|
Kris Humbeeck (1962) is gewoon hoogleraar Moderne Nederlandse literatuur & Algemene literatuurwetenschap en directeur van het L.P. Boondocumentatiecentrum (ISLN).
Huidige onderwijsopdracht:
Behalve het verplichte literatuurvak Literatuuropvattingen en filosofie (BA3) biedt Kris Humbeeck binnen de opleiding Taal- en letterkunde diverse vakken aan voor de studenten Nederlands (BA2 en MA) en TFL (BA3). Daarnaast is hij co-docent van twee basisvakken in de MA-opleiding Literatuur van de moderniteit, die hij coördineert.
Huidige onderzoekszwaartepunten:
- de poëtica van Louis Paul Boon in Europees perspectief
- de verzamelde correspondentie (incl. tegencorrespondentie) van Louis Paul Boon
- de wisselwerking Vlaamse Beweging, literatuur en maatschappij
- de verzamelde correspondentie (incl. tegencorrespondentie) van Paul van Ostajjen
- uitgeverijonderzoek, in het bijzonder de fondsopbouw en politiek van (literaire) uitgeverijen in Vlaanderen tijdens de bezetting
- de representatie van moderne technische objecten en de grote stad in literatuur
Publicaties:
Behalve over over het deconstructivisme, over de representatie van de trein in de literatuur en over Louis Paul Boon publiceerde Humbeeck langere bijdragen over onder anderen Nicolaas Beets, Conrad Busken Huet, Gustaaf Vermeersch, Paul van Ostaijen, Filip De Pillecyn, Gerard Walschap en Hugo Claus. Onder zijn wetenschappelijke leiding bezorgt een team van tekstediteurs van de Universiteit Antwerpen in samenwerking met collega's van de Universiteit Gent en de Radboud Universiteit Nijmegen het door De Arbeiderspers uitgegeven Verzameld Werk van Louis Paul Boon, waarvan tot op heden elf delen zijn verschenen:

Eerder was Humbeeck co-editor van L.P. Boon, Het literatuur- en kunstkritische werk (5 delen), van de bloemlezing Het recht van vervormen, van de correspondentie tussen Boon en Richard Minne (Wanneer van u nog eens een minne-briefje?) en van de 'werkuitgaven' van De voorstad groeit, Mijn kleine oorlog, De Kapellekensbaan (diverse herdrukken) en Zomer te Ter-Muren.
Daarnaast tekende Humbeeck voor de nawoorden bij een reeks herdukken van Boons werk...

..., publiceerde hij een drietal aan deze schrijver gewijde studies in boekvorm: Louis Paul Boon en de fabrieksstad Aalst (1999), Onder de giftige rook van Chipka (1999) en Album Louis Paul Boon (2008)...

...en was hij co-auteur van Louis Paul Boon: een schilder ontspoord (1993), Hij was een zwarte: over oorlog en collaboratie (2003) en Ossenspier met Suikerbonen: culinaire anthologie van de Vlaamse Beweging (2006):

Samen met Francine Smink schreef hij op basis van uitvoerig onderzoek naar de ervaringen in het literaire veld van Vlaamse en Nederlandse literaire vertalers (naar het Nederlands) het door de Nederlandse taalunie bestelde rapport Literair vertalen: van twee kanten bekeken (2008).
Voorts was Kris Humbeeck co-editor van de opstellenbundels De/constructie: diergaerde voor kinderen van nu (1987), (Dis)continuities: Essays on Paul de Man (1989), Louis Paul Boon, schrijver (1989), Schrikkelijk spoorwegongeluk (1991), Er waart een spook door 't huis: 9 opstellen over Donatien Alphonse François de Sade (1993), De grenzen van het (post)moder-nisme (1999) en Literatuur en crisis: de Vlaamse en de Nederlandse letteren in de jaren dertig (in druk):

Aanvullende informatie:
Kris Humbeeck was redacteur van het letterkundig tijdschrift Restant (1986-1994 en van het Jaarboek voor Literatuurwetenschap (2001-2004), hij was stichtend redacteur van het tijdschrift voor de Boonstudie De kantieke schoolmeester (1991-1996).
Humbeeck was in 1999 verantwoordelijk voor het concept en de wetenschappelijke begeleiding van de door de stad Aalst georganiseerde overzichtstentoonstelling Fabrieksstad Aalst: Louis Paul Boon. Hij is thans curator van de dubbeltentoonstelling Boon 2012! Villa Isengrimus (Letterenhuis Antwerpen) en Boon 2012! Rebellen (stedelijk museum 't Gasthuys, Aalst: ) die dit Boonjaar schraagt.
Kris Humbeeck is bestuurslid van het Gerard Walschapgenootschap en ondervoorzitter alsmede vertegenwoordiger voor Vlaanderen van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde te Leiden.

|