Personen | Personen nieuwe site | Google | Route | Contact Login 
Opleidingsonderdelen 2012-2013  
    
Te behalen diploma
Om het diploma van bachelor of Science in de biologie te behalen moet de student
  • ingeschreven zijn voor deze opleiding onder een diplomacontract of examencontract met het oog op het behalen van een diploma
  • alle examens hebben afgelegd die horen bij zijn/haar opleidingsprogramma
  • zich voor dat opleidingsprogramma geregistreerd hebben bij de examencommissie
  • tenminste 180 studiepunten hebben verworven. 
De opleiding heeft een studieomvang 180 studiepunten.
Per academiejaar worden in een modeltraject tussen 54 en 66 studiepunten opgenomen.
Toelatingsvoorwaarden
een diploma van het secundair onderwijs, van het hoger onderwijs, van het hoger onderwijs voor sociale promotie, met uitzondering van het Getuigschrift Pedagogische Bekwaamheid,  of van een diploma of getuigschrift dat krachtens een wettelijke norm, een Europese richtlijn of een andere internationale overeenkomst als gelijkwaardig met één van de voorgaande diploma’s wordt erkend.
Doelstellingen - eindtermen
Algemeen
 
A. De bachelor in de Biologie kan een vraag of probleem kritisch analyseren, omschrijven, beoordelen en oplossen. Daartoe kan hij/zij formeel denken, logisch deductief redeneren, heeft een kritische zin, is creatief en heeft een ontwikkeld probleemoplossend vermogen.
 
B. Hij/zij heeft de kennis en de kunde om alleen en in teamverband verdere kennis te zoeken, te evalueren, samen te vatten en verder te verspreiden. Dit houdt impliciet een basis in van wetenschappelijke communicatie, van coördineren en ordenen van werk en van het gebruik van de Engelse taal. Hem/haar worden de attitudes van levenslang leren en reflectie aangeleerd. Hij/zij bezit de leervaardigheden om een vervolgstudie met een hoge mate van autonomie aan te vatten.
 
C. De bachelor heeft de nodige methodologische en experimentele vaardigheden en de kritische ingesteldheid om zelf wetenschappelijke waarnemingen te doen, en die te interpreteren tegen de achtergrond van bestaande wetenschappelijke paradigmata.
 
D. De bachelor is in staat een selectie te maken uit de informatie die hij/zij wenst door te geven op een specifiek of algemeen (vulgariserend) niveau, daartoe gegevens op een correcte manier te presenteren, en zich hierbij mondeling en schriftelijk vaardig uit te drukken. Hij/zij is in staat een redenering toe te lichten of te verdedigen.
 
Biologie-specifiek
 
E. De bachelor heeft een onderbouwde basiskennis van de levende wereld, en van de relatie van de levende materie tot de abiotische omgeving. Daartoe beschikt hij/zij ook over een basiskennis van de andere natuurwetenschappen: chemie, fysica, en wiskunde.
 
F. Hij/zij heeft een gedegen inzicht in de verschillende vormen van leven, de evolutie van leven, de genetische basis van leven, de opbouw en het functioneren van levende systemen, het samenleven van verschillende levensvormen en de relatie tussen levende en niet-levende materie.
 
G. De bachelor in de Biologie reflecteert zowel over de begrippen kennis en leven als over de plaats van de mens in de wereld. Zonodig neemt hij/zij daarover gefundeerde stellingen in.
 
H. De bachelor in de Biologie kan naar de maatschappij toe antwoord geven op vragen van algemene aard in verband met levende materie en met de relatie tussen mens en biosfeer.
 
I.   De bachelor in de Biologie heeft weet van de functiegebieden waarin biologen professioneel actief zijn, en welke bijdrage een bioloog daar kan leveren. Hij is zich bewust van de internationale context waarin het wetenschappelijk onderzoek zich situeert.
Toegang tot verdere studies
Een bachelor diploma geeft rechtstreeks toegang tot ten minste één masteropleiding.
Eindexamen
Het eindtotaal van een student is een gewogen gemiddelde van de examenresultaten die de student behaalde op alle opleidingsonderdelen van zijn/haar opleidingsprogramma. 

Voor het berekenen van het eindtotaal worden de studiepunten van de corresponderende opleidingsonderdelen gebruikt als gewichten van de examenresultaten.
 
Het eindtotaal wordt uitgedrukt in gehele punten op 100.

Een student die een eindtotaal van minder dan 50 op 100 heeft behaald, kan nooit geslaagd worden verklaard.

Een student is geslaagd voor het geheel van zijn/haar opleiding als hij/zij voor alle opleidingsonderdelen van zijn/haar opleidingsprogramma een creditbewijs heeft behaald.
 
De examencommissie kan een student die niet voor alle opleidingsonderdelen een creditbewijs heeft behaald geslaagd verklaren op grond van het feit dat ze gemotiveerd van oordeel is dat de doelstellingen van de opleiding globaal verwezenlijkt zijn.

Voor meer informatie zie het Onderwijs- en Examenreglement.
ECTS-coördinator

Prof. dr. I. Nijs, ivan.nijs@ua.ac.be