Start | Personen | Google | Route | Contact | AfdrukkenLogin 
Master Biomedische Wetenschappen  
    
Inleiding in de didactiek (3sp – sem 1)
In deze cursus komen de basiscomponenten van de onderwijskunde aan bod. De focus ligt op de opdracht van de leraar als begeleider van leer- en ontwikkelingsprocessen. Er is aandacht voor de basiscompetenties van de leraar secundair onderwijs, de onderwijsvisie van de leraar, de lesvoorbereiding, de beginsituatie van de leerlingen, didactische principes, doelstellingen, leerinhouden, werkvormen, groeperingsvormen, media, leerprocessen, evaluatie, ordeproblemen, klasdynamieken en sociometrie. In de cursus leren de studenten deze componenten binnen een klassieke onderwijssituatie onderscheiden en herkennen en beoordelen.
Didactiek natuurwetenschappen (3sp – sem 1)
De basismodule Didactiek Natuurwetenschappen vormt samen met een uitbreidingsmodule Vakdidactiek Biologie of Chemie één geheel. Hierbij wordt, vanuit een spiraalvormige ordening van leerinhouden, gewerkt aan de nodige competenties om op een didactisch verantwoorde wijze een les (natuur)wetenschappen voor te bereiden en te geven. Vandaar dat sommige competenties, alsmede de inhouden die daaraan gekoppeld worden, aan bod komen in beide modules. De uitbreidingsmodules zorgen echter voor de nodige verdieping en verbreding binnen een specifieke vakdidactiek.
Leren wordt in beide modules steeds gezien als het actief verwerken van aangeboden informatie tot nieuwe kennis, en dit op basis van voorkennis. De implicaties van deze visie voor het onderwijs van exacte vakken loopt als een rode draad doorheen de diverse onderdelen van cursus.
 
Volgende topics komen aan bod:
  1. Het leren van wetenschappen: resultaten en inzichten van onderwijsonderzoek m.b.t. het leren van en de instructie in wetenschappen
  2. Visie op het onderwijs (natuur)wetenschappen in Vlaanderen
  3. Bepalen van leerinhouden
  4. Doelstellingen
  5. Concretisering van didactische werkvormen binnen wetenschappen
  6. Het maken van een lesvoorbereiding
  7. ICT en nieuwe media
  8. Evalueren (Formele toetsen – Productevaluatie, Procesevaluatie)

Didactiek biologie (3sp – sem 1)

De basismodule Didactiek van natuurwetenschappen en de uitbreidingsmodule Vakdidactiek biologie vormen één geheel. Hierbij wordt gewerkt aan de nodige competenties om op een didactisch verantwoorde wijze een les biologie voor te bereiden en te geven. Vandaar dat sommige competenties aan bod komen in beide modules. De uitbreidingsmodule zorgt echter voor de nodige verdieping en verbreding binnen de specifieke vakdidactiek.
 
De volgende topics komen onder meer aan bod, afhankelijk van de gekozen vakdidactiek (biologie of chemie):
1. De plaats van en de visie op het vak biologie binnen het Vlaamse secundair onderwijs.
2. De operationalisering van de doelstellingen in de klaspraktijk via de keuze en ordening van leerinhouden (vakgebonden eindtermen/leerplannen/schoolboeken), met inbegrip van de problematiek van de jaarplanning.
3. Kiezen van de juiste instap.
4. De analyse van de formele structuur van de biologie (conceptuele structuur, biologische generalisaties en benaderingswijzen typisch voor de biologie), die de basis vormt voor leerstofanalyse en lesopbouw.
5. Analyse van de beginsituatie van de leerlingen in hun relatie tot het vak biologie en vakoverschrijdend (voorkennis, sociale en motivationele factoren), differentiatie en motivatie van leerlingen
6. Keuze van werkvormen op grond van de fase van het leerproces. Naast de klassieke werkvormen (reeds behandeld in de basismodule) wordt vooral de nadruk gelegd op  vakspecifieke didactische werkvormen (demonstratie- en leerlingenpractica, excursies en veldbiologische technieken, groepswerk –projectwerk, probleemgestuurd leren,…).
7. Vakdidactische concepten (modellen, analogieën, concept maps, cartoons, misconcepties, voorbeeldoefeningen,….)
8. Didactische hulpmiddelen typisch voor het biologie onderwijs (bronnen voor het construeren en stofferen van biologielessen, organisatie van vaklokaal, leermiddelen)
9. Biologie en vakoverschrijdende eindtermen.
10. Het gebruik en de functie van nieuwe media en ICT binnen het biologie onderwijs (werken met applets, bruikbare websites, transparanten)
11. De rol van taal in de wetenschappelijke begripsvorming.
Oefenlessen (3sp – sem 1)
De oefenlessen sluiten aan bij de vakdidactiek die de student gekozen heeft. Ze worden begeleid door de vakdidacticus en de praktijkassistent(en). Oefenlessen verwijzen naar lessen die studenten aan de universiteit aan medestudenten of leerlingen secundair onderwijs geven. Deze lessen moeten voorbereid worden en worden achteraf besproken. Studenten wonen ook de lessen van collega-studenten bij en nemen actief deel aan de nabespreking. De aanwezigheid en een actieve inbreng van de studenten is dus vereist, zowel wanneer ze zelf les geven als wanneer collega-studenten les geven. Studenten leren gericht observeren, reflecteren en hun bevindingen achteraf structureren (bv. in een logboek). De concrete invulling van dit opleidingsonderdeel en de gebruikte methodieken zijn aangepast aan de gekozen vakdidactiek(en): geven van volledige lessen of mini-lessen en/of inoefenen van deelvaardigheden,  geven van practica, individueel en/of in groep les geven, ...
Leerlingenbegeleiding (3sp – sem 2)
In dit opleidingsonderdeel worden de volgende topics behandeld. Ten eerste komt het volledige veld van de leerlingenbegeleiding aan bod: er wordt gewerkt rond socio-emotionele begeleiding ‘leren leven’, studiekeuzebegeleiding ‘leren kiezen’ en leerbegeleiding ‘leren leren’. De aandacht wordt gericht op de partners in de zorg om leerlingen: het drie lijnen model en het zorgbeleid van de school worden behandeld. Vervolgens worden gesprekstechnieken zoals actief luisteren en het slecht nieuwsgesprekken ingeoefend. Daarnaast worden geïntegreerd onderwijs (GON), inclusief onderwijs en multidisciplinair overleg nader bekeken. Ten slotte wordt ingezoomd op leerlingen die specifieke zorgen nodig hebben. De opdrachten bij dit opleidingsonderdeel sluiten aan bij de inleefstage.
Inleefstage (3sp – sem 2)
Tijdens de inleefstage maken de studenten kennis met een breed spectrum van activiteiten, inherent aan het leraarsberoep. Naast observatie van het lesgeven (micro-niveau) gaat aandacht naar activiteiten op het niveau van de school (meso-niveau) en hoe de school als organisatie omgaat met richtlijnen van de overheid (macro-niveau). Wanneer de studenten lessen observeren, ligt de klemtoon op het opmerken van de interactie tussen leraar en leerlingen, van de leefwereld van de adolescent, van het hanteren van activerende werkvormen, enz. Activiteiten op schoolniveau betreffen onder meer deelname aan vak(overschrijdend) overleg, toezicht op de speelplaats, bijwonen van een klassenraad of oudercontact, enz. De studenten bestuderen ook de schoolcontext via bv. het schoolwerkplan, het beleid dat de school voert op het gebied van leerlingenbegeleiding, het participatiebeleid van de school, enz. en dit vanuit de decretale richtlijnen ter zake.
Studenten doorlopen hun inleefstage in één secundaire school. Afhankelijk van het aanbod van de school wordt er van zoveel mogelijk contexten (onderwijsvormen, studierichtingen, klassen) geproefd. De meerwaarde van de inleefstage ligt in de ervaringen die studenten opdoen in voor hen minder bekende onderwijs- en leersettings en waardoor ze hun blik verruimen.
Keuzevakken specifieke lerarenopleiding (12sp – keuze - sem 3)
Er worden vier vakken gekozen uit het volgende aanbod van vakken van ieder 3 studiepunten:
- Onderwijsorganisatie en -beleid
- Instapstage
- Didactiek chemie
- Klasmanagement
- Onderwijs aan achtergestelden
- Taal en leren

 
Inhoudsverantwoordelijke(n) : ann.meulemans frans.vanmeir