Start | Personen | Google | Route | Contact | AfdrukkenLogin 
Frank Willaert  
    
Cursusinformatie

Middelnederlandse letterkunde
Studiegidsnr:2001FLWTLN
Vakgebied:Letterkunde
Semester:2e semester
Contacturen:45
Studiepunten:6
Studiebelasting:168
Contractrestrictie(s):Niet te volgen onder examencontracten
Instructietaal:Nederlands
Examen:2e semester
Lesgever(s)Frank Willaert
Bram Caers

 

Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof


1. Aanvangscompetenties

Bij aanvang van dit opleidingsonderdeel dient de student over de volgende competenties te beschikken:
Actieve beheersing van :
  • Nederlands
Passieve beheersing van :
  • Frans
  • Engels
  • Duits
  • Een algemene kennis van het gebruik van een PC en het internet
Specifieke aanvangscompetenties voor dit opleidingonderdeel:
Vaardigheid in het lezen van Middelnederlands en in het zelfstandig verrichten van onderzoek over een onderwerp uit de oudere Nederlandse letterkunde; bereidheid om secundaire literatuur te lezen in het Engels, Frans en Duits; vaardigheid in mondelinge en schriftelijke verslaggeving van eigen onderzoek.




2. Eindcompetenties

Aan het einde van de cursus heb je kennis verworven over laatmiddeleeuwse processiecultuur, in het bijzonder in de stad Mechelen. Je hebt geleerd hoe je hierover literatuur kunt vinden en verwerken. Je hebt archivalische bronnen leren lezen, transcriberen en interpreteren. Je hebt je mondelinge en schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid op academisch niveau vergroot.


3. Inhoud


Laatmiddeleeuwse processiecultuur in de stad Mechelen
In de late middeleeuwen vonden in Mechelen, net zoals in andere steden, jaarlijks processies plaats ter ere van de patroonheilige of ter gelegenheid van religieuze feesten. Deze groeiden uit tot hoogdagen van de stedelijke rituele cultuur, waarop verenigingen in vol ornaat door de straten trokken. De processies gingen gaandeweg gepaard met muziek en toneel, en voor de decoratie werden schilders en timmerlieden aan het werk gezet.  
Hoewel de Mechelse processies in E. van Autenboers studie Volksfeesten en rederijkers te Mechelen (1400-1600) een belangrijke plaats innemen, zijn de laatmiddeleeuwse stadsrekeningen die veel informatie bevatten over dit onderwerp nog niet systematisch ontsloten. Bovendien heeft het onderzoek naar de laatmiddeleeuwse processiecultuur in de Lage Landen in de voorbije decennia door het werk van Bart Ramakers, Herman Pleij, Wim Hüsken en anderen grote vooruitgang gemaakt, waarbij onder andere de vragen in hoeverre en op welke wijze deze manifestaties een stedelijk of burgerlijk zelfbewustzijn tot uiting brachten en het samenhorigheidsgevoel onder de burgers bevorderden een centrale plaats innemen.
In dit college willen we in de eerste plaats de informatie over de laatmiddeleeuwse Mechelse processiecultuur die in de stadsrekeningen te vinden is, inventariseren, uitgeven en interpreteren. We zullen ons daarbij laten inspireren door het grote Records of Early English Drama (REED)-project ( www.reed.utoronto.ca) . Vervolgens zullen we nagaan wat deze en andere bronnen (kronieken, ledenlijsten…) alsook de secundaire literatuur ons leren over de bestuurlijke en religieuze organisatie van de Mechelse processies, de volgorde van de deelnemende groepen, de route, de voorgestelde taferelen, de aanwezigheid van muziek en toneel, de uitgenodigde hoogwaardigheidsbekleders enzovoort. Vooral de Sint-Romboutsprocessie die elk jaar op Pasen uitging zal hier centraal staan.
Om dit onderzoek goed uit te voeren zal een geregeld bezoek aan het Mechelse stadsarchief - individueel en in groep - onontbeerlijk zijn. Het archief heeft ons hiervoor alle steun toegezegd. Ook zullen we kunnen rekenen op de hulp van dr Wim Hüsken, conservator van de Stedelijke Musea Mechelen en een van de grote kenners van het onderwerp. Deze cursus staat in nauwe samenhang met het grote onderzoeksproject, 'Meervoudige identiteiten in een laatmiddeleeuwse en vroegmoderne stad: de casus Mechelen (1450-1580)' dat op het ogenblik aan de UA wordt uitgevoerd. De studenten zullen in staat gesteld worden met enkele medewerkers aan dat project kennis te maken en een van hen, Bram Caers, zal de werkzaamheden van bij het begin mee begeleiden. Het college bouwt voort op een gelijkaardig seminarie dat in 2011-12 plaatsvond en zal zich hoofdzakelijk richten op rekeningen en bronnen uit de vijftiende eeuw.



4. Werkvormen
Contactmomenten:
  • Seminaries

  • Eigen werk:
  • Opdrachten:Individueel
  • Opdrachten:In groep
  • Scriptie: Individueel

  • Excursie
    Projectwerk:
  • In groep



  • 5. Evaluatievormen

    Permanente evaluatie:
  • Opdrachten

  • Schriftelijk werkstuk:
  • zonder mondelinge toelichting

  • Presentatie

    6. Studiemateriaal

    6.1 Noodzakelijk studiemateriaal

    Dit zal in de loop van het college ter beschikking worden gesteld.


    6.2 Facultatief studiemateriaal

    Het volgende studiemateriaal kan vrijblijvend bestudeerd worden.

    Alexandra F. Johnston & Wim Hüsken (red.), Civic Ritual and Drama . Amsterdam 1997.

    B.A.M. Ramakers, Spelen en figuren. Toneelkunst en processiecultuur in Oudenaarde tussen Middeleeuwen en Moderne Tijd . Amsterdam 1996.

    E. van Autenboer, Volksfeesten en rederijkers te Mechelen (1400-1600). Gent 1962.



    7. Contactgegevens en begeleiding

    frank.willaert@ua.ac.be

     


    (+)laatste aanpassing: 01/05/2012 00:32 frank.willaert  

     
    Inhoudsverantwoordelijke(n) : frank.willaert