Deze cursusinformatie is bedoeld om de student te ondersteunen bij het verwerken van de leerstof
1. AanvangscompetentiesBij aanvang van dit opleidingsonderdeel dient de student over de volgende competenties te beschikken:
Actieve beheersing van :
- Een algemene kennis van het gebruik van een PC en het internet
Specifieke aanvangscompetenties voor dit opleidingonderdeel:
- Eindcompetenties van een academische bacheloropleiding;
- Adequate taalvaardigheid in het Algemeen Nederlands, zowel mondeling als schriftelijk;
De student moet de volgende opleidingsonderdelen afgewerkt hebben of gelijktijdig volgen met de instapstage:
-
Inleiding in de didactiek (tot academiejaar 08-09: Inleiding in de onderwijskunde);
-
Didactiek van de vakken die in de instapstage aan bod komen;
-
Oefenlessen;
-
Inleefstage.
2. Eindcompetenties
De eindcompetenties sluiten aan bij de basiscompetenties (kennis, vaardigheden en attitudes) van de leraar secundair onderwijs, zoals uitgeschreven door de Vlaamse Regering en gegroepeerd volgens 10 functionele gehelen (http://www.ond.vlaanderen.be/edulex/database/document/document.asp?docid=13952#245903). De basiscompetenties die prioritair aan bod komen tijdens de instapstage horen bij de volgende functionele gehelen:
- De leraar als begeleider van leer- en ontwikkelingsprocessen;
- De leraar als opvoeder;
- De leraar als inhoudelijk expert;
- De leraar als organisator.
De attitudes die prioritair aan bod komen, zijn beslissingsvermogen en flexibiliteit.
3. Inhoud
In deze vakbeschrijving worden alleen de belangrijkste principes beschreven. Voor meer informatie verwijzen we naar de Wegwijzer Instapstage in het Vademecum praktijkcomponent.
Tijdens de instapstage maak je op het terrein kennis met het functioneren als vakleraar. Ze sluit daarom aan bij de vakdidactiek(en) die je gekozen hebt. Als je twee vakdidactieken gekozen hebt, doe je de instapstage voor je eerste vakdidactiek.
De stage gebeurt in één school. Je wordt toegewezen aan een stageschool in functie van de beschikbaarheid van stagescholen en rekening houdend met een aantal eigen desiderata.
De instapstage bevat een groot onderdeel observeren. Je voert 6 observaties uit, waarbij je telkens een van de observatieopdrachten uit de wegwijzer uitvoert. Je geeft ook een beperkt aantal (4) lessen.
De begeleiding op de stagescholen gebeurt door een vakmentor. Vanuit de universiteit word je begeleid en opgevolgd door de vakdidacticus en de praktijkassistenten. Voor de instapstage stel je een stagemap samen. De evaluatie van de instapstage gebeurt door de vakdidacticus, die zich een totaalbeeld vormt van de stage op basis van informatie van de mentoren en van jezelf.
Bij wijze van pilootproject doen de studenten met eerste vakdidactiek Engels of Gedrags- en cultuurwetenschappen hun instapstage in duo.
4. WerkvormenStage
5. EvaluatievormenStage-evaluatie
6. Studiemateriaal6.1 Noodzakelijk studiemateriaal
- Wegwijzer Instapstage
- Referentiewerken, schoolboeken en leerplannen secundair onderwijs voor het betreffende vak
- Leermaterialen uitgewerkt door de vakmentor
6.2 Facultatief studiemateriaalHet volgende studiemateriaal kan vrijblijvend bestudeerd worden.
Nihil
7. Contactgegevens en begeleidingzie Wegwijzer instapstage in het Vademecum praktijkcomponent
(+)laatste aanpassing: 07/07/2011 16:20 johan.deprez