3. Bepalen van leerinhouden
        1. Eindtermen, met bijzondere aandacht voor de gemeenschappelijke en de specifieke eindtermen natuurwetenschappen, en voor de vakoverschrijdende eindtermen
        2. Leerplannen – Ordening van leerinhouden
        3. Opbouw van een jaarplan – Keuze van leerinhouden
        4. Schoolboeken: criteria voor de keuze en de beoordeling van een schoolboek
      4. Doelstellingen
        1. Taxonomieën, i.h.b. classificatie van doelstellingen op basis van de kennissoorten binnen wetenschappen
        2. Formuleren van doelstellingen
      5. Concretisering van didactische werkvormen binnen wetenschappen
        1. Doceren – OLG – Klasgesprek
        2. Discussievormen
        3. (Digitaal) vertellen
        4. Maken van een presentatie, affiche, tentoonstelling
        5. Procesgerichte instructie
      6. Het maken van een lesvoorbereiding
      7. ICT en nieuwe media
        1. Cognitieve Belasting Theorie
        2. Implicaties van de CBT voor het ontwikkelen van leeromgevingen met ICT en nieuwe media
        3. Plaats van ICT in het onderwijs wetenschappen
        4. Gebruik van (nieuwe) media in het onderwijs wetenschappen (Transparanten, SmartBoard, …)
      8. Evalueren
        1. Formele toetsen – Productevaluatie
          1. Soorten
          2. Opstellen van formele toetsen – Vraagniveau
          3. Afname en corrigeren van toetsen
        2. Procesevaluatie
          1. Evalueren van vaardigheden, attitudes en Begeleid Zelfstandig Leren
          2. Schaal van Attitudemeting voor labo’s

      Aangezien het ontwikkelen van vaardigheden als één van de belangrijkste doelstellingen van de module gezien wordt, wordt tijdens de lessen van de studenten een actieve inbreng verwacht: leesopdrachten voor thuis, werken aan opdrachten in kleinere groepen, vaardigheidsoefeningen, deelname aan groepsdiscussies, ….
      Omdat aanwezigheid tijdens de lessen vereist is, is het niet mogelijk om voor dit onderdeel in te schrijven onder de vorm van een examencontract.




      4. Werkvormen
      Contactmomenten:
    1. Hoorcolleges
    2. Werkcolleges
    3. Vaardigheidstrainingen

    4. Eigen werk:
    5. Opdrachten:Individueel
    6. Opdrachten:In groep

    7. Portfolio


      5. Evaluatievormen

      Examen:
    8. Schriftelijk zonder mondelinge toelichting
    9. Gesloten boek
    10. Open boek

    11. Permanente evaluatie:
    12. Oefeningen
    13. Opdrachten

    14. Portfolio:
    15. zonder mondelinge toelichting


    16. 6. Studiemateriaal

      6.1 Noodzakelijk studiemateriaal

      Syllabus en powerpointpresentaties beschikbaar gesteld op blackboard.


      6.2 Facultatief studiemateriaal

      Het volgende studiemateriaal kan vrijblijvend bestudeerd worden.
      Handboeken (natuur)wetenschappen secundair onderwijs.



      7. Contactgegevens en begeleiding

      Vaktitularissen:

      Prof. Dr. Rianne Pinxten (annie.pinxten@ua.ac.be), tel.: 03 265 22 92, lokaal D.B.0.25 en D.C.1.26


      (+)laatste aanpassing: 21/09/2012 16:18 annie.pinxten