Universiteit van Antwerpen
20/07/2018 - 05:13
(c)
http://www.ua.ac.be/main.aspx?c=.OOD2012&n=105315&ct=105315&e=291335&all=true
Master of Science in de opleidings- en onderwijswetenschappen
 
Verplichte vakken
48 studiepunten
 
CodeTitelInstructietaalSemesterContacturenStudiepuntenLesgever(s)
2061OIWMAPMasterproefNederlands1e en 2e semester
10818Van Petegem,Peter
Donche,Vincent
De Maeyer,Sven
Vanhoof,Jan
Mahieu,Paul
Gijbels,David
Struyf,Elke
Van den Bossche,Piet
Colpaert,Jozef
Lauwers,Gracienne
2001OIWGKNGevorderde kwantitatieve methodenNederlands1e semester
183De Maeyer,Sven
2002OIWGKLGevorderde kwalitatieve methodenNederlands1e semester
183Donche,Vincent
2021OIWISDInstructioneel designNederlands1e semester
156Colpaert,Jozef
2003OIWIDPInterdisciplinair projectNederlands1e en 2e semester
5412
2038OIWMSSManagement en Strategische Sturing van een Professionele OrganisatieNederlands1e semester
456Vanhoof,Jan
Vrije keuzeopleidingsonderdelen
12 studiepunten
 
CodeTitelInstructietaalSemesterContacturenStudiepuntenLesgever(s)
2036OIWMOPManagement van het OnderwijsprocesNederlands2e semester
303Vanhoof,Jan
2037OIWONVOnderwijsvernieuwingNederlands2e semester
303Van Petegem,Peter
2035OIWCLOCollectief leren in organisatiesNederlands2e semester
183Van den Bossche,Piet
2041OIWMVOMethodologische uitdagingen binnen opleidings- en onderwijswetenschappenNederlands2e semester
186Donche,Vincent
De Maeyer,Sven
2042OIWKZEKwaliteitszorg en effectiviteit bij opleidingenNederlands2e semester
213Van Petegem,Peter
1206TEWBDKHRM en arbeidsrechtNederlands2e semester
456Janvier,Ria
Henderickx,Erik
2043OIWOREOnderwijsrechtNederlands1e semester
213Lauwers,Gracienne
2044OIWIOOInternationalisering van opleiding en onderwijsNederlands1e semester
143Lauwers,Gracienne
2045OIWICTICT in opleiding en onderwijsNederlands2e semester
153Colpaert,Jozef
2020OIWLOWLeren op de werkplekNederlands2e semester
206Gijbels,David
2040OIWOWFOnderwijsfilosofieNederlands1e semester
03Braeckmans,Luc
 

 

Verplichte vakken

48 studiepunten

Masterproef
Studiegidsnr:2061OIWMAP
Vakgebied:Opl.- & onderwijswetenschappen
Semester:1e en 2e semester
Contacturen:108
Studiepunten:18
Studiebelasting:504
Contractrestrictie(s):Niet te volgen onder examencontracten
Instructietaal:Nederlands
Examen:1e en/of 2e semester
Lesgever(s)Peter Van Petegem
Vincent Donche
Sven De Maeyer
Jan Vanhoof
Paul Mahieu
David Gijbels
Elke Struyf
Piet Van den Bossche
Jozef Colpaert
Gracienne Lauwers
Kristin Vanlommel
Jan Ardies
Liesje Coertjens
Karen Meynen
Jelle Boeve-de Pauw
Katrien Cuyvers

 

Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof


1. Aanvangscompetenties

Bij aanvang van dit opleidingsonderdeel dient de student over de volgende competenties te beschikken:
Specifieke aanvangscompetenties voor dit opleidingonderdeel:






2. Eindcompetenties

Om de master succesvol af te sluiten dien je een masterproef te schrijven. Deze masterproef moet het bewijs leveren dat je het vakgebied, en in het bijzonder het gekozen deelgebied (onderwerp), voldoende beheerst om zelfstandig een wetenschappelijk onderzoek op te zetten, uit te voeren en daarover schriftelijk te rapporteren.

 

De masterproef moet zonder twijfel een bijdrage zijn, hoe bescheiden ook, tot de onderwijs- en opleidingswetenschappen.

 

Hierbij wordt alleszins een eigen inbreng van jou verwacht.

 

Het doel van de bijdrage is dat de bestaande wetenschappelijke kennis, inhoudelijk of methodologisch, na het tot stand komen van de verhandeling toegenomen moet zijn, hoe bescheiden deze toename ook moge wezen. Dit veronderstelt dat vooraf wordt aangetoond dat in deze kennis ofwel leemten schuilen, ofwel tegenstellingen en onzekerheden en dat achteraf blijkt dat dit verholpen werd.




3. Inhoud

Een goede masterproef bevat de volgende onderdelen:

- een inleiding en duidelijke probleemstelling;

- een overzicht van relevante bestaande literatuur;

- een uiteenzetting van de gevolgde methode bij het onderzoek;

- een overzichtelijke beschrijving van de onderzoeksresultaten;

- een bespreking en conclusie;

- een lijst met gehanteerde referenties.





4. Werkvormen
Contactmomenten:
  • Seminaries

  • Eigen werk:
  • Scriptie: Individueel

  • Begeleide zelfstudie (eventueel met responsiecolleges)


    5. Evaluatievormen

    Schriftelijk werkstuk:
  • met mondelinge toelichting


  • 6. Studiemateriaal

    6.1 Noodzakelijk studiemateriaal

    Er zijn een aantal relevante publicaties op de markt die je helpen met het schrijven van je eindverhandeling. Deze auteurs lichten voornamelijk taalaspecten toe: hoe best een argumentatie opbouwen, welke stijlelementen zijn toepasbaar in een eindverhandeling, een korte uiteenzetting van spellingsregels en grammaticale aandachtspunten, …

     

    Een aanrader daarbij is:  

    Eco, U. (1985). Hoe schrijf ik een scriptie. Amsterdam: Uitgeverij Bert Bakker.

     

    Aangaande de APA-stijl verwijzen we naar de verschillende bronnen die via het internet raadpleegbaar zijn. Een voorbeeld:

    Degelman, D., & Harris, M. L. (2000).  APA style essentials.   Geraadpleegd op 23 januari 2006 op de website van Vanguard University, Department of Psychology: http://www.vanguard.edu/faculty/ddegelman/index.aspx?doc_id=796






    6.2 Facultatief studiemateriaal

    Het volgende studiemateriaal kan vrijblijvend bestudeerd worden.

     




    7. Contactgegevens en begeleiding

    Met vragen kan je terecht bij karen.meynen@ua.ac.be
    (+)laatste aanpassing: 31/01/2013 16:48 karen.meynen  

    Gevorderde kwantitatieve methoden
    Studiegidsnr:2001OIWGKN
    Vakgebied:Opl.- & onderwijswetenschappen
    Semester:1e semester
    Contacturen:18
    Studiepunten:3
    Studiebelasting:84
    Contractrestrictie(s):
    Instructietaal:Nederlands
    Examen:1e semester
    Lesgever(s)Sven De Maeyer
    Liesje Coertjens

     

    Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof


    1. Aanvangscompetenties

    Bij aanvang van dit opleidingsonderdeel dient de student over de volgende competenties te beschikken:

    • Competenties die corresponderen met de eindtermen van het secundair onderwijs

    Actieve beheersing van :
    • Nederlands
    • Engels
    Specifieke aanvangscompetenties voor dit opleidingonderdeel:
    Om dit vak te kunnen volgen dien je kennis te hebben van de klassieke (multivariate) analysetechnieken (AN(C)OVA en regressieanalyse) en moet je vertrouwd zijn met het software-pakket R. 


    2. Eindcompetenties

    Algemeen:
    Je hebt inzicht in de meer geavanceerde kwantitatieve analysetechnieken.

    Meer specifiek:
    •    Je kan een regressieanalyses met dummyvariabelen uitvoeren, interpreteren en rapporteren in R.  
    •    Je kan een logistische regressie uitvoeren, interpreteren en rapporteren in R.  
    •    Je hebt inzicht in de achterliggende logica bij de Multilevel-analyse.
    •    Je kan onderzoeksliteratuur waarin een Multilevel-analyse wordt gepresenteerd lezen en beoordelen.
    •    Je kan een Multilevel-analyse uitvoeren, interpreteren en rapporteren in R.
    •    Je hebt inzicht in de achterliggende logica bij structurele vergelijkingsmodellen zoals padmodellen en  confirmatieve factor-analyse.
    •    Je kan onderzoeksliteratuur waarin een structureel vergelijkingsmodel wordt gepresenteerd lezen en beoordelen.

    •    Je kan een confirmatieve factor-analyse en een padmodel uitvoeren in R, interpreteren en rapporteren.
    •    Je hebt inzicht in de achterliggende logica bij de Iterm-Respons-Theorie.
    •    Je kan onderzoeksliteratuur waarin een IRT-analyse wordt gepresenteerd lezen en beoordelen



    3. Inhoud

    Onderzoek in de opleidings- en onderwijswetenschappen heeft vaak niet voldoende aan de ‘klassieke’ wijze van analyseren. Deze module heeft tot doel studenten vertrouwd te maken met een aantal gevorderde kwantitatieve analysetechnieken die gehanteerd worden in de opleidings- en onderwijswetenschappelijke literatuur.

     In eerste instantie gaan we dieper in op verschillende wijzen van regressieanalyse waarbij rekening gehouden wordt met een aantal kenmerken van de data. Eerst staan we stil bij regressieanalyse met enkele categorische onafhankelijke variabelen (regressieanalyse met dummyvariabelen). In de sociale wetenschappen hebben we vaak met categorische variabelen te maken, ook als afhankelijke variabele. Daarom richten we vervolgens onze aandacht op logistische regressie. Beide uitbreidingen van het regressiemodel leer je toepassen in R.

    Daarna gaan we in op een ander probleem waar bijna elk onderzoek in de opleidings- en onderwijswetenschappen mee te kampen heeft: het probleem van afhankelijkheid tussen waarnemingen. Respondenten maken vaak op één of andere wijze deel uit van een hiërarchische structuur: studenten zitten geclusterd in klassen, scholen, landen; cursisten zitten geclusterd in opleidingen die op hun beurt geclusterd kunnen zijn in vormingscentra, bedrijven, …. Bijgevolg wint multilevel-analyse, een analysetechniek die rekening houdt met de afhankelijkheid van de data, aan populariteit in de menswetenschappen. Tijdens deze module krijg je de basisprincipes van deze analysetechniek aangereikt en dien je dit toe te passen in het programmaR.

    In tweede instantie richten we onze aandacht op het meten van concepten of kenmerken. In tegenstelling tot de exacte wetenschappen is het binnen de menswetenschappen zo goed als onmogelijk om terug te vallen op geijkte en perfect betrouwbare meetinstrumenten. We beschikken niet over een meter, een weegschaal, …. In kwantitatief onderzoek wordt daarom beroep gedaan op meetinstrumenten zoals likertschalen om waarden, gedrag, voorkeuren, overtuigingen, … van respondenten te kwantificeren. Bij het opstellen van deze meetinstrumenten kan het één en ander verkeerd gaan. Zo kan het zijn dat alle items niet hetzelfde meten, dat bepaalde items geen informatie aanleveren over verschillen bij de respondenten, … .

    In het opleidingsonderdeel Leeronderzoek leerde je reeds  exploratief een factoranalyse uitvoeren in Rom na te gaan of er meerdere dimensies verscholen liggen in een meetinstrument. In dit opleidingsonderdeel zien we een alternatieve techniek: confirmatieve factoranalyse. Je leert deze analysetechniek in deze module uitvoeren. Daarnaast gaan we ook in op modellen die de oorzakelijkheid van verbanden in kaart brengen, padmodellen genaamd. Zowel confirmatieve factoranalyse als padmodellen horen thuis onder de noemen structurele vergelijkingsmodellen.

    Tot slot behandelen we ook een andere stroom van analysetechnieken die de kwaliteit en de kenmerken van meetinstrumenten in kaart brengen: de IRT-technieken (Item Respons Theory). Deze techniek leer je niet toepassen, maar je moet wel literatuur die gebruik maakt van deze techniek kritische kunnen lezen en interpreteren.




    4. Werkvormen
    Contactmomenten:
  • Hoorcolleges
  • Oefeningensessies

  • Eigen werk:
  • Oefeningen
  • Opdrachten:Individueel

  • Begeleide zelfstudie (eventueel met responsiecolleges)


    5. Evaluatievormen

    Examen:
  • Schriftelijk zonder mondelinge toelichting
  • Gesloten boek
  • Open boek
  • Meerkeuzevragen
  • Open vragen


  • 6. Studiemateriaal

    6.1 Noodzakelijk studiemateriaal

    Wordt in de loop van het eerste semester op Blackboard geplaatst onder de map Studiemateriaal.

    6.2 Facultatief studiemateriaal

    Het volgende studiemateriaal kan vrijblijvend bestudeerd worden.



    7. Contactgegevens en begeleiding

    Sven De Maeyer
    sven.demaeyer@ua.ac.be
    tel: 03/2204932

    (+)laatste aanpassing: 27/06/2011 12:52 sven.demaeyer  

    Gevorderde kwalitatieve methoden
    Studiegidsnr:2002OIWGKL
    Vakgebied:Opl.- & onderwijswetenschappen
    Semester:1e semester
    Contacturen:18
    Studiepunten:3
    Studiebelasting:84
    Contractrestrictie(s):
    Instructietaal:Nederlands
    Examen:1e semester
    Lesgever(s)Vincent Donche
    Katrien Cuyvers
    Liesje Coertjens

     

    Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof


    1. Aanvangscompetenties

    Bij aanvang van dit opleidingsonderdeel dient de student over de volgende competenties te beschikken:
    Actieve beheersing van :
    • Nederlands
    • Engels
    • Een algemene kennis van het gebruik van een PC en het internet
    Specifieke aanvangscompetenties voor dit opleidingonderdeel:
    Om dit vak te kunnen volgen die je kennis te hebben van basisbegrippen uit de kwalitatieve onderzoeksmethodologie (zie ook Inleiding in Methoden en Technieken), de klassieke kwalitatieve analysetechnieken (zie ook kwalitatieve analysestechnieken 1) en moet je vertrouwd zijn met het software-pakket NVIVO.


    2. Eindcompetenties

    Je verwerft inzicht in een aantal gevorderde kwalitatieve onderzoeksmethoden en analystechnieken.

    Meer specifiek

    - Je hebt inzicht in kenmerken en opzet van casestudies m.i.v. actie-onderzoek en ontwerponderzoek in opleidings- en onderwijscontexten.

    - Je bent in staat om kwalitatieve data op complexe wijze te analyseren (typologie opstellen en analyse van uitgebreide kwalitatieve datasets). 

    - Je kan onderzoeksliteratuur waarin kwalitatieve analyses en resultaten worden gepresenteerd beoordelen op basis van wetenschappelijke kwaliteitsvereisten.

    - Je kan kwalitatieve onderzoeksresultaten op wetenschappelijke wijze rapporteren.

     

     




    3. Inhoud

    Deze module heeft tot doel studenten vertrouwd te maken met een aantal gevorderde kwalitatieve onderzoeksmethoden en analysetechnieken. Er wordt stil gestaan bij kenmerken, methoden, processen en kwaliteitsvereisten van vormen van gevalstudie-onderzoek (m.i.v. actie-onderzoek en ontwerponderzoek) in opleidings- en onderwijscontexten. Daarnaast wordt op een toepassingsgerichte wijze ervaring opgedaan met gevorderde analysetechnieken in NVIVO.
     


    4. Werkvormen
    Contactmomenten:
  • Hoorcolleges
  • Werkcolleges

  • Eigen werk:
  • Oefeningen
  • Opdrachten:Individueel



  • 5. Evaluatievormen

    Schriftelijk werkstuk:
  • zonder mondelinge toelichting


  • 6. Studiemateriaal

    6.1 Noodzakelijk studiemateriaal

    Wordt in de loop van het eerste semester op Blackboard geplaatst onder de map studiemateriaal.

    6.2 Facultatief studiemateriaal

    Het volgende studiemateriaal kan vrijblijvend bestudeerd worden.
    Mortelmans, D. (2011). Kwalitatieve analyse met NVIVO. Acco: Leuven.


    7. Contactgegevens en begeleiding

    Vincent Donche
    vincent.donche@ua.ac.be


    (+)laatste aanpassing: 18/10/2012 15:17 vincent.donche  

    Instructioneel design
    Studiegidsnr:2021OIWISD
    Vakgebied:Opl.- & onderwijswetenschappen
    Semester:1e semester
    Contacturen:15
    Studiepunten:6
    Studiebelasting:168
    Contractrestrictie(s):Niet te volgen onder credit- en examencontracten
    Instructietaal:Nederlands
    Examen:1e semester
    Lesgever(s)Jozef Colpaert
    Katrien Cuyvers

     

    Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof


    1. Aanvangscompetenties

    Bij aanvang van dit opleidingsonderdeel dient de student over de volgende competenties te beschikken:
    • Een algemene kennis van het gebruik van een PC en het internet
    Specifieke aanvangscompetenties voor dit opleidingonderdeel:

    Dit opleidingsonderdeel bouwt verder op de opleidingsonderdelen uit de 'stroom' leren en instructie van het schakelprogramma opleidings- en onderwijswetenschappen, meer in het bijzonder:

    • leerpsychologie
    • bevorderen van leerprocessen in onderwijs
    • bevorderen van leerprocessen in organisaties
    • onderwijstechnologie



    2. Eindcompetenties

    • Weten wat Instructioneel Design is en waar/hoe het toegepast kan/moet worden;
    • Het onderscheid kunnen maken tussen een technologische, onderwijskundige en engineering-benadering;
    • Het Distributed Learning model kunnen toepassen op een opleiding(sonderdeel) naar keuze;
    • Het kunnen duiden en plaatsen van een relevant artikel;
    • Het kunnen uitvoeren van een ontwerpopdracht op basis van kennis en inzicht.



    3. Inhoud

    In een eerste deel wordt een overzicht gegeven van Instructioneel Design als discipline en worden de belangrijkste auteurs en strekkingen voorgesteld, vooral in het licht van behavioristische, cognitivistische en constructivistische theorieën over leren en instructie;

     

    In een tweede deel wordt een conceptueel en methodologisch referentiekader voor Instructioneel Design voorgesteld, besproken en toegepast op een aantal cases.

     

    De resultaten van de opdrachten worden in de les voorgesteld en besproken. In functie van de resterende tijd komen nog een aantal capita selecta aan bod.

     

    In het vak wordt gebruik gemaakt van wiki, kenniscorpus, BB en door studenten gekozen tools (zoals Google Docs, Facebook etc).




    4. Werkvormen
    Contactmomenten:
  • Hoorcolleges
  • Werkcolleges

  • Eigen werk:
  • Opdrachten:Individueel
  • Opdrachten:In groep
  • Casussen: Individueel
  • Casussen: In groep



  • 5. Evaluatievormen

    Examen:
  • Schriftelijk zonder mondelinge toelichting

  • Permanente evaluatie:
  • Opdrachten
  • Medewerking tijdens de contactmomenten

  • Presentatie

    6. Studiemateriaal

    6.1 Noodzakelijk studiemateriaal

    Syllabus - Materiaal beschikbaar via Blackboard/wiki.


      6.2 Facultatief studiemateriaal

      Het volgende studiemateriaal kan vrijblijvend bestudeerd worden.
      Zal tijdens de cursus medegedeeld worden.


      7. Contactgegevens en begeleiding

      Prof. dr. Jozef Colpaert
      http://www.ua.ac.be/jozef.colpaert
      jozef.colpaert@ua.ac.be

      Asst. Margret Oberhofer
      http://www.ua.ac.be/margret.oberhofer
      margret.oberhofer@ua.ac.be

      (+)laatste aanpassing: 10/06/2011 15:06 margret.oberhofer  

      Interdisciplinair project
      Studiegidsnr:2003OIWIDP
      Vakgebied:Opl.- & onderwijswetenschappen
      Semester:1e en 2e semester
      Contacturen:54
      Studiepunten:12
      Studiebelasting:336
      Contractrestrictie(s):Niet te volgen onder examencontracten
      Instructietaal:Nederlands
      Examen:2e semester
      Lesgever(s)Peter Van Petegem
      Jozef Colpaert
      Sven De Maeyer
      Jan Vanhoof
      Paul Mahieu
      David Gijbels
      Piet Van den Bossche
      Kristin Vanlommel
      Karen Meynen

       

      Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof


      1. Aanvangscompetenties

      Bij aanvang van dit opleidingsonderdeel dient de student over de volgende competenties te beschikken:
      Specifieke aanvangscompetenties voor dit opleidingonderdeel:

      Om aan dit opleidingsonderdeel deel te nemen moet je alle opleidingsonderdelen uit je schakel- of voorbereidingsprogramma met voldoening hebben afgerond.




      2. Eindcompetenties

      Algemeen:
      Je verwerft probleemoplossende vaardigheden die je in staat stellen om een probleem in een opleidings- of onderwijssetting te analyseren, en wetenschappelijk verantwoorde oplossingen te suggereren.
      Je verwerft de sociale vaardigheden om in een opleidings- of onderwijssetting in een team te functioneren en je verwerft de managementsvaardigheden om dit team aan te sturen. Bovendien ben je in staat om conclusies ondubbelzinnig schriftelijk en mondeling te communiceren naar diverse doelgroepen en via diverse kanalen.

      Meer specifiek:

      • je leert zelfgestuurd leren;
      • je kunt een (onderzoeks)project opzetten, uitvoeren en evalueren;
      • je kunt een projectplan maken;
      • je kunt een projectrapportage maken;
      • je hebt je presentatietechnieken (schriftelijk, mondeling en technisch) eigen gemaakt;
      • je verwerft een professionele attitude;
      • je bent in staat verantwoordelijkheden op te nemen;
      • je bent in staat om zelfstandig problemen op te lossen in teamverband;
      • je leert oordelen in een maatschappelijke context;
      • je verwerft sociale en communicatieve vaardigheden.



      3. Inhoud

      Projectonderwijs
      In het Interdisciplinair Project (IP) ga je als student in groep aan de slag om een zinvol reëel project uit te voeren. Je bent lid van een zelfsturende projectgroep die gedurende één academiejaar op een projectmatige manier samenwerkt aan een authentieke taak. Deze projecten situeren zich allemaal in het brede veld van het organiseren van leren in opleidings- en in onderwijssetting, zowel op micro-, meso- als macro-niveau.

       

      De projecten kunnen verschillend van aard zijn. Zowel projecten waarbij iets nieuws moet worden ontwikkeld (ontwikkelproject), als projecten waarbij een geplande activiteit moet worden ontwikkeld en uitgevoerd (uitvoeringsproject) of waarbij een bestaande activiteit moet worden beoordeeld en verbeterd (evaluatieproject), kunnen in aanmerking komen.

       

      Deze projecten zijn authentieke opdrachten in die zin dat ze worden uitgevoerd in opdracht van een externe opdrachtgever die een projectthema aanreikt. Deze externe opdrachtgever van een project kan een persoon, een deel van een organisatie of een hele organisatie zijn. Organisaties of delen ervan worden in het project vertegenwoordigd door minstens één vast aanspreekpunt. De externe opdrachtgever kan al dan niet deel uitmaken van de Universiteit Antwerpen.

       

      Het doel van het interdisciplinair project is om je te leren je kennis en vaardigheden uit diverse opleidingsonderdelen te integreren. Bovendien doe je via het IP concrete ervaring op met professionele competenties, zoals projectmanagement, sociale competenties, communicatieve vaardigheden. Je voert het project immers uit in een zelfsturende projectgroep. Belangrijke elementen in het zelf aansturen van een projectverloop zijn onder meer: een goede projectconceptie maken, het verloop van het project grondig opvolgen, time management, duidelijk en zorgvuldig communiceren en rapporteren, actief deelnemen aan vergaderingen en deze ook kunnen voorzitten, etc. Om je te ondersteunen bij het verwerven van deze professionele vaardigheden, worden er o.m. enkele workshops georganiseerd.

       

      In het IP staat het leren centraal. Daarom wordt er aan de opdrachtgever geen resultaatsverbintenis beloofd. De opdrachtgever kan dus op het einde van het project geen ‘afgewerkt product’ eisen.


      Multidisciplinair
      Zoals de titel en de doelstellingen van het opleidingsonderdeel doen vermoeden, zijn de projecten in het IP multidisciplinair van aard. Alle projectthema’s beschikken zowel over een empirische als een theoretische component. Die theoretische en onderzoeksmatige component sluit multidisciplinair aan bij de aandachtsvelden uit de opleidingsstructuur namelijk: leren & instructie, organisatie & beleid, methodologie & statistiek.

       




      4. Werkvormen
      Contactmomenten:
    • Werkcolleges

    • Eigen werk:
    • Opdrachten:In groep
    • Scriptie: In groep

    • Projectwerk:
    • In groep



    • 5. Evaluatievormen

      Schriftelijk werkstuk:
    • zonder mondelinge toelichting

    • Presentatie

      6. Studiemateriaal

      6.1 Noodzakelijk studiemateriaal

      Het noodzakelijke studiemateriaal is afhankelijk van het onderwerp van het project waaraan je deelneemt.

      6.2 Facultatief studiemateriaal

      Het volgende studiemateriaal kan vrijblijvend bestudeerd worden.
      /


      7. Contactgegevens en begeleiding

      (+)laatste aanpassing: 09/06/2011 11:06 karen.meynen  

      Management en Strategische Sturing van een Professionele Organisatie
      Studiegidsnr:2038OIWMSS
      Vakgebied:Opl.- & onderwijswetenschappen
      Semester:1e semester
      Contacturen:45
      Studiepunten:6
      Studiebelasting:168
      Contractrestrictie(s):Niet te volgen onder examencontracten
      Instructietaal:Nederlands
      Examen:1e semester
      Lesgever(s)Jan Vanhoof
      Paul Mahieu
      Kristin Vanlommel

       

      Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof


      1. Aanvangscompetenties

      Bij aanvang van dit opleidingsonderdeel dient de student over de volgende competenties te beschikken:
      Specifieke aanvangscompetenties voor dit opleidingonderdeel:

      Dit opleidingsonderdeel integreert en bouwt verder op competenties van volgende opleidingsonderdelen van het schakelprogramma/voorbereidingsprogramma:
      -          de lerende organisatie: organisatiekunde
      -          kennis is macht: kennismanagement
      -          bevorderen van leerprocessen in organisaties
      -          bevorderen van leerprocessen in onderwijs
      -          Capita selecta


      2. Eindcompetenties


      Het onderstaande overzicht zet de beoogde eindcompetenties op een rij. Studenten:
       
      -          kunnen de concepten ‘management en strategische sturing’ duiden.
      -          kunnen kritisch reflecteren op de relevantie van verschillende organisatietheorieën
      -          beschikken over probleemoplossende vaardigheden die hen in staat stellen om een managementprobleem in een opleidings- en onderwijssetting te analyseren, en weten­schappelijk verantwoorde oplossingen te suggereren.
      -          kunnen het proces van doel- en strategieontwikkeling systematisch vormgeven.
      -          kunnen de concepten en het belang van technologie en kwalificatie duiden.
      -          kunnen suggesties formuleren m.b.t. relevante (f)actoren om organisatiecultuur en organisatiestructuur strategisch vorm te geven.
      -          hebben inzicht in verschillen tussen leiderschap en management en in verschillende stijlen van leiderschap.
      -          kunnen suggesties formuleren m.b.t. relevante (f)actoren om leiderschap strategisch vorm te geven.
      -          kunnen het concept en het belang van organisatieontwikkeling en -verandering in professionele organisaties duiden.
      -          kunnen de samenhang tussen de strategische vraagstukken en de structurele, culturele en politieke kenmerken van een organisatie verklaren.


      3. Inhoud


      Het vak MSS valt inhoudelijk uiteen in twee delen. In deel 1 ligt de focus op het verwerven van relevante concepten en kaders. Telkens wordt eveneens toegelicht hoe deze concepten op een systematische manier kunnen ingezet worden bij het analyseren van levensechte managementuitdagingen. Deel 2 bestaat erin dat studenten een zelfgekozen managementuitdaging formuleren en als startpunt nemen voor een analyse waarbij de aangebrachte concepten en kader gehanteerd worden.
       
      Deel 1: Focus op het verwerven van concepten en kaders
       
      Thema/les 1: Inleiding, introductie van kernconcepten, praktische afspraken
      Thema/les 2: Strategie en organisatieomgeving
      Thema/les 3: Technologie en kwalificatie
      Thema/les 4: Cultuur in professionele organisaties
      Thema/les 5: Structuur in professionele organisaties
      Thema/les 6: Leiderschap in professionele organisaties
      Thema/les 7: Organisatieontwikkeling en -verandering


      4. Werkvormen
      Contactmomenten:
    • Hoorcolleges
    • Werkcolleges

    • Eigen werk:
    • Opdrachten:In groep



    • 5. Evaluatievormen

      Examen:
    • Mondeling met schriftelijke voorbereiding

    • Schriftelijk werkstuk:
    • met mondelinge toelichting

    • Presentatie

      6. Studiemateriaal

      6.1 Noodzakelijk studiemateriaal

       

      6.2 Facultatief studiemateriaal

      Het volgende studiemateriaal kan vrijblijvend bestudeerd worden.



      7. Contactgegevens en begeleiding

      (+)laatste aanpassing: 30/07/2012 14:20 jan.vanhoof  

      Vrije keuzeopleidingsonderdelen

      12 studiepunten

      Management van het Onderwijsproces
      Studiegidsnr:2036OIWMOP
      Vakgebied:Opl.- & onderwijswetenschappen
      Semester:2e semester
      Contacturen:30
      Studiepunten:3
      Studiebelasting:84
      Contractrestrictie(s):Niet te volgen onder examencontracten
      Instructietaal:Nederlands
      Examen:2e semester
      Lesgever(s)Jan Vanhoof
      Peter Van Petegem

       

      Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof


      1. Aanvangscompetenties

      Bij aanvang van dit opleidingsonderdeel dient de student over de volgende competenties te beschikken:
      Specifieke aanvangscompetenties voor dit opleidingonderdeel:
      Competenties zoals verondersteld in de toelatingsvoorwaarden voor de opleiding


      2. Eindcompetenties

      Inzicht hebben in de foci, betrokkenen, procedures en condities van een succesvolle zelfevaluatie als strategisch instrument voor kwaliteitszorg 
      Inzicht hebben in de verschillende dragers van beleidsvoerend vermogen. 
      De dragers van beleidsvoerend vermogen kunnen toepassen in een case studie.



      3. Inhoud

      Bij het opleidingsonderdeel Management van het onderwijsproces komen twee thema’s aan bod: zelfevaluatie en beleidsvoerend vermogen van scholen. Zelfevaluatie wordt voor­gesteld als een strategisch instrument voor kwaliteitszorg. In dit kader wordt stil gestaan bij de mogelijke foci van zelfevaluatie, de betrokkenen, de procedure en condities. Het beleidsvoerend vermogen van scholen wordt bekeken vanuit de dragers voor beleidsef­fectiviteit van scholen. Er worden acht dragers van dichterbij bekeken: doeltreffende com­municatie, ondersteunende professionele en persoonlijke relaties, gedeeld leiderschap, gezamenlijke doelgerichtheid, responsief en innovatief vermogen, geïntegreerd beleid en reflectief vermogen. De beide thema’s worden met elkaar in verband gebracht en dit zal zich ook vertalen in de praktijkopdracht die bij dit opleidingsonderdeel hoort. In beide onderdelen wordt uitgegaan van een actieve en op het werk betrokken deelnemer.


      4. Werkvormen
      Contactmomenten:
    • Hoorcolleges
    • Werkcolleges

    • Eigen werk:
    • Opdrachten:Individueel
    • Casussen: Individueel



    • 5. Evaluatievormen

      Schriftelijk werkstuk:
    • met mondelinge toelichting


    • 6. Studiemateriaal

      6.1 Noodzakelijk studiemateriaal

      J. Vanhoof & P. Van Petegem. Pei/ijlen naar succesvol schoolbeleid. Mechelen: Plantyn

      6.2 Facultatief studiemateriaal

      Het volgende studiemateriaal kan vrijblijvend bestudeerd worden.



      7. Contactgegevens en begeleiding

      (+)laatste aanpassing: 07/06/2011 14:01 jan.vanhoof  

      Onderwijsvernieuwing
      Studiegidsnr:2037OIWONV
      Vakgebied:Opl.- & onderwijswetenschappen
      Semester:2e semester
      Contacturen:30
      Studiepunten:3
      Studiebelasting:84
      Contractrestrictie(s):
      Instructietaal:Nederlands
      Examen:2e semester
      Lesgever(s)Peter Van Petegem
      Eric Verbiest
      Kristin Vanlommel

       

      Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof


      1. Aanvangscompetenties

      Bij aanvang van dit opleidingsonderdeel dient de student over de volgende competenties te beschikken:
      Specifieke aanvangscompetenties voor dit opleidingonderdeel:
      Competenties zoals verondersteld in de toelatingsvoorwaarden voor de opleiding


      2. Eindcompetenties

      1. Kunnen begrijpen en plaatsen van onderwijsvernieuwingen in het kader van maatschappelijke (globale) trends en ontwikkelingen.
      2. Kunnen analyseren van processen van onderwijsvernieuwing in een school vanuit diverse paradigmata van onderwijsvernieuwing (rationeel-lineaire en cultureel-dynamische perspectieven op onderwijsvernieuwing).
      3. Kunnen toepassen van de belangrijkste determinanten van een vernieuwingsproces en de daaraan verbonden succesfactoren in een innovatieproces op school, inclusief het kunnen ondersteunen van leerkrachten bij het realiseren van onderwijsvernieuwingen via geëigende interventies.



      3. Inhoud

      De cursus beoogt vooral het helpen ontwikkelen van een theoretisch denkkader over onderwijsvernieuwing dat gebruikt kan worden in de analyse van processen van onderwijsvernieuwing op een school en daarop toegepast kan worden.
      Daartoe worden onderwijsvernieuwingen die niet alleen in Vlaanderen, maar ook wereldwijd merkbaar zijn, gesitueerd in een context van (globale) maatschappelijke ontwikkelingen. Verder worden vanuit een historisch-systematische invalshoek diverse opvattingen over onderwijsvernieuwing behandeld, zowel met een theoretisch als met een toepassingsgericht oogmerk. Aan de orde komen diverse benaderingen zoals het adoptieperspectief, het implementatieperspectief, schoolorganisatieontwikkeling, de zogeheten effective school movement en, als een voorlopig culminatiepunt, de authentieke schoolvernieuwingsopvatting). Enige nadruk ligt daarbij ook op de vraag naar het ontwikkelen van interne schoolcapaciteiten ter verhoging van het beleidsvoerend vermogen van de school. Naast colleges en literatuurbesprekingen worden ook door studenten zelf ingebrachte casussen besproken


      4. Werkvormen
      Contactmomenten:
    • Hoorcolleges



    • 5. Evaluatievormen

      Schriftelijk werkstuk:
    • zonder mondelinge toelichting


    • 6. Studiemateriaal

      6.1 Noodzakelijk studiemateriaal

      ­ Geijsel, F., Sleegers, P.(2001): Aangrijpingspunten voor innovatie: schoolorganisatie en schoolleiding. In: Creemers, B., Houtveen, A.: Onderwijsinnovatie. Onderwijskundig lexicon, editie III, Kluwer, Alphen aan de Rijn, blz. 57-74.
      ­ Hargreaves, A. (2003): Educational change over time? The sustainability and non-sustainability of three decades of secondary school change and continuity. Key-note, ICSEI-conference, January, Rotterdam.
      ­ Houtveen, T. (2005): Voorwaarden voor het vernieuwend handelen van leraren. In: Cree¬mers, B.P.M., J.H.G.I.Giesbers, M.L. Krüger, C.A. van Vilsteren (red.), Handboek schoolorganisatie en onderwijsmanagement, Leiding geven in bestel, school en klas. Samsom, Alphen aan de Rijn blz. E4350-1/19.
      ­ Reezigt, G., de Jong, R. (2001): Kenmerken van effectieve schoolverbeteringsprojecten. In: In: Creemers, B., Houtveen, A.: Onderwijsinnovatie. Onderwijskundig lexicon, editie III, Kluwer, Alphen aan de Rijn, blz. 99-118.
      ­ Verbiest, E. & R. Vandenberghe (2002): Professionele leergemeenschappen ? een nieuwe kijk op permanente onderwijsvernieuwing en ontwikkeling van leraren. In: School en Begeleiding: Personeel en Organisatie (1), blz. 57-86.

      6.2 Facultatief studiemateriaal

      Het volgende studiemateriaal kan vrijblijvend bestudeerd worden.
      ­ Berg, R., van den, R. Vandenberghe (1999): Succesvol leidinggeven aan onderwijsinnovaties. Investeren in mensen. Alphen aan de Rijn: Samsom.
      ­ Bottery, M. (2004): The challenges of educational leadership. Values in a globalized age. London: Paul Chapman Publishers
      ­ Fullan, M. (2005): Leadership & Sustainability. System thinkers in action. Thousand Oaks: Corwin Press.
      ­ Hargreaves, A.(2003): Teaching in the knowledge society. Education in the age of insecurity. London: Open University Press
      ­ Hopkins, D. (2001): School improvement for real. London: Routledge Falmer.
      ­ Mitchell, C. , Sackney, L. (2000): Profound improvement. Building capacity for a learning community. Lisse: Swets & Zeitlinger Publishers.
      ­ Southworth, G. (2004): Primary schools leadership in context. Leading small, medium and large sized schools. London: Routledge Falmer.
      ­ Verbiest, E. (2002): Collectief leren in scholen. Oratie, Fontys, Tilburg.
      ­ Verbiest, E. (2004): Samen wijs. Bouwstenen voor professionele leergemeenschappen. Antwerpen/Apeldoorn: Garant.
      ­ VLOR (2005): Beleidsvoerend vermogen van scholen ontwikkelen. Een verkenning Antwerpen/Apeldoorn: Garant.


      7. Contactgegevens en begeleiding

      (+)laatste aanpassing: 04/06/2011 12:30 peter.vanpetegem  

      Collectief leren in organisaties
      Studiegidsnr:2035OIWCLO
      Vakgebied:Opl.- & onderwijswetenschappen
      Semester:2e semester
      Contacturen:18
      Studiepunten:3
      Studiebelasting:84
      Contractrestrictie(s):Niet te volgen onder examencontracten
      Instructietaal:Nederlands
      Examen:2e semester
      Lesgever(s)Piet Van den Bossche

       

      Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof


      1. Aanvangscompetenties

      Bij aanvang van dit opleidingsonderdeel dient de student over de volgende competenties te beschikken:

      2. Eindcompetenties

      Studenten begrijpen hoe een variëteit aan sociale structuren in organisaties de context bieden voor kennisdeling en –ontwikkeling en zijn in staat om concepten en theorieën betreffende collectief leren toe te passen op bestaande organisaties. Daarenboven zijn ze in staat om strategieën aan te reiken die collectief leren bevorderen.




      3. Inhoud

      Organisaties beseffen dat kennis en leren heel belangrijke, zoniet de enige, bronnen van hun werkelijk competitief voordeel zijn.  Opvallend hierbij is dat heel wat van het leren in organisaties niet gebeurt vanuit onpersoonlijke informatiebronnen zoals handboeken of databases, maar door interacties tussen mensen. Meer en meer wordt onderkend dat kennis en de kracht van kennisontwikkeling ingekapseld is in sociale netwerken en gemeenschappen. Dat web van relaties kan organisaties helpen om heel dynamisch problemen aan te pakken en nieuwe kennis te creëren.

      Dit vak bestudeert het collectief leren in organisaties vanuit drie verschillende perspectieven: het leren dat plaatsvindt in teams, gemeenschappen (communities of practice) en netwerken. Telkens wordt stilgestaan bij welke kennis en wat soort leren (al dan niet) plaatsvindt. Er wordt gezocht naar kritische factoren die het succes van dit collectief leren bepalen.




      4. Werkvormen
      Contactmomenten:
    • Hoorcolleges
    • Werkcolleges

    • Eigen werk:
    • Opdrachten:Individueel



    • 5. Evaluatievormen

      Examen:
    • Open boek
    • Open vragen

    • Schriftelijk werkstuk:
    • zonder mondelinge toelichting


    • 6. Studiemateriaal

      6.1 Noodzakelijk studiemateriaal



      6.2 Facultatief studiemateriaal

      Het volgende studiemateriaal kan vrijblijvend bestudeerd worden.



      7. Contactgegevens en begeleiding

      (+)laatste aanpassing: 02/12/2010 09:36 piet.vandenbossche  

      Methodologische uitdagingen binnen opleidings- en onderwijswetenschappen
      Studiegidsnr:2041OIWMVO
      Vakgebied:Opl.- & onderwijswetenschappen
      Semester:2e semester
      Contacturen:18
      Studiepunten:6
      Studiebelasting:168
      Contractrestrictie(s):
      Instructietaal:Nederlands
      Examen:2e semester
      Lesgever(s)Vincent Donche
      Sven De Maeyer
      Liesje Coertjens
      Kristin Vanlommel

       

      Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof


      1. Aanvangscompetenties

      Bij aanvang van dit opleidingsonderdeel dient de student over de volgende competenties te beschikken:

      • Competenties die corresponderen met de eindtermen van het secundair onderwijs

      Actieve beheersing van :
      • Nederlands
      • Engels
      • Een algemene kennis van het gebruik van een PC en het internet
      Specifieke aanvangscompetenties voor dit opleidingonderdeel:
      - het schakelprogramma Onderwijs- en Opleidingswetenschappen succesvol doorlopen hebben (meer concreet, Inleiding in Methoden en technieken, Statistiek A en B, Kwalitatieve Onderzoekstechnieken en Meten en Observeren)


      2. Eindcompetenties

      -       Je verwerft inzicht in complexe methodologische keuzes die zich in concrete onderzoeksprojecten in opleidings- en onderwijscontexten aandienen;
      - Je kan de voor- en nadelen evalueren van verschillende onderzoeksopzetten gegeven een uitdagend onderzoeksprobleem;
      -      Je begrijpt waar, wanneer en waarom een combinatie van kwalitatieve en/of kwantitatieve onderzoeksmethoden onder de vorm van mixed-method of multi-method onderzoek  een meerwaarde heeft voor concrete onderzoeksprojecten in opleidings- en onderwijscontexten;
      -       Je bent in staat zelfstandig een doordachte aanvraag tot onderzoeksvoorstel uit te schrijven, toe te lichten en te verdedigen.





      3. Inhoud

      In dit opleidingsonderdeel bespreken we concrete onderzoeksprojecten waarbij het onderzoeksdesign en methodologische keuzes innovatief zijn. We hebben daarbij aandacht voor onderzoek waarin zowel kwantitatief, kwalitatief, multi-method of mixed-method onderzoek aan bod komt. Er zullen hierbij ook studies aan bod komen die door (internationale) gastsprekers worden toegelicht. In elke contactsessie wordt een kritische discussie gevoerd over de betreffende methodologische uitdagingen in de voorgestelde onderzoeksprojecten. De bespreking van concrete onderzoeksprojecten en kritische discussie dient als inspiratiebron voor het geven van een presentatie over en het schrijven van een eigen wetenschappelijk onderzoeksvoorstel volgens de regels van de kunst die gangbaar zijn in onderzoek in opleidings- en onderwijswetenschappen.  




      4. Werkvormen
      Contactmomenten:
    • Seminaries

    • Eigen werk:
    • Opdrachten:Individueel



    • 5. Evaluatievormen

      Examen:
    • Schriftelijk met mondelinge toelichting

    • Permanente evaluatie:
    • Opdrachten
    • Medewerking tijdens de contactmomenten

    • Schriftelijk werkstuk:
    • met mondelinge toelichting


    • 6. Studiemateriaal

      6.1 Noodzakelijk studiemateriaal

      Artikelen en verwijzing naar bronnen die ingaan op de methodologische kwesties die worden aangesneden in de contactsessies worden aangeleverd via Blackboard.

      6.2 Facultatief studiemateriaal

      Het volgende studiemateriaal kan vrijblijvend bestudeerd worden.



      7. Contactgegevens en begeleiding

      Vincent Donche

      vincent.donche@ua.ac.be


      (+)laatste aanpassing: 23/01/2013 21:30 liesje.coertjens  

      Kwaliteitszorg en effectiviteit bij opleidingen
      Studiegidsnr:2042OIWKZE
      Vakgebied:Opl.- & onderwijswetenschappen
      Semester:2e semester
      Contacturen:21
      Studiepunten:3
      Studiebelasting:84
      Contractrestrictie(s):
      Instructietaal:Nederlands
      Examen:2e semester
      Lesgever(s)Peter Van Petegem
      Jan Vanhoof

       

      Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof


      1. Aanvangscompetenties

      Bij aanvang van dit opleidingsonderdeel dient de student over de volgende competenties te beschikken:
      Specifieke aanvangscompetenties voor dit opleidingonderdeel:
      - een organisatie kunnen analyseren en typeren op een aantal dimensies (structuur, cultuur, strategie) - inzicht hebben in thema’s die centraal staan in het (opleidings)beleid van een organisatie - inzicht hebben in modellen en methodieken van leren en opleiden in organisaties


      2. Eindcompetenties

      - verwerven inzicht in de ideeën van kwaliteitszorg en effectiviteit van opleidingen en in de modellen inzake kwaliteitszorg in het onderwijs - kunnen verschillende methoden van kwaliteitszorg en meten van effectiviteit van opleidingen met elkaar vergelijken en begrijpen waar, wanneer en waarom ze toegepast kunnen worden - verwerven inzicht in hoe de aard en de context van een organisatie, haar beleid en de manier waarop leerprocessen georganiseerd worden, de kwaliteit en de effectiviteit van opleidingen op een complexe manier beïnvloeden


      3. Inhoud

      Kwaliteitszorg en effectiviteit in opleidingen zijn cruciale hefbomen om de organisatie­doelen en het opleidingsbeleid op elkaar af te stemmen. De focus in dit lesonderdeel ligt op de behandeling van de filosofie, basisconcepten en methodieken van kwaliteitszorg. Deze worden gekoppeld aan methoden voor het meten van de effectiviteit van opleidingen. Er wordt stil gestaan bij de factoren die kritisch kunnen zijn voor kwaliteit en effectiviteit en de vertaling ervan in het beleid, de organisatie en de opleidingsprocessen. Ten slotte worden aanpakken voorgesteld voor de verbetering van de kwaliteit en de doelmatigheid in schoolse en buitenschoolse opleidingen.




      4. Werkvormen
      Contactmomenten:
    • Hoorcolleges
    • Seminaries

    • Eigen werk:
    • Oefeningen

    • Begeleide zelfstudie (eventueel met responsiecolleges)


      5. Evaluatievormen

      Examen:
    • Mondeling met schriftelijke voorbereiding
    • Open boek

    • Permanente evaluatie:
    • Opdrachten

    • Schriftelijk werkstuk:
    • met mondelinge toelichting


    • 6. Studiemateriaal

      6.1 Noodzakelijk studiemateriaal

      Syllabus met artikels

      6.2 Facultatief studiemateriaal

      Het volgende studiemateriaal kan vrijblijvend bestudeerd worden.



      7. Contactgegevens en begeleiding

      (+)laatste aanpassing: 30/07/2012 14:19 jan.vanhoof  

      HRM en arbeidsrecht
      Studiegidsnr:1206TEWBDK
      Vakgebied:Bedrijfskundige wetenschappen
      Semester:2e semester
      Contacturen:45
      Studiepunten:6
      Studiebelasting:168
      Contractrestrictie(s):Geen contractrestrictie
      Instructietaal:Nederlands
      Examen:2e semester
      Lesgever(s)Ria Janvier
      Erik Henderickx

       

      Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof


      1. Aanvangscompetenties

      Bij aanvang van dit opleidingsonderdeel dient de student over de volgende competenties te beschikken:
      Actieve beheersing van :
      • Nederlands
      • Engels
      Passieve beheersing van :
      • Nederlands
      • Engels
      • Een algemene kennis van het gebruik van een PC en het internet
      Specifieke aanvangscompetenties voor dit opleidingonderdeel:

      U wordt verondersteld te beschikken over een behoorlijke kennis van en een gedegen inzicht in de basisbegrippen van organisaties en management, naast noties van recht. 




      2. Eindcompetenties

      Wij streven ernaar u als student sensitief te maken voor de 'menselijke' factor in organisaties. Vanuit dat perspectief beogen wij de volgende eindcompetenties: 
      • De student(e) kan de basisbegrippen en theoretische hoofdstromingen van het HRM en het arbeidsrecht onderscheiden en definiëren, en kan de relevantie ervan binnen een organisatie duiden, gevoed vanuit (inter)nationaal onderzoek. 
      • De student(e) kan de oorzaken, gevolgen en onderlinge verbanden van belangrijke sociale en (bedrijfs)economische ontwikkelingen binnen het HRM en het arbeidsrecht, en de link ervan met de globaliserende samenleving, identificeren. 
      • De student(e) kan de verworven basiskennis van het HRM en het arbeidsrecht toepassen in concrete omstandigheden. 
      • De student(e) kan op een logische, analytische en beargumenteerde wijze een vraagstuk op het domein van het HRM en het arbeidsrecht oplossen. 



      3. Inhoud

      Het centrale vraagstuk van dit opleidingsonderdeel is: ‘hoe’ kan arbeidsgedrag (competenties, motivatie, werkomgeving) een (meetbare) sleutelbijdrage leveren aan een duurzaam competitief voordeel voor organisaties (profit, social profit - zoals onder andere scholen - en publieke sector) in een voortdurende veranderende (globaliserende) omgeving? Wat typeert de ‘high-performance organisations’ of de ‘high involvement work systems’ in termen van het aansturen van de inzet van medewerkers?  Hoe met 'mensen' het 'verschil' maken?
       
      HRM wordt tot vandaag gedefinieerd als “the planned pattern of human resource (i.e. workforce) and human resource management (i.e. functional) deployments and activities intended to enable the organization to meet organizational goals and objectives” (McMahan, Virick & Wright, 1999: 99-122). 
       
      De centrale lijn van de leerinhoud - ondersteund door de meest recente bevindingen vanuit het personeelswetenschappelijk onderzoek in de internationale tijdschriften - is: welke zijn de mogelijke conceptuele, theoretische en praktijkmogelijkheden om mensen (arbeid) in te zetten in competitieve organisaties? Het competentie- en talentmanagement vormen de 'rode draad' doorheen de diverse HRM-praktijken die worden bestudeerd. De academische insteek binnen deze leerinhoud impliceert dat wij expliciet steunen op de belangrijkste 'reviews' en 'meta analyses' die vandaag beschikbaar zijn, naast de topartikels in de wetenschappelijke literatuur. Deze worden dan vertaald naar 'evidence based management', of hoe in de praktijk 'onderbouwd' kan worden gehandeld. In grote lijnen onderscheiden wij de volgende grote delen:
      • Definitie HRM: samenhang omgeving, ('ambidextrous') organisatie, strategie en arbeid(sgedrag) 
      • Personeelswetenschappelijke stromingen / paradigma's
      • Rollen HRM en 'eerstelijnsmanagement'
      • BSC, organisatieconfiguratie en HRM Card (meten en sturen)
      • Werving, selectie en de 'eerste dag' ('on boarding') (instroom)
      • Doorstroom en loopbanen
      • Uitstroom, uitwerving en ontslag
      • Leren en ontwikkelen van competenties
      • Sturen op arbeidsgedrag (objectieven, beoordelen, terugkoppelen)
      • Belonen en waarderen
      • 'Workdesign' en 'bevlogenheid'
      • Change Management 

      In dit opleidingsonderdeel wordt vanuit een geïntegreerd perspectief ook de nodige aandacht besteed aan het arbeidsrechtelijke raamwerk. Hierbij willen wij de dynamiek en de eigenheid van het arbeidsrecht, zowel het individuele als het collectieve, in het raam van een aantal specifieke HRM-toepassingen duiden: juridische contouren bij het aanwerven en het tewerkstellen van personeel, de onderscheiden types arbeidsovereenkomsten, de mogelijkheden en beperkingen van flexibiliteit, het ontslag, de rol van de sociale partners, het collectief overleg tot en met collectieve actie.

      De theoretische invulling van de verschillende thema's wordt regelmatig geïllustreerd aan de hand van gegevens uit recent wetenschappelijk onderzoek, concrete illustraties (audiovisueel) en ‘self assessment’-oefeningen. Tevens wordt in een 'box' korte toelichting gegeven bij de basisconcepten en inzichten van de arbeids- en organisatiepsychologie / sociologie.




      4. Werkvormen
      Contactmomenten:
    • Hoorcolleges

    • Eigen werk:
    • Oefeningen
    • Opdrachten:Individueel
    • Casussen: Individueel

    • Portfolio


      5. Evaluatievormen

      Examen:
    • Schriftelijk examen: elektronisch
    • Open boek
    • Meerkeuzevragen
    • Open vragen

    • Portfolio:
    • zonder mondelinge toelichting


    • 6. Studiemateriaal

      6.1 Noodzakelijk studiemateriaal

      HENDERICKX, E., JANVIER, R., VAN BEIRENDONCK, L, HUMBLET, P.  HRM, competentiemanagement en arbeidsrecht, Leuven, Acco, (editie 2010)

      Slides via ACCO of Blackboard

      Bijkomend studiemateriaal op Blackboard



      6.2 Facultatief studiemateriaal

      Het volgende studiemateriaal kan vrijblijvend bestudeerd worden.

      Dit zal bij specifieke onderdelen worden aangegeven via Blackboard:

      • Fragmenten '50 lessons' (audiovisueel)
      • Actuele documentatie (recente rapporten, wetenschappelijke artikels...)



      7. Contactgegevens en begeleiding

      Gelieve bij vragen de assistent te contacteren: 

      De docenten kunt u best contacteren via e-mail:


      (+)laatste aanpassing: 07/02/2013 17:44 erik.henderickx  

      Onderwijsrecht
      Studiegidsnr:2043OIWORE
      Vakgebied:Opl.- & onderwijswetenschappen
      Semester:1e semester
      Contacturen:21
      Studiepunten:3
      Studiebelasting:84
      Contractrestrictie(s):
      Instructietaal:Nederlands
      Examen:1e semester
      Lesgever(s)Gracienne Lauwers
      Kristin Vanlommel

       

      Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof


      1. Aanvangscompetenties

      Bij aanvang van dit opleidingsonderdeel dient de student over de volgende competenties te beschikken:

      • Competenties die corresponderen met de eindtermen van het secundair onderwijs

      Actieve beheersing van :
      • Nederlands


      • Een algemene kennis van het gebruik van een PC en het internet

      2. Eindcompetenties

      Onderwijsrecht is complex, maar tegelijkertijd boeiend. Het onderwijsrecht wordt immers niet alleen geregeld door het recht, maar wordt bovendien sterk beïnvloed door beleidsontwikkelingen en de politiek: denk aan discussies over gelijke onderwijskansen, marktwerking in het hoger onderwijs e.d.

      Door de juridisering van het onderwijs is er meer behoefte binnen het onderwijsveld aan een basiskennis van het onderwijsrecht. De cursus beoogt geen intensieve juridische opleiding te zijn. Evenmin beoogt de cursus een discussieforum te bieden over onderwijsbeleid.

      Centraal in de cursus staat het overbrengen van een basis juridische kennis aan niet-juristen die actief zijn in het onderwijsveld wat hen in staat moet stellen een situatie in het onderwijs juridisch in te schatten, en indien vereist, tijdig juridisch advies in te winnen, waardoor een minnelijke schikking tussen partijen kan worden gerealiseerd en gerechtelijke procedures kunnen worden vermeden.

      De cursus is niet alleen bedoeld voor studenten, maar kan eveneens nuttig zijn voor diegenen die reeds in het onderwijs werkzaam zijn en belangstelling hebben voor de juridische grondslagen en praktijk van het vakgebied.

      De studenten kunnen na het doorlopen van de cursus de basis juridische kennis over het onderwijsrecht in de praktijk toepassen waardoor zij in het onderwijs ook oog hebben voor andere verantwoordelijkheden dan de louter vakmatige.




      3. Inhoud

      De cursus wordt gegeven in de vorm van een cyclus van bijeenkomsten met voorbereidende taken.

      De cursus wordt afgesloten met een schriftelijk examen.

      De contactmomenten gaan door in het eerste semester.

      Voor hen voor wie dit tijdstip niet uitkomt zijn individuele afspraken mogelijk om de cursus op basis van zelfstudie te doen.

      Het is ook mogelijk om in overleg met de docent over een specifiek onderwerp een scriptie te schrijven.

      Centraal staat het overbrengen van een basis juridische kennis aan niet-juristen die actief zijn in het onderwijsveld wat hen in staat moet stellen een situatie in het onderwijs juridisch in te schatten, en indien vereist, tijdig juridisch advies in te winnen, waardoor een minnelijke schikking tussen partijen kan worden gerealiseerd en gerechtelijke procedures kunnen worden vermeden.

      Leerinhouden:   

      - Grondwet en grondrechten in het onderwijs,

      - Conflicten tussen grondrechten (vb. vrijheid van onderwijs versus gelijkheid),

      - Rechtsbescherming in het onderwijs,

      - Studievoortgang (leerplichtonderwijs, hoger onderwijs),

      - Toegang tot het onderwijs,

      - Orde- en tuchtreglement (leerlingen),

      - Hervormingen van het hoger onderwijs,

      - Personeelsbetwistingen,

      - Evaluatie van het personeel (leerplichtonderwijs, hoger onderwijs),

      - Aansprakelijkheid, deontologie (onderwijzend personeel).




      4. Werkvormen
      Contactmomenten:
    • Hoorcolleges

    • Eigen werk:
    • Oefeningen
    • Opdrachten:Individueel
    • Casussen: Individueel

    • Begeleide zelfstudie (eventueel met responsiecolleges)


      5. Evaluatievormen

      Examen:
    • Schriftelijk zonder mondelinge toelichting
    • Meerkeuzevragen
    • Open vragen


    • 6. Studiemateriaal

      6.1 Noodzakelijk studiemateriaal

      De nodige documenten worden op blackboard geplaatst.

       

      Voorafgaand aan de bijeenkomst dienen de studenten een probleemsituatie te analyseren aan de hand van het hun ter beschikking gestelde materiaal en vraagstelling. De docent bespreekt tijdens de contacturen samen met de studenten de oefenopgave en maakt hen daarbij vertrouwd met de op de casus van toepassing zijnde regelgeving.

      De studenten maken gebruik van het door de docent aangemaakt ‘wetboek onderwijsrecht’ waarvan zij gebruik kunnen maken op het examen. Het boek mag enkel met fluo ingekleurd worden. Het mag niet geannoteerd worden door de student.



      6.2 Facultatief studiemateriaal

      Het volgende studiemateriaal kan vrijblijvend bestudeerd worden.

      Tijdschrift voor Onderwijsrecht en Onderwijsbeleid




      7. Contactgegevens en begeleiding

      glauwers@me.com
      (+)laatste aanpassing: 28/06/2012 14:47 gracienne.lauwers  

      Internationalisering van opleiding en onderwijs
      Studiegidsnr:2044OIWIOO
      Vakgebied:Opl.- & onderwijswetenschappen
      Semester:1e semester
      Contacturen:14
      Studiepunten:3
      Studiebelasting:84
      Contractrestrictie(s):
      Instructietaal:Nederlands
      Examen:1e semester
      Lesgever(s)Gracienne Lauwers

       

      Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof


      1. Aanvangscompetenties

      Bij aanvang van dit opleidingsonderdeel dient de student over de volgende competenties te beschikken:

      • Competenties die corresponderen met de eindtermen van het secundair onderwijs

      Actieve beheersing van :
      • Nederlands
      Passieve beheersing van :
      • Frans
      • Engels
      • Een algemene kennis van het gebruik van een PC en het internet
      Specifieke aanvangscompetenties voor dit opleidingonderdeel:

      Er is geen specifieke voorkennis vereist.




      2. Eindcompetenties

      De studenten begrijpen de betekenis en het belang van de internationale dimensie in opleiding en onderwijs, en kunnen met de beginselen van internationalisering en europeanisering aan de slag in onder meer kwaliteitsbewaking en het uitwerken van leerinhouden in de eigen instelling of op beleidsvlak.




      3. Inhoud

      De internationale dimensie in opleiding en onderwijs wint aan belang door internationalisering en europeanisering en doorwerking ervan in onder meer kwaliteitsbewaking en leerinhouden.

      De focus van deel 1 van de cursus is de internationaalrechtelijke methodologie voor het afdwingen van de naleving van het recht op onderwijs en mensenrechten in het onderwijs en de rol van internationale organisaties waaronder UNESCO, VN, UNICEF, etc.

      De focus van deel 2 van de cursus is het beleid van de Europese Unie op het gebied van onderwijs.  Doordat in essentie onderwijs een nationale/regionale aangelegenheid blijft, kunnen onderwijsstelsels in Europa soms sterke onderlinge verschillen ondanks de doorwerking van beslissingen van Europese instellingen in die nationale/regionale onderwijsstelsels.

      Dergelijke verschillen (vergelijkend onderwijsbeleid) worden in deel 3 besproken aan de hand van case studies.

      Leerinhouden:

      - Internationale grondslagen ter bescherming van het recht op onderwijs en rechten in het onderwijs in UNESCO verdragen, VN verdragen, Raad van Europa conventies,

      - Toepassing van de principes vastgelegd in de verdragen en conventies op conflicten in het onderwijs (kostprijs, specifieke doelgroepen als vrouwen en meisjes, minderheden, personen met een handicap, vluchtelingen, kinderen in noodsituaties),

      - Europese samenwerking in onderwijs en training, mobiliteit van studenten en onderwijzend personeel, erkenning van diploma’s,

      - Internationalisering in het basisonderwijs, secundair onderwijs, hoger onderwijs, volwassenenonderwijs,

      - Onderwijs binnen de Lissabondoelstelling en binnen de opvolger van de Lissabonstrategie: ‘EU2020 strategie’ met de doelstellingen van een slimme groei (voor een economie op basis van kennis en innovatie), duurzame groei (voor een groenere, competitievere economie waarin efficiënter met hulpbronnen wordt omgesprongen), en inclusieve groei (voor een economie met veel werkgelegenheid en economische, sociale en territoriale cohesie), toegang tot de (internationale) arbeidsmarkt, bewaking van de kwaliteit van het onderwijs, samenwerkingsverbanden tussen onderwijs en bedrijfsleven, afstemmen van nationale kwalificatiekaders op de arbeidsmarktbehoeften.




      4. Werkvormen
      Contactmomenten:
    • Hoorcolleges
    • Seminaries

    • Eigen werk:
    • Casussen: Individueel

    • Begeleide zelfstudie (eventueel met responsiecolleges)


      5. Evaluatievormen

      Examen:
    • Schriftelijk zonder mondelinge toelichting
    • Meerkeuzevragen
    • Open vragen

    • Permanente evaluatie:
    • Casussen

    • Presentatie

      6. Studiemateriaal

      6.1 Noodzakelijk studiemateriaal

      De nodige documenten worden op blackboard geplaatst.

      De studenten maken gebruik van een door de docent aangemaakt n ormatieve bundel inzake 'internationalisering van het onderwijs', waarvan zij gebruik kunnen maken op het examen. Het boek mag enkel met fluo ingekleurd worden. Het mag niet geannoteerd worden door de student.



      6.2 Facultatief studiemateriaal

      Het volgende studiemateriaal kan vrijblijvend bestudeerd worden.
      De docent zal tijdens de les verwijzen naar de publicaties en verslagen die vrijblijvend kunnen doorgenomen worden.


      7. Contactgegevens en begeleiding

      glauwers@me.com
      (+)laatste aanpassing: 28/06/2012 14:43 gracienne.lauwers  

      ICT in opleiding en onderwijs
      Studiegidsnr:2045OIWICT
      Vakgebied:Opl.- & onderwijswetenschappen
      Semester:2e semester
      Contacturen:15
      Studiepunten:3
      Studiebelasting:84
      Contractrestrictie(s):
      Instructietaal:Nederlands
      Examen:2e semester
      Lesgever(s)Jozef Colpaert
      Katrien Cuyvers

       

      Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof


      1. Aanvangscompetenties

      Bij aanvang van dit opleidingsonderdeel dient de student over de volgende competenties te beschikken:
      Actieve beheersing van :
      • Nederlands
      Passieve beheersing van :
      • Engels
      Studenten worden verondersteld relevante wetenschappelijke literatuur in het Engels te begrijpen.
      • Een algemene kennis van het gebruik van een PC en het internet

      2. Eindcompetenties

      Dit opleidingsonderdeel bouwt verder op Intructioneel Design en focust op de rol van technologie bij het ontwerpen, ontwikkelen en implementeren van leeromgevingen. Het design van dit opleidingsonderdeel richt zich op het bijbrengen van de nodige ICT-kennis, ontwerpvaardigheden, inzicht in onderwijs- en opleidingssituaties en een gepassioneerde attitude bij de studenten.




      3. Inhoud

      Er zijn drie belangrijke invalshoeken: de onderwijskundige, de technologische en de ontwerpkundige invalshoek. Deze komen systematisch terug in de volgende hoofdcomponenten:

      -  Inleiding in ICT-typologie rond actuele thema’s door de docent, met voorbeelden uitgewerkt door de studenten op wiki en gepresenteerd in de les.

      -  Bespreking van een beperkt aantal modellen voor ICT-integratie (TPACK, Vier in Balans, TAM, EE-DD …): samenvatting op wiki en presentatie in de les door de studenten.

      -  Gezamenlijke bespreking van een aantal concrete cases in de les (rond lopende of recente projecten van de docent).

      - Afwerking van de individuele design-opdracht begonnen in het opleidingsonderdeel Instructioneel Design: toevoeging van de technologische layer.

      - Verplichte zelfstandige lectuur van een beperkt aantal beleidsdocumenten rond ICT in onderwijs en opleiding op Vlaams, federaal en Europees niveau.

      Voor het uitwerken en bespreken van de individuele en de groepsopdracht zal voldoende tijd worden uitgetrokken tijdens de contactmomenten.

      De evaluatie wordt gespreid over:

      - Peer-evaluatie: via de feedback op de wiki-pagina’s;

      - Permanente evaluatie: aanwezigheid, participatie, presentaties;

      - Bijdrage op wiki;

      - Schriftelijk examen.

      Gezien de beoogde eindcompetenties, zijn aanwezigheid, actieve inbreng en deelname aan groepswerk vereist.






      4. Werkvormen
      Contactmomenten:
    • Hoorcolleges
    • Oefeningensessies
    • Werkcolleges

    • Eigen werk:
    • Opdrachten:Individueel
    • Opdrachten:In groep

    • Faciliteiten voor werkstudenten
      Contactmomenten:
      • Oefeningensessies: groepsindeling vrij te kiezen
      • Practica: groepsindeling vrij te kiezen


      5. Evaluatievormen

      Examen:
    • Schriftelijk zonder mondelinge toelichting

    • Permanente evaluatie:
    • Oefeningen
    • Opdrachten
    • Medewerking tijdens de contactmomenten

    • Schriftelijk werkstuk:
    • met mondelinge toelichting

    • Presentatie

      6. Studiemateriaal

      6.1 Noodzakelijk studiemateriaal

      Zie Studiemateriaal op BB

      6.2 Facultatief studiemateriaal

      Het volgende studiemateriaal kan vrijblijvend bestudeerd worden.



      7. Contactgegevens en begeleiding

      Prof. dr. Jozef COLPAERT

      Universiteit Antwerpen   -   CST
      Venusstraat 35     -    Room 404        

      2000 Antwerpen      -    Belgium        

      Tel:         32 - (0)3 265 45 20         

      jozef.colpaert@ua.ac.be



      (+)laatste aanpassing: 25/01/2013 11:07 jozef.colpaert  

      Leren op de werkplek
      Studiegidsnr:2020OIWLOW
      Vakgebied:Opl.- & onderwijswetenschappen
      Semester:2e semester
      Contacturen:20
      Studiepunten:6
      Studiebelasting:168
      Contractrestrictie(s):Geen contractrestrictie
      Instructietaal:Nederlands
      Examen:2e semester
      Lesgever(s)David Gijbels
      Piet Van den Bossche
      Katrien Cuyvers

       

      Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof


      1. Aanvangscompetenties

      Bij aanvang van dit opleidingsonderdeel dient de student over de volgende competenties te beschikken:
      Specifieke aanvangscompetenties voor dit opleidingonderdeel:

      Dit opleidingsonderdeel bouwt verder op de kennis en inzichten uit volgende opleidingsonderdelen van het schakelprogramma:

      • De lerende organisatie: organisatiekunde
      • Kennismanagement
      • Bevorderen van leerprocessen in organisaties



      2. Eindcompetenties

      De volgende doelstellingen staan centraal:

      • De studenten verwerven inzicht in thema’s die centraal staan in recent onderzoek naar leren op de werkplek.
      • De studenten hebben inzicht in de resultaten van recent onderzoek naar een specifiek onderwerp in het onderzoeksdomein ‘leren op de werkplek’ en kunnen deze aanwenden om op basis van een sterkte/zwakte aanlyse suggesties ter verbetering te formuleren voor onderzoekers en mensen uit de praktijk.




      3. Inhoud

      Het vak start met een introductie in het veld van leren op de werkplek. Enerzijds gebeurt dit door de presentatie van een praktijk-verhaal, anderzijds door een college waar aandacht besteed wordt aan de redenen waarom werkplekleren een belangrijk onderwerp is in de huidige organisatie-context.

      Vervolgens wordt de recente werkplek-leren literatuur bestudeerd vanuit twee invalshoeken: (1) vanuit het perspectief van het leren van de werknemer, en (2) de voorwaarden waaraan de werkplek dient te voldoen om dit leren te stimuleren. In deze twee werk-sessies zullen studenten verschillende literatuurbronnen integreren.

      Het vak wordt afgesloten met twee voorbeelden van onderzoek naar leren op de werkplek. In de laatste werksessie wordt een praktijkcase geanalyseerd als voorbereiding op het examen.




      4. Werkvormen
      Contactmomenten:
    • Hoorcolleges
    • Seminaries

    • Eigen werk:
    • Opdrachten:Individueel
    • Opdrachten:In groep

    • Begeleide zelfstudie (eventueel met responsiecolleges)


      5. Evaluatievormen

      Schriftelijk werkstuk:
    • met mondelinge toelichting


    • 6. Studiemateriaal

      6.1 Noodzakelijk studiemateriaal



      6.2 Facultatief studiemateriaal

      Het volgende studiemateriaal kan vrijblijvend bestudeerd worden.
      Syllabus beschikbaar via Blackboard


      7. Contactgegevens en begeleiding

      david.gijbels@ua.ac.be
      piet.vandenbossche@ua.ac.be

      (+)laatste aanpassing: 16/02/2011 13:27 david.gijbels  

      Onderwijsfilosofie
      Studiegidsnr:2040OIWOWF
      Vakgebied:Opl.- & onderwijswetenschappen
      Semester:1e semester
      Contacturen:0
      Studiepunten:3
      Studiebelasting:84
      Contractrestrictie(s):
      Instructietaal:Nederlands
      Examen:1e semester
      Lesgever(s)Luc Braeckmans

       

      Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof


      1. Aanvangscompetenties

      Bij aanvang van dit opleidingsonderdeel dient de student over de volgende competenties te beschikken:

      • Competenties die corresponderen met de eindtermen van het secundair onderwijs

      Actieve beheersing van :
      • Nederlands
      Passieve beheersing van :
      • Frans
      • Engels
      • Een algemene kennis van het gebruik van een PC en het internet
      Specifieke aanvangscompetenties voor dit opleidingonderdeel:
      De competenties eigen aan een bacheloropleiding in de onderwijswetenschappen of een equivalente opleiding.


      2. Eindcompetenties

      De student is in staat een wijsgerig discours over onderwijs te lezen, te interpreteren en toe te passen. 


      3. Inhoud

      De colleges besteden aandacht aan de veelal taciete waarden en normen die in onderwijs een rol spelen. Daarnaast wordt de band geëxploreerd tussen persoonlijkheidsontwikkeling en ethiek, wordt het concept 'persoon' toegelicht, en wordt een wijsgerige reflectie ontwikkeld over de problematieken van ongelijkheid tussen mensen, uitsluiting en selectie. Op het einde van de colleges wordt getoond hoe op een concreet schoolsysteem een ethische audit kan worden toegespast.




      4. Werkvormen
      Contactmomenten:
    • Hoorcolleges
    • Oefeningensessies
    • Vaardigheidstrainingen

    • Eigen werk:
    • Opdrachten:Individueel
    • Opdrachten:In groep
    • Casussen: Individueel
    • Casussen: In groep
    • Scriptie: Individueel



    • 5. Evaluatievormen

      Examen:
    • Mondeling met schriftelijke voorbereiding
    • Open boek
    • Open vragen

    • Schriftelijk werkstuk:
    • met mondelinge toelichting

    • Presentatie

      6. Studiemateriaal

      6.1 Noodzakelijk studiemateriaal

      Het studiemateriaal wordt gedurende de contactmomenten door de docent ter beschikking gesteld.

      6.2 Facultatief studiemateriaal

      Het volgende studiemateriaal kan vrijblijvend bestudeerd worden.



      7. Contactgegevens en begeleiding

      Luc Braeckmans

      UA -Studentenhome 'Ten Prinsenhove'

      Koningstraat 8

      BE - 2000 Antwerpen

      T.: 00 32 3 265 46 60.

      E.: Luc.Braeckmans@ua.ac.be.


      (+)laatste aanpassing: 08/09/2012 00:48 luc.braeckmans