Personen | Personen nieuwe site | Google | Route | Contact Login 
Opleidingsonderdelen 2012-2013  
    
Te behalen diploma
Om het diploma van master of Science in de veiligheidswetenschappen te behalen moet de student
  • ingeschreven zijn voor deze opleiding onder een diplomacontract of examencontract met het oog op het behalen van een diploma
  • alle examens hebben afgelegd die horen bij zijn/haar opleidingsprogramma
  • zich voor dat opleidingsprogramma geregistreerd hebben bij de examencommissie
  • tenminste 120 studiepunten hebben verworven.
De opleiding heeft een studieomvang 120 studiepunten.
Per academiejaar worden in een modeltraject tussen 54 en 66 studiepunten opgenomen.
Toelatingsvoorwaarden
Rechtstreeks: academische bachelor of master in de studiegebieden toegepaste economische wetenschappen, politieke en sociale wetenschappen, wetenschappen en toegepaste biologische wetenschappen, academische bachelor of master in de criminologische wetenschappen en in de psychologie, master in de rechten, in de geneeskunde, in de milieuwetenschap en in het milieu- en preventiemanagement, master in het studiegebied industriële weten­schappen en technologie; personen met minstens twee jaar werkervaring in één of meerdere domeinen van veiligheid en een academische bachelorsopleiding.

Mits schakelprogramma: professionele bachelor in de integrale veiligheid (Plantijn Hogeschool of Avans Hogeschool), professionele bachelor in de maatschappelijke veiligheid (Katho Kortrijk); personen met minstens twee jaar werkervaring in één of meerdere domeinen van veiligheid en een professionele bachelorsopleiding.

Mits voorbereidingsprogramma: elke academische bachelor waar er in het programma geen statistische onder­zoeksvaardigheden aan bod komen; personen met minstens twee jaar werkervaring in één of meerdere domeinen van veiligheid en een academische bachelorsopleiding waarin geen statistische onderzoeksvaardigheden aan bod komen.
Doelstellingen - eindtermen

De algemene doelstellingen van de opleiding tot master in de Veiligheids­wetenschappen bestaan erin om zowel voor veiligheid/welzijn, beveiliging, milieu, kwaliteit en sociale veiligheid:

  • studenten te brengen tot een gevorderd niveau van wetenschappelijke kennis, vaardigheden en inzichten omtrent veiligheid; 
  • hen hierdoor in staat te stellen om in de beschouwde domeinen op een deskundige en waardenbewuste manier te functioneren in de verschillende sectoren van de arbeidsmarkt waartoe de opleiding toegang verleent; 
  • hen in staat te stellen om uitgaande van bestaande kennis gegenereerd via wetenschappelijk onderzoek en mits de nodige kritische ingesteldheid nieuwe, originele en innovatieve bijdragen en verbeteringen te leveren aan de kennis­maatschappij.

De beoogde leerresultaten vertalen zich voor de studenten in competenties inzake kennis, vaardigheden en attitudes. De competenties hebben een sterke affiniteit met het wetenschappelijk onderzoek in de beschouwde domeinen van veiligheid.
De afgestudeerden van de master in de Veiligheidswetenschappen zullen de volgende leerresultaten beheersen:

  1. De afgestudeerde kent de verschillende veiligheidstheorieën, waaronder de – op de schadetheorie geënte - interdisciplinaire veiligheidstheorie van Viaene. Hij/zij kan deze theorieën situeren, kaderen en toepassen op de vijf domeinen van veiligheid. 
  2. De afgestudeerde heeft een fundamentele kennis van de basisbegrippen, theorieën en methoden voor de juridische, medische, economische, technologische, psychologische, organisatorische, criminologische en sociologische wetenschappen die relevant zijn voor de vijf domeinen in veiligheid. Hij/zij is in staat om de kennis uit de verschillende disciplines samen te brengen.
  3. De afgestudeerde heeft inzicht in recente ontwikkelingen (juridisch, medisch, economisch, technologisch, psychologisch, organisatorisch, criminologisch en socio­logisch) aangaande veiligheidsvraagstukken en weet die te plaatsen in de hedendaagse, nationale, Europese en internationale beleidscontext. 
  4. De afgestudeerde is in staat om zijn verworven kennis en inzichten te ontwikkelen en toe te passen op een concreet nationaal, Europees en internationaal veiligheids­vraagstuk. 
  5. De afgestudeerde is in staat om vlot wetenschappelijke informatie (literatuur en ander bronnenmateriaal) inzake veiligheidsvraagstukken te verzamelen, kritisch te verwerken en erover te reflecteren, met de bedoeling deze te gebruiken om veiligheidsproblemen op te lossen en de oplossing(en) te communiceren. 
  6. De afgestudeerde kan zelfstandig een wetenschappelijk onderzoek over een veiligheidsvraagstuk opzetten en uitvoeren. Hij/zij kan een probleemstelling formu­leren, een onderzoeksplan opstellen, het onderzoek projectmatig uitvoeren en ontwikkelen, de resultaten synthetiseren en kritisch evalueren, en hierover rapporteren. 
  7. De afgestudeerde heeft het vermogen interdisciplinair, integraal en toekomstgericht te denken en te handelen. Hij/zij kan nieuwe ideeën en inzichten inzake veiligheid ontwikkelen uit bestaande, door wetenschappelijk onderzoek gegenereerde kennis, en is in staat duurzame oplossingsrichtingen te ontwikkelen, aan te reiken en te bediscussiëren. 
  8. De afgestudeerde kan zelfstandig en in een multidisciplinair team werken. Hij/zij beschikt over de vereiste sociale en communicatieve vaardigheden om een leidinggevende veiligheidsfunctie op te nemen in het bedrijfsleven of bij de overheid en zijn/ haar kennis inzake veiligheid door te geven. 
  9. De afgestudeerde is communicatief ingesteld, zowel mondeling als schriftelijk. Hij/zij is in staat actief te luisteren. Hij/zij is in staat om zijn/ haar bevindingen, kennis en ervaring over zijn/ haar veiligheidsonderzoek duidelijk en bevattelijk te rapporteren aan een wetenschappelijk publiek van vakgenoten, maar ook aan een ruimer publiek van beleidsmakers, opdrachtgevers en personen op de werkvloer en hierover in debat te kunnen treden. 
  10. De afgestudeerde heeft een gedreven en dynamische houding en is in staat om proactief te denken en te handelen. Hij/zij toont dat hij/ zij te allen tijde verantwoordelijkheid kan opnemen. 
  11. De afgestudeerde heeft een open, creatieve en kritische geest en attitude die gericht is op een professionele benadering en toepassing van zijn kennis en inzicht in veiligheid. Hij/zij kan leren van anderen om zo tot de beste oplossing (best practice) te komen. 
  12. De afgestudeerde staat open voor nieuwe ideeën. Hij/zij kan reflecteren over het eigen denken en werken met als doel tot vernieuwing, alternatief handelen en/of adequate oplossingen inzake veiligheidsvraagstukken te komen. 
  13. De afgestudeerde staat open voor een culturele context, wetenschappelijke bevin­dingen en discussies, levenslang en levensbreed leren, maatschappelijke signalen en veranderingen.
  14. De afgestudeerde heeft het vermogen zijn kennis en inzichten te integreren en ethisch verantwoord toe te passen in de context van duurzame ontwikkeling en het maat­schappelijk verantwoord en betrokken ondernemen.

Toegang tot verdere studies
Een masterdiploma geeft toegang tot master-na-masteropleidingen, afhankelijk van de specifieke toelatingsvoorwaarden voor een bepaalde master-na-masteropleiding.
Eindexamen

Het eindtotaal van een student is een gewogen gemiddelde van de examenresultaten die de student behaalde op alle opleidingsonderdelen van zijn/haar opleidingsprogramma.

Voor het berekenen van het eindtotaal worden de studiepunten van de corresponderende opleidingsonderdelen gebruikt als gewichten van de examenresultaten.

Het eindtotaal wordt uitgedrukt in gehele punten op 100.

Een student die een eindtotaal van minder dan 50 op 100 heeft behaald, kan nooit geslaagd worden verklaard.

Een student is geslaagd voor het geheel van zijn/haar opleiding als hij/zij voor alle opleidingsonderdelen van zijn/haar opleidingsprogramma een creditbewijs heeft behaald.

Voor meer informatie zie het Onderwijs- en Examenreglement.